Wetenschap - 16 februari 2017

Open keuken wetenschap

tekst:
Tessa Louwerens

Wetenschap moet vrij en toegankelijk zijn voor iedereen. Met het open wetenschapsplatform REBLAB gaat Rosanne Hertzberger daar vorm aan geven.

Foto: Shutterstock

Aankomend jaar gaat Hertzberger als freelance wetenschapper experimenteren met REBLAB: een open wetenschapsplatform waar alles wordt gedeeld, zo vertelde ze afgelopen dinsdag tijdens een lunchlezing in Impulse. REBLAB gaat daarmee verder dan open access, waarbij wetenschappelijke publicaties vrij worden gedeeld.

Wetenschap moet net zo toegankelijk zijn als sport, kunst of muziek.

Hertzberger wil volledige transparantie, oftewel ‘open keuken wetenschap’, zoals ze het noemt. ‘Ik wil alles publiceren: mijn plannen, ideeën, experimenten, inzichten, methoden, protocollen, ruwe data, successen en mislukkingen.’ ‘Wetenschap moet net zo toegankelijk zijn als sport, kunst of muziek. Iedereen kan wetenschap beoefenen, fulltime, parttime, als hobby. Ik wil niet dat mensen het idee hebben dat als ze de academie achter zich laten, ze dan ook gelijk de wetenschap de rug toekeren. Mijn droom is om te experimenteren en open samen te werken met academies, het bedrijfsleven en het publiek en dit vrij te delen.’

Foto: Rosanne Hertzberger

Hertzberger schrijft onder andere als columnist voor het NRC. Maar voor die tijd deed ze als microbiologe onderzoek naar vaginale bacteriën. Als promovendus had Hertzberger weinig interesse in open access. ‘Ik dacht dat ons werk toch niet relevant was voor een breder publiek.’ Nu ze zich aan de andere kant van de muur bevindt, ondervindt ze hoe lastig het is om de ontwikkelingen binnen haar vakgebied te volgen. ‘We moeten het algemene publiek niet onderschatten, er zijn veel mensen die niet meer in het academische circuit zitten maar die nog wel degelijk geïnteresseerd zijn en graag op de hoogte blijven.’

Peer review
Een belangrijke vraag is of er in deze open keuken nog wel een rol is weggelegd voor peer review. Peer review is belangrijk om de kwaliteit te bewaken, vindt Hertzberger. Maar je kunt er ook te ver in gaan. Soms heb je ‘negatieve resultaten', waar je zelf niet direct wat aan hebt. Zo ontdekten we bijvoorbeeld dat bepaalde bacteriestammen alleen L-lactaat, maar geen D-lactaat produceren. Voor ons niet direct interessant, maar het is wel kennis die daar in het lab rondzweeft. Dit kun je makkelijk delen, bijvoorbeeld in een blog.’
Dit soort ‘micropublicaties’ hebben volgens Hertzberger geen peer-review nodig, een online discussie platform is voldoende. ‘Niemand wil een half jaar spenderen om zaken te publiceren als ‘dit werkt niet’ of ‘dit heeft absoluut niks te maken met dat’. We focussen liever op de positieve resultaten waar we mee verder kunnen. Maar op deze manier kan niemand profiteren van deze kennis. De NWO spendeert drie miljoen euro aan replicatieonderzoek. Maar ik vraag me af of we dit niet sowieso al doen. We noemen het alleen geen replicatieonderzoek, maar ‘scooping’. Het verbaast mij hoeveel kennis er in het lab ligt en hoe weinig hiervan wordt gedeeld.

Competitie
Hertzberger realiseert zich dat er nog wel wat hindernissen moeten worden genomen. ‘Als freelance schrijver heb je veel vrijheid om te publiceren. Wetenschappers zijn minder vrij, er is veel competitie om financiering en publiceren is essentieel voor succes. Als je tussentijds teveel informatie deelt, kun je dit vervolgens niet meer publiceren in vaktijdschriften omdat deze originele data vereisen.' De wetenschapscultuur zal volgens haar eerst moeten veranderen. ‘Daarvoor heb je activisten nodig: als genoeg mensen iets willen dan zal het beleid moeten worden aangepast.’

Dit jaar hoopt Hertzberger haar eerste resultaten te publiceren. Ze roept ook andere wetenschappers die haar idealen delen op om hun steentje (of Tweetje) bij te dragen.

Lees ook eens:


Re:ageer