Wetenschap - 26 augustus 2014

Ook in China is de jatropha-hype voorbij

tekst:
Albert Sikkema

Net als in andere landen was de interesse voor het energiegewas jatropha in China van korte duur, blijkt uit onderzoek van de leerstoelgroep Milieubeleid. De grote plannen in 2006 leidden niet tot langdurige subsidies en afzetcontracten.

Net als de Europese Unie wilde China in 2006 niet langer afhankelijk zijn van fossiele energie en zocht de Chinese overheid naarstig naar biobrandstoffen. Het oliehoudende gewas jatropha, dat veel olie voor biodiesel bevat, leek een ideale kandidaat. Het taaie gewas kan goed tegen droogte, heeft weinig last van ziekten en plagen en groeit goed op marginaal land, waardoor het niet zou concurreren met voedselgewassen. Ideaal voor een land als China, dat relatief weinig vruchtbare grond en veel marginaal land in droge gebieden heeft.

De Chinese overheid zette daarom in 2006 een ambitieus Vijfjarenplan op om 1 miljoen hectare jatropha aan te planten in het zuidwesten van China. Ook moest het oliehoudende gewas deel gaan uitmaken van ‘energiebossen’ op een oppervlak van 13 miljoen hectare – dat is drie keer de oppervlakte van Nederland. Er kwamen veredelingsprogramma’s voor betere zaden, stimuleringsfondsen voor de aanplant van het gewas, belastingvoordelen en fabrieken om de olie te verwerken. De ministeries van Financiën, Landbouw en Bosbouw, de Belastingdienst en de machtige Nationale Hervorming en Ontwikkeling Commissie van China kwamen met richtlijnen en financiële steun.

Maar in 2008 was een deel van die stimuleringsmaatregelen al weer ingetrokken. Bovendien waren verschillende private bedrijven die in jatrophaplantages hadden geïnvesteerd, waaronder een Amerikaanse en Britse onderneming, al weer afgehaakt, meldt onderzoeker Jia Li van Milieubeleid in het tijdschrift Sustainability. Ook Chinese bedrijven die in jatropha hadden geïnvesteerd, hadden de teelt de rug toegekeerd. Van de drie geplande verwerkingsfabrieken in het onderzoeksgebied van Li is er eentje daadwerkelijk gebouwd, en die verwerkt momenteel vooral gebruikt frituurvet en nauwelijks jatropha. Het areaal jatropha bedraagt hooguit 200 duizend hectare, schat Li op basis van cijfers van vijf provincies in het zuidwesten van China.

De jatropha-aanplant is gestagneerd doordat de Chinese overheid geen duidelijk lange-termijnplan voor biobrandstoffen had, concludeert Li. Zo stelde de overheid geen kwaliteitseisen aan de biodiesel en stelde het, in tegenstelling tot de Europese Unie, de bijmenging van biodiesel aan de pomp niet verplicht. Bovendien waren de subsidies op jatropha niet langdurig genoeg om boeren blijvend geïnteresseerd te houden, concludeert ze. Daarmee lijkt de jatropha-hype in China op die in andere landen in Azië en Afrika.


Re:ageer