Wetenschap - 1 januari 1970

Op zoek naar maïs voor mooi landschap

Het Praktijkonderzoek Plant en Omgeving (PPO) gaat rassenonderzoek doen voor biogasmaïs en landschapsmaïs. Onderzoekers zoeken daarbij naar respectievelijk goed vergistende en minder landschapsontsierende typen maïs.

'We doen al rassenonderzoek voor snijmaïs en korrelmaïs, maar zien dat maïs in toenemende mate gebruikt wordt als zogenaamde co-vergister in mestvergistingsinstallaties', zegt ing. Jos Groten, onderzoeker bij PPO Akkerbouw, Groene ruimte en Vollegrondsgroente. 'Voor biogas- of energiemaïs is voederwaarde minder relevant, maar moeten we juist op zoek naar andere eigenschappen. We denken daarbij vooral aan late rassen, met iets minder kolf, een hoog eiwit- en vetgehalte en vooral een hoge opbrengst.'
Dit jaar wordt in opdracht van negen bedrijven alvast vooronderzoek gedaan, waarbij bestaande maïsrassen zullen worden beoordeeld op de geschiktheid voor vergisting. Het officiële cultuur- en gebruikswaardenonderzoek gaat waarschijnlijk in 2006 van start. Dit onderzoek is nodig om een ras te kunnen opnemen in de zogeheten 'Aanbevelende Rassenlijst voor Landbouwgewassen', een lijst waarop veel telers hun rassenkeuze baseren.
Een andere onderzoekslijn van PPO is de ontwikkeling van landschapsmaïs, waarmee in 2004 de eerste ervaring is opgedaan. Hierbij gaat het juist om een snijmaïs met zeer hoge voederwaarde, een kort groeiseizoen en korte stengels. De korte stengel moet voorkomen dat maïsvelden de rest van het landschap aan het oog onttrekt. Maïs wordt door veel recreanten als ontsierend beschouwd. Groten: 'Dit type maïs is bedoeld voor bedrijven met hoog productief vee, maar biedt ook mogelijkheden voor teelt in vruchtwisseling of bij graslandvernieuwing en is ook zeker ook interessant voor de biologische melkveehouderij. Voederwaarde is en blijft de belangrijkste eigenschap, maar het oog wil ook wat. Zo'n gedrongen voedermaïs is nu nog niet voorhanden.'
Dit jaar gaat PPO bestaande rassen van acht veredelingsbedrijven onderzoeken. Als hier een geschikt landschapsmaïstype uit voortkomt, zal vervolgens nog gewerkt moeten worden aan de optimalisatie van de teelt. / GvM

Re:ageer