Organisatie - 9 oktober 2013

Onrust bij LEI na wijziging koers

tekst:
Albert Sikkema

Bij het LEI is onrust ontstaan door het onverwachte vertrek van een aantal managers. Nadat eerder dit jaar voortijdig afscheid werd genomen van het hoofd personeelszaken en een interim-manager communicatie, besloten vorige maand de directeur bedrijfsvoering en het hoofd financiën hun functie neer te leggen.

De wisseling aan de top lijkt verband te houden met de nieuwe bedrijfsvoering bij het landbouweconomisch instituut (LEI) in Den Haag. Die is volgens directeur Laan van Staalduinen nodig om teruglopende inkomsten op te vangen. Tot drie jaar geleden was het LEI nog winstgevend, met een omzet die voor 76 procent afkomstig was van het ministerie van LNV. Die afhankelijkheid wreekte zich toen het  ministerie moest fuseren en bezuinigen. Vorig jaar kreeg het instituut 3 miljoen euro minder aan onderzoeksopdrachten van EZ. ‘Dat vergt een versnelde omslag in het denken en doen’, zegt Van Staalduinen.
De directie wil een plattere en flexibeler organisatie bij het LEI die beter is ingericht op de snel veranderende omgeving en klantgerichter werkt. ‘Er is een ander soort bedrijfsvoering nodig’, aldus Van Staalduinen. In dit veranderproces moeten de managers volgens haar het voortouw nemen. ‘Daarbij kijk je ook of het bij ze past om nieuwe wegen te zoeken. En als je dan met de betreffende leidinggevende de conclusie trekt dat het niet zijn of haar cup of tea is, dan is het beter om snel een beslissing te nemen.’
De ondernemingsraad van de SSG bemoeit zich ondertussen niet met de wisselingen in het management. Volgens OR-voorzitter Joost Jongerden omdat de OR niet bevoegd is om over personeelszaken te adviseren. Maar bij een deel van het personeel leven ondertussen veel vragen over het verandermanagement, blijkt uit anonieme reacties tegenover Resource. Zo vinden medewerkers het verdienmodel van het LEI niet duidelijk. ‘Het oude model voldoet niet meer, maar wat is het nieuwe?’ Ze vinden dat de cultuur op het LEI harder en bedrijfsmatiger is geworden en dat mensen worden afgerekend op hun marktprestaties. Ook missen ze communicatie over de nieuwe aanpak. Volgens Van Staalduinen gaat die helderheid de komende tijd toenemen nu bijna alle leidinggevenden zijn benoemd en zij de nieuwe strategie handen en voeten gaan geven.