Wetenschap - 17 november 2010

Onderzoekers pimpen hun publicatiescore

Wageningse onderzoekers gebruiken trucjes om hun publicatiescore te verhogen. Dat valt af te leiden uit het proefschrift van Laurens Hessels.

Clubjes van onderzoekers voeren elkaar in wetenschappelijke artikelen op als mede-auteur, terwijl ze niet aan het onderzoek hebben meegedaan.
En promovendi melken een onderzoeksproject uit door er meerdere artikelen over te schrijven waarin steeds één aspect aan de orde komt. Zo spelen onderzoekers in op de druk om meer en sneller te publiceren.

Bibliometrische factoren
Dat meldt Laurens Hessels, die aanstaande vrijdag promoveert aan de Universiteit Utrecht op Science and the struggle for relevance. Hij analyseerde evaluatierapporten en sprak 47 universitaire onderzoekers op het gebied van de chemie, landbouwwetenschappen en biologie. Dus ook veel Wageningse onderzoekers.
'Er wordt in de wetenschap teveel waarde gehecht aan bibliometrische indicatoren: hoeveel je publiceert en hoe hoog de impactfactor is van het tijdschrift waarin je publiceert', zegt Hessels tegen NRC Handelsblad. 'Daar worden onderzoekers op afgerekend. Door hun financiers, maar ook door de visitatiecommissies die (...) de faculteiten beoordelen. Dat heeft ertoe geleid dat het publiceren niet meer het primaire doel dient: wetenschappelijke communicatie.'

Geldschieters
Ook ontstaan vaak conflicten tussen beleidsmakers en bedrijven enerzijds en onderzoekers anderzijds, stelt Hessels. 'Financiers willen onderzoek dat bijdraagt aan de oplossing van maatschappelijke vraagstukken, maar als onderzoeker of als instituut wordt je afgerekend op wetenschappelijke publicaties.' Onderzoekers in de biochemie, die van oudsher meer fundamentele vragen stellen, vinden die eisen van geldschieters problematischer dan wetenschappers in de dierfokkerij, meldt de promovendus. Die laatsten vinden de vragen van opdrachtgevers juist heel stimulerend.

Hessels werkt bij het Rathenau-instituut, de organisatie die de maatschappelijke gevolgen van wetenschap en technologie bediscussieert. De onderzoekers die hij sprak blijven anoniem.

Re:ageer