Organisatie - 1 januari 1970

Ontgroening, bier en Jezus

Onbekend en bewust gesloten. Dat is het imago van de Vereniging van Gereformeerde Studenten te Wageningen (VGSW), zo bleek uit een inventarisatie. Onterecht, vinden de leden. De studenten van de van oorsprong vrijgemaakt gereformeerde vereniging sluiten zich allang niet meer op in een eigen wereldje van zwarte kousen en lange rokken.

Op de website van de VGSW debatteren de leden erop los. Over vrije wil, voortplanting en het dilemma van de wetenschapper. De studenten zijn niet bang te zeggen wat zij er van vinden. ‘Wij willen niet té lief zijn voor elkaar. Confronteren doet ons nadenken’, zegt bestuurslid Andries.
De vuren laaien het hoogst op als het thema verleiding ter sprake komt. ‘Mag je als christen in een Ferrari rijden?’ En: ‘Waar ligt de grens tussen liefde en vermaak?’ Een meerderheid vindt zoenen zonder om de ander te geven onchristelijk, maar de Ferrari lokt veel discussie uit. Je mag best genieten van wat God geeft, meent de één. Als je veel geld hebt, moet je dat aan minder bedeelden geven, schrijft een ander.
Iedere woensdag komen bijna alle 55 leden samen om te borrelen tot in de late uurtjes. Waar de buitenwereld wellicht denkt aan appelsap en psalmen, drinken de studenten in werkelijkheid liever een biertje, met songs van Bob Marley op de achtergrond.
De locatie is een schuur aan de Grintweg, het Damgebouw, die de VGSW deelt met andere christelijke verenigingen. Een eigen sociëteit is nog het enige wat de studentenvereniging mist. Verenigingsliederen en –huizen heeft ze wel. Evenals vergaderregels, jaarclubjes en tradities zoals Kwalleballen.
Kwalleballen? ‘Dat spelen we bij de Rijn’, legt bestuurslid Riekel uit. ‘Twee groepen strijden tegen elkaar om een jutezak met nat zand. Die zak moet in de kuil van de tegenpartij belanden die langs de waterlijn is gegraven.’ Het spel verloopt vrijwel nooit zonder ongelukken, want ‘alles mag’. ‘Zo heb ik per ongeluk onze praeses getorpedeerd’, zegt Andries, voorzichtig lachend naar Sofieke. Die zegt: ‘En had ik vervolgens een hersenschudding.’
Toch is het leuk, en goed voor de groepsbinding. Evenals de ontgroening waarbij de eerstejaars onder appèl staan, vertellen de leden. Ze denken niet dat zoiets ingaat tegen het christen-zijn. ‘Een noviet heeft wel eens gezegd dat het eng voelt, die macht’, zegt Sofieke. ‘Maar we gaan niet tot op het bot.’ Andries knikt. ‘Het is een spel. We staan niet face to face te brullen. Dat is een teken van onmacht. En we pakken niet één persoon, maar de hele groep.’
Dat is trouwens anders bij de ontvoeringen van leden door zusterverenigingen. Vooral tijdens de Algemene Introductie Dagen (AID) is het oppassen geblazen. VGS-verenigingen uit andere studentensteden brengen dan graag een bezoekje aan Wageningen. In verenigingshuis ‘de Bierkaai’ zijn de muren beklad met teksten van zusters en broeders die hebben ingebroken. En als het even tegenzit, belandt een bewoner ongewild in een vreemde stad. ‘Ik lag in bed toen ik gestommel hoorde. Een andere VGS-vereniging was aan de achterkant binnengekomen’, vertelt Riekel. ‘Toen ze mij in de gaten kregen, werd ik door zes man in de auto gezet naar Eindhoven.’
Een alternatief voor ontvoering is het meenemen van een waardevol voorwerp. ‘Afgelopen jaar had Delft ons vaandel gejat. Zonder vaandel mogen wij niet vergaderen volgens de regels. De volgende dag zijn we als bestuur gelijk naar Delft gegaan. We kregen het vaandel terug in ruil voor het organiseren van een feest in Delft.’ De Wageningers lieten zich niet kennen en presenteerden zichzelf met stro op de dansvloer en een bestuur op groene klompen.
Dat feest was twee weken geleden. En als we Delft mogen geloven, bestaat VGS Wageningen in ieder geval niet alleen maar uit saaie, brave grefo’s. Zij houden van Jezus, maar ook van kroegavonden zonder sluitingstijd. / LH

Re:ageer