Wetenschap - 1 januari 1970

Opgeheven Wageningse opleidingen waren te gemakkelijk

Opgeheven Wageningse opleidingen waren te gemakkelijk

Opgeheven Wageningse opleidingen waren te gemakkelijk


Afgestudeerden van de voormalige opleiding Huishoud- en
consumentenwetenschappen spreken een hard oordeel uit over hun opleiding in
de WO-Monitor van 2003, een tweejaarlijks onderzoek van de verenigde
universiteiten. Bijna driekwart van de vijftien respondenten vond de
opleiding te gemakkelijk en ruim de helft zou in de herkansing voor een
andere studie kiezen. Vanwege het lage aantal respondenten kan echter niet
met zekerheid gezegd worden dat deze uitkomst representatief is voor alle
afgestudeerden van die studierichting.

De WO-Monitor is een tweejaarlijks onderzoek van de verenigde
universiteiten onder Nederlandse afgestudeerden op de arbeidsmarkt. Er
waren 275 Wageningse ingenieurs onder de respondenten. Over het algemeen
wijken hun ervaringen niet veel af van het beeld dat de Nederlandse
afgestudeerden samen geven van hun positie op de arbeidsmarkt en van hun
mening over het genoten onderwijs. Tussen de Wageningse opleidingen
onderling zijn wel verschillen te zien.
Naast de studie Huishoud- en consumentenwetenschappen krijgen ook de
voormalige opleidingen Bosbouw, Tropisch landgebruik, Rurale
ontwikkelingsstudies en Landinrichtingswetenschappen van de respondenten
het predikaat 'te gemakkelijk'. Een deel van de geënquêteerden lijkt het
daarmee eens te zijn met Anne Willem Kist, voorzitter van het college van
bestuur van de Universiteit Leiden, die in een interview in de Volkskrant
van zaterdag 30 augustus zei dat universitaire opleidingen zwaarder moeten
worden.
Prof. Kees de Hoog, van de leerstoelgroep Sociologie van consumenten en
huishoudens, is het niet eens met Kist. De moeilijkheidsgraad van het
universitaire onderwijs is volgens hem niet het probleem. ,,Dat het vroeger
allemaal beter was is voor een deel gewoon oudemannenpraat. Het probleem is
vooral dat we mensen toelaten die eigenlijk niet geïnteresseerd zijn in
wetenschap.'' Volgens de Hoog is het onmogelijk conclusies te trekken uit
de resultaten van de WO-Monitor die betrekking hebben op Wageningen,
vanwege het lage aantal Wageningse respondenten.
De genoemde opleidingen zijn intussen opgeheven of in een andere vorm en
onder een andere naam verder gegaan. Dat neemt niet weg dat de
geënquêteerden afstudeerden in 2000 of 2001 in een studierichting die naar
eigen zeggen te gemakkelijk was. De betreffende opleidingen scoorden ook
laag op andere punten. Zo geven Bosbouwers en Huishoud- en
consumentenwetenschappers respectievelijk een 5,6 en een 5,9 voor de
samenhang tussen de vakken, vinden ingenieurs Rurale ontwikkelingsstudies
de genoten studiebegeleiding een 5,4 waard en geven Bosbouwers hier een 6,1
voor. Ook de kwaliteit van de docenten was in de ogen van de Bosbouwers
maar net voldoende; ze geven niet meer dan een 6,1. | L.M.

Re:ageer