Student - 15 maart 2018

Op expeditie naar de Cariben: Arubaanse masterstudent doet diepzeeonderzoek

tekst:
Tessa Louwerens
2

Monsterlijke reuzenpissebedden, hoge golven en algen die helpen om wolken te maken. Masterstudent Tatiana Becker heeft zich geen moment verveeld op onderzoeksschip de Pelagia. De expeditie naar de Sababank bleek bepaald geen vakantiecruise. ‘Ik heb soms tot midden in de nacht gewerkt.’

foto’s Tatiana Becker en Stephan van Duin

Ze is nog niet helemaal bekomen van de jetlag en plotselinge temperatuurovergang. Tatiana Becker, masterstudent Marine Resource Management, is net terug van twee weken onderzoeksexpeditie naar de Sababank in het Caribisch gebied. Ze behoorde tot de twintig gelukkige Nederlandse studenten die mochten deelnemen aan de NICO-expeditie (zie kader).

Becker is geboren op Curaçao en getogen op Aruba, waar haar familie nog altijd woont. Voor haar studie kwam ze naar Nederland en ze was blij met deze kans om haar geboortestreek weer te bezoeken. ‘Ik was zo gelukkig toen ik hoorde dat ik mee mocht. Er waren zo’n honderdvijftig aanmeldingen voor twintig plaatsen.’

Terra incognita
Half februari ging Becker in de haven van Philipsburg op Sint Maarten aan boord van onderzoeksschip de Pelagia. Ze vond het best spannend om voor het eerst zo ver en lang de zee op te gaan. ‘De zee was de hele tijd vrij ruw en in het begin was ik ook zeeziek, maar uiteindelijk wende het. Daarna vond ik het gedein wel rustgevend en heb ik goed geslapen. Ik ben blij dat ik nu weet dat ik het aankan. Er was ook een onderzoeker aan boord die altijd zeeziek wordt. Dat lijkt me wel naar.’

Tatiana assisteert onderzoekers bij hun werk.
Tatiana assisteert onderzoekers bij hun werk.

Toen de misselijkheid voorbij was, kon Becker genieten van het azuurblauwe water, de prachtige omgeving en de aangename temperaturen. Maar ondanks de tropische setting was het absoluut geen vakantiecruise. ‘Het was heel hard werken, zeker omdat ik de enige student aan boord was. Normaal gesproken zijn er twee tegelijkertijd.’ Als onderzoekstudent hielp ze mee met diepzeeonderzoek. De Sababank is eigenlijk een honderden meters hoge zeeberg die vooral bekend is vanwege de koraalriffen rondom de top. Maar de diepe wateren aan de voet van de berg zijn grotendeels terra incognita. Juist die diepten – van soms wel 1500 meter – probeerden de onderzoekers in kaart te brengen. Dat doen ze bijvoorbeeld door watermonsters te nemen met behulp van een bodemlander die heel toepasselijk Pumpy heet.

Algen maken wolken
In de twee weken dat Becker op het schip was, namen de onderzoekers op verschillende diepten watermonsters, waarvan ze een deel al aan boord analyseerden. ‘We keken onder andere naar verschillende chemicaliën in het water, die invloed hebben op klimaatverandering. Fytoplankton, zoals algen, maken namelijk bepaalde stoffen die door bacteriën worden afgebroken tot het gas dimethylsulfide. Dit gas blijkt bij te dragen aan wolkvorming en onderzoekers vermoeden dat het kan helpen om klimaatverandering tegen te gaan.’

Becker hielp onderzoekers van NIOZ en de Universiteit van Groningen met het verwerken van de watermonsters voor opslag. ‘Dat luistert best nauw, want de monsters moeten zo snel mogelijk worden opgeslagen, omdat de concentraties van de stoffen over de tijd kunnen veranderen, bijvoorbeeld door temperatuurschommelingen. Vooral in het begin was dat stressvol, omdat ik het nog niet helemaal onder de knie had. Toen heb ik wel een aantal keer tot midden in de nacht gewerkt.’

Met bodemlanders filmden en vingen de onderzoekers zeedieren.
Met bodemlanders filmden en vingen de onderzoekers zeedieren.
In de diepte zwemmen beesten die zo uit een horrorfilm lijken te komen
Tatiana Becker toont een pissebed die is opgevist uit de diepte.
Tatiana Becker toont een pissebed die is opgevist uit de diepte.

De onderzoekers waren ook benieuwd wat er allemaal leeft in de diepte. Ze bevestigden speciale aascamera’s aan het frame van een bodemlander die ze op verschillende dieptes neerlieten. Ze filmden in het pikdonker met een infraroodlamp. Becker: ‘Het is verbazingwekkend om te zien wat allemaal op het aas afkomt. De meest rare beesten die zo uit een horrorfilm lijken te komen. Zo zagen we hele families reusachtige pissebedden. De grootste was bijna een halve meter lang!’

Aan het frame zaten ook vallen, waarmee de onderzoekers dieren vingen voor nader onderzoek. Het rariteitenkabinet werd vervolgens voorgelegd aan NIOZ-taxonoom Marc Lavaleye. ‘Dat is echt een wandelende encyclopedie. Hij is al gepensioneerd en heeft op meer dan zestig expedities meegevaren. Ik vond het interessant om kennis te maken met verschillende werkvelden en heb ontzettend veel geleerd in die korte tijd. Zo wist ik van tevoren bijna niets van microbiologie en hoe dit een rol speelt bij klimaatverandering.’

Terug naar Aruba
Becker is inmiddels terug in Nederland, maar wat haar betreft is ze nog niet klaar met de expeditie. ‘Veel videobeelden moeten nog geanalyseerd worden om de verschillende soorten te identificeren. Ik wil daar graag aan bijdragen.’ Haar volgende vliegticket heeft ze ook alweer op zak. ‘In mei ga ik weer die kant op voor mijn masterthesis. Wat ik precies ga doen moet ik nog beslissen. Ik vind het klimaat een belangrijk onderwerp en ben verder met name geïnteresseerd in toegepast onderzoek dat leidt tot duidelijke aanbevelingen, bijvoorbeeld over vervuiling of overbevissing. De gegevens van deze NICO-expeditie kan ik helaas nog niet gebruiken, want het duurt even voordat die allemaal geanalyseerd zijn.’

In de toekomst wil Becker graag terug naar Aruba. ‘Mijn hart ligt in het Caribisch gebied. Op onderzoeksgebied loopt Aruba achter ten opzichte van andere Caribische eilanden en er is een groot tekort aan kennis. De focus ligt vooral op het toerisme, maar niet op datgene waar dit toerisme op is gebaseerd, namelijk het zeeleven.’

Een laboratorium aan boord van de Pelagia. Foto Arjen Speksnijder
Een laboratorium aan boord van de Pelagia. Foto Arjen Speksnijder

NICO-expeditie

Aan het Netherlands Initiative Changing Oceans (NICO) doen zo’n honderd wetenschappers van twintig Nederlandse universiteiten en onderzoeksinstituten mee. Aan boord van het onderzoeksschip van het Koninklijk Nederlands Instituut voor Zeeonderzoek (NIOZ) – de Pelagia – doen ze zeven maanden lang onderzoek naar uiteenlopende onderwerpen zoals de zeebodem, klimaatverandering, koraalriffen en walvissen. Het schip is in december vertrokken vanuit thuishaven Texel en via Gran Canaria naar het Caribisch gebied gevaren. Hierna zal het nog doorvaren naar de Mississippi Delta, om vervolgens terug te keren voor onderzoek in de Noordzee en bij de Azoren. Tijdens de twaalf etappes van de expeditie gaan steeds andere onderzoekers en studenten mee.

- Helaas, uw cookie-instellingen zijn zodanig dat de Video niet getoond kan worden - pas uw permissie voor cookies aan

- Helaas, uw cookie-instellingen zijn zodanig dat de Video niet getoond kan worden - pas uw permissie voor cookies aan

- Helaas, uw cookie-instellingen zijn zodanig dat de Video niet getoond kan worden - pas uw permissie voor cookies aan

Re:acties 2

  • Marjanne Havelaar

    Bon tardi,

    Leuk verhaal. Ik zou er graag een bewerkte versie van plaatsen in Antilliaans Dagblad. Zou dat mogen?

    Graag ontvang ik na toestemming de bijbehorende foto's apart in hoge resolutie.

    Met vriendelijke groet,

    Marjanne (correspondent Aruba)

    Reageer
    • Redactie

      Beste Marjanne,

      Daarvoor kun je het best even conact opnemen via email: resource@wur.nl


Re:ageer