Wetenschap - 1 januari 1970

Ook de wierookboom en baobab hebben bescherming nodig

Ook de wierookboom en baobab hebben bescherming nodig

Ook de wierookboom en baobab hebben bescherming nodig

Frans Bongers breekt lans voor bedreigde droge bossen in de tropen

Een aantal jaren geleden zat hoogleraar tropische bosecologie dr. Frans
Bongers nog hoog in het tropische regenwoud van Guyana. Op een
kronendakvlot, die daar was neergelaten door een veelkleurige zeppelin. Hij
heeft in de tussentijd zijn studiegebied vergroot naar de bossen in Afrika,
en wil zich nu ook inzetten voor onder andere de wierookboom en de baobab.
Hij is niet vaak in het koude Nederland, maar donderdag 16 januari moest
Bongers wel: voor zijn aanvaarding van het ambt van hoogleraar houdt hij
zijn oratie, en daarin blijkt zijn passie voor tropische bossen weer
duidelijk. Van de agouti - een knaagdiersoort in Frans Guyana die boomzaden
verspreidt - tot de wierookboom in Eritrea, Bongers laat ze de revue
passeren. Hij maakt zich grote zorgen over de voortdurende houtkap in de
tropen, het verlies aan dier- en plantensoorten en de inheemse bosbewoners
die hun bestaansbronnen verliezen.
,,Over het amazonegebied, of over het Congobekken kunnen we uren vliegen
zonder dat we iets anders zien dan bos, bos, bos'', vertelt Bongers. ,,Maar
het gaat slecht met het tropisch bos. En niet alleen met het regenwoud. Ook
met de drogere bossen. Hier moet meer aandacht voor komen, ook omdat veel
mensen hiervan afhankelijk zijn. Het gaat bijvoorbeeld slecht met de
wierookbomen in Eritrea die niet meer regenereren. Dit is een groot
probleem aangezien wierook het belangrijkste exportproduct is van
Eritrea.'' Bongers noemt ook de waardevolle baobab-boom die in droge
gebieden voorkomt maar duizenden liters water kan opslaan.
Recentelijk hebben Engelse onderzoekers aangetoond dat in de natte tropen
de ontbossingssnelheid ietsje lager is dan tot nu toe werd gedacht, maar
nog wel ongeveer een miljoen hectare per jaar bedraagt. Bongers: ,,Paniek
over de bossen in Afrika is volgens sommige onderzoekers helemaal niet
nodig. Het gevaar bestaat echter dat we door deze positieve verhalen in
slaap dreigen te sukkelen. Dat moeten we niet doen. Zowel de kwantiteit als
de kwaliteit van het bos gaan zienderogen achteruit.''
De voortdurende boskap en uitbreiding van de landbouw zorgen voor veel
openingen in het tropisch bos, vertelt Bongers. Door het verlies aan dieren
zullen vele planten problemen ondervinden voor de verspreiding van hun
vruchten en zaden. Aangezien 60 tot 80 procent van de Afrikaanse regenbos
soorten wordt verspreid door dieren, vermindert het regeneratie-potentieel
van het bos snel. Bongers weet bijvoorbeeld dat 50% van de bossen in Ghana
in beroerde staat verkeert. ,,Effectieve beschermingsmaatregelen van bossen
in West-Afrika zijn wel degelijk noodzakelijk en uiterst urgent. Hekken
zetten heeft geen zin, samenwerking met de lokale bevolking wel.''
De ecoloog wil de komende jaren meer kennis verzamelen over secundaire
bossen die op voormalige kapvlakten groeien. Dit zijn volgens hem geen
'wastelands' maar bossen met grote waarde vanwege het hout, de vruchten en
medicinale planten. ,,Een interessante gedachte is om bossen te zoeken of
te maken, die passen bij wat mensen willen. Bossen die snel groeien,
stikstof en koolstof vastleggen, goed brandhout leveren.''
Bongers en zijn onderzoeksgroep werken nu al intensief samen met diverse
universiteiten in Zuid-Amerika en West-Afrika. De EU financiert het Ecosyn
project, dat onder meer een atlas van de bossen in West-Afrika oplevert.
Ook de Nederlandse overheid financiert onderzoek in tropische bossen. Vanaf
1991 was er per jaar 150 miljoen gulden gereserveerd voor beleid rond
tropische regenbossen. Maar Bongers vindt het jammer dat er niet is
geïndexeerd voor inflatie. Hij hoopt dat dat alsnog gebeurt en een deel van
het geld ingezet wordt om de achterstand in kennis over droge bossen en
secundaire bossen in de tropen weg te werken. |
H.B.

Re:ageer