Wetenschap - 1 januari 1970

Ontwikkelingssamenwerking en Europees landbouwbeleid in de verkiezingen

Ontwikkelingssamenwerking en Europees landbouwbeleid in de verkiezingen


Ontwikkelingssamenwerking leek zowaar een issue te worden deze
verkiezingen. Het was al een schok voor het ‘wereldje van de
ontwikkelingssamenwerking’ toen het kabinet Balkenende de minister van
ontwikkelingssamenwerking degradeerde tot staatssecretaris. Toen duidelijk
werd dat de komende regering door de slechte economische vooruitzichten
flink zal moeten bezuinigen, kondigde de VVD aan te willen beginnen bij
ontwikkelingssamenwerking.
Toch lijkt de aanslag op het deel der natie dat nog gelooft in
ontwikkelingssamenwerking vooral een gril van het kortstondige kabinet
Balkenende. Alleen de VVD en de LPF willen een staatssecretaris voor
ontwikkelingssamenwerking en het budget van de portefeuille verlagen tot
0,7 procent van het BNP. Het CDA loochent haar ideaal van christelijke
naastenliefde niet en belooft een volwaardige minister met behoud van het
huidige budget van 0,8 procent, wat ook de Partij van de Arbeid doet. De
kleine linkse partijen SP en GroenLinks willen niet alleen een minister,
maar willen die ook een hoger budget geven van 1 procent van het BNP.
De partijen hebben wisselende ideeën over hoe het beleid op
ontwikkelingssamenwerking er verder uit moet zien. De VVD wil het bestaande
beleid voortzetten: inzetten op een beperkt aantal landen die een goed
bestuur moeten hebben en mensenrechten moeten respecteren. De liberalen
willen Nederlandse bedrijven en maatschappelijk organisaties daarbij zoveel
mogelijk inschakelen.
Met die rol voor het bedrijfsleven is ook de LPF het eens, maar in
maatschappelijke organisaties (NGO’s) hebben de Fortuynianen minder
vertrouwen: hun budget moet niet automatisch verhoogd worden. Verder valt
vooral op dat de LPF ontwikkelingssamenwerking ziet als een middel om
migratie in te dammen. Om dezelfde reden willen de politieke vernieuwers de
VN-vluchtelingenorganisatie UNHCR meer geld geven zodat die asielzoekers in
eigen regio kan opvangen.

Handel

VVD en LPF zwijgen in alle talen over handelsbelemmeringen die
ontwikkelingslanden dwarszitten in de internationale handel. Dat doet het
CDA niet, dat zegt kort en bondig: ‘handelsbelemmeringen moeten worden
weggenomen’. Het CDA stelt dat ook in het landbouwbeleid ‘de opdracht om de
noden van de ontwikkelingslanden de lenigen onderdeel vormt van de
gedachtevorming’. Verder heeft het CDA verrassend weinig te melden over de
besteding van ontwikkelingshulp.
De PvdA is duidelijker: ‘de armste landen mogen hun markten tijdelijk
afschermen om een eerlijke start te kunnen maken.’ De PvdA heeft verder de
ideeën van oud-minister Herfkens verheven tot partijprogramma. Donoren
moeten hun beleid laten aansluiten op de armoedestrategieën van landen
zelf, als landen een goed, niet-corrupt, bestuur hebben mogen ze zelf
bepalen waar de hulp aan uitgegeven wordt en komen ze in aanmerking voor
schuldverlichting. Het landbouwbeleid van de EU moet volgens de PvdA
hervormd worden, zodat arme boeren meer toegang tot de Europese markt
krijgen.
De SP heeft revolutionaire plannen. IMF en Wereldbank moeten
gedemocratiseerd worden, en de wereldhandelsorganisatie WTO mag landen niet
langer belemmeren om de eigen industrie te beschermen tegen westerse
concurrentie. Krachtige taal van de SP over de relatie tussen
ontwikkelingssamenwerking en het landbouwbeleid van de EU: ‘exportsubsidies
die boeren in de Derde Wereld brodeloos maken moeten worden afgeschaft.’
GroenLinks is niet zo kordaat, maar de groene intellectuelen zijn wel wat
praktischer in hun plannen. Zo willen ze bijvoorbeeld het BTW-tarief voor
fair trade producten verlagen. De partij wil dat Nederland pleit voor
opheffing van het bankgeheim en kwijtschelding van alle schulden van
ontwikkelingslanden. Als het aan GroenLinks ligt, zijn WTO, IMF en
Wereldbank voortaan ondergeschikt aan VN-verdragen over klimaat,
biodiversiteit of arbeidsnormen. Om te voorkomen dat het Nederlands
landbouwbeleid en het ontwikkelingsbeleid elkaar tegenwerken, wil
GroenLinks een coherentieraad instellen onder voorzitterschap van de
minister voor ontwikkelingssamenwerking. Die minister krijgt ruimere
bevoegdheden en wordt ook verantwoordelijk voor alle internationale
handelsbetrekkingen, inclusief landbouw, WTO onderhandelingen en
wapenexport.

EU landbouwbeleid

Alle grotere partijen vinden dat het Europees gemeenschappelijk
landbouwbeleid hervormd moet worden. ‘Om te voorkomen dat het Europees
landbouwbeleid door de combinatie van handelsliberalisatie binnen de WTO en
door de toetreding van de nieuwe lidstaten onbetaalbaar wordt, zal de EU
haar prijs- en inkomenssteun geleidelijk moeten beëindigen’, schrijft de
VVD in haar program. Een privaat verzekeringssysteem zou schommelingen in
de wereldmarkt kunnen opvangen, opperen de liberalen.
Het CDA – van oudsher boerenpartij – heeft meer compassie met de
Nederlandse boer. Het CDA wil dat in het EU beleid productsteun wordt
omgevormd tot inkomenssteun, waarbij de boer geld kan gaan verdienen met
onder andere landschapsbeheer en natuurbeheer. De kosten van de uitbreiding
van de EU mogen niet op de Nederlandse boer worden afgewenteld, vinden de
christen-democraten. Verder wil het CDA in Europees verband de BTW op
duurzaam geproduceerd voedsel verlagen.
Intensieve veehouders treffen het misschien beter bij de LPF, waar
varkensboer Wien van den Brink wat heeft kunnen schaven aan de ideeën van
Fortuyn. Belangrijkste boodschap is dat de overheid minder regelzuchtig
moet worden, en Nederland niet vooruit hoeft te lopen op de afspraken die
in de EU gemaakt worden.
De PvdA wil juist dat Nederland aandringt op een drastische en snelle
hervorming van het Europese landbouwbeleid. De uitgaven gaan op korte
termijn fors omlaag en de aandacht verschuift, net als bij het CDA, van
landbouw naar platteland: prijssteun wordt vervangen door inkomenssteun die
mede afhankelijk is van milieu- en natuurbescherming door boeren.
Ook SP wil een dergelijke hervorming van het EU landbouwbeleid, maar ziet
in de WTO de kwaaie piet die een milieuvriendelijk landbouwbeleid van de
dwarsboomt. Daarom is de SP tegen verdere liberalisering van de landbouw
binnen de WTO.
En ook GroenLinks vindt dat agrarische productie niet aan de markt alleen
overgelaten mag worden. De groene partij wil de prijssteun, zoals
exportsubsidies, afbreken en meer geld uitgeven aan
landbouwmilieumaatregelen. GroenLinks staat het meest uitvoerig stil bij de
nieuwe taken van de boer in dat hervormde EU beleid. Kwaliteitsproductie,
streekeigen productie, zorgboerderijen en andere vormen van verbreding van
de landbouw zoals die in Wageningen vooral bekend zijn door het onderzoek
van prof. Jan Douwe van der Ploeg, kunnen zich bij GroenLinks verheugen in
een warme belangstelling. |
Joris Tielens

Moet ontwikkelingssamenwerking weer een minister krijgen (in plaats van
een staatssecretaris)?

PvdA ja
CDA ja
VVD nee
LPF nee
SP ja
GL ja

Hoe groot wordt het budget voor ontwikkelingssamenwerking (in procent van
het BNP)?

PvdA 0,8
CDA 0,8
VVD 0,7
LPF 0,7
SP 1.0
GL 1,0

Re:ageer