Wetenschap - 1 januari 1970

Onderzoekers bepleiten verbreding bemestingsadviezen

Onderzoekers bepleiten verbreding bemestingsadviezen


De huidige bemestingsadviezen voor veehouders zijn te eenzijdig
productiegericht. Voor een goed praktisch bruikbaar bemestingsadvies moeten
meer factoren in de beschouwing worden betrokken. Dit zijn de belangrijkste
conclusies in het rapport ‘Strooi goed!’ dat dinsdag 28 oktober door
onderzoekers van een zogeheten Wageningen Atelier werd gepresenteerd.
Het initiatief voor het atelier kwam tot stand toen deelnemers aan het
project Praktijkcijfers besloten in november 2001 een aantal stellingen te
spijkeren op de ‘voordeur van Wageningen UR’. Veehouders in het project
gaven hiermee aan dat zij in toenemende mate werden geconfronteerd met de
beperkingen van de bemestingsadviezen. Onder het oog van de camera’s van
het Agrarisch Journaal en TV Gelderland deed prof. Bert Speelman de
toezegging dat Wageningen de handschoen zou opnemen en de zaak in een
Atelier zou gaan uitzoeken.
Volgens prof. Lijbert Brussaard, hoogleraar Bodembiologie en biologische
bodemkwaliteit en leider van bemestingsatelier, is het huidige
bemestingsadvies te eenzijdig gericht op het optimaliseren van de
drogestofproductie. ,,Toen het mineralenboekhoudsysteem Minas werd
ingevoerd, bleek dat veehouders die de adviezen opvolgden toch te maken
kregen met heffingen. Dat was een aanleiding om aan de bel te trekken.
Bovendien heeft vrijwel iedere veehouder tegenwoordig te maken met meerdere
doelstellingen, bijvoorbeeld ten aanzien van natuur- en waterbeheer.''
De bemestingsadviezen worden opgesteld door de Commissie Bemesting Grasland
en Voedergewassen (CBGV), waarin ook onderzoekers van het Praktijkonderzoek
en Plant Research International zitting hebben. Volgens Brussaard is de
commissie vanaf het begin bij het atelier betrokken om gezamenlijk de
knelpunten te inventariseren en tot verbeteringen te komen. Hiertoe zijn in
het atelier interviews afgenomen, een aantal workshops georganiseerd en een
vijftigtal belanghebbenden uitgenodigd om vanuit eigen interesse, expertise
en kennis hun associaties over bemestingadvies op papier te stellen.
In haar rapport concludeert het Wageningen Atelier dat aanpassingen
noodzakelijk zijn in zowel ontwerp, inhoud als communicatie van het
bemestingsadvies. Zo moet er 'veel intensiever informatie worden
uitgewisseld tussen boeren organisaties en andere gebruikers van de groene
ruimte, wetenschappers, voorlichters en overheden'.
CBGV-voorzitter Peter Hoeks staat niet afwijzend tegenover een verbreding
van de bemestingsadviezen en een nadrukkelijkere rol voor bijvoorbeeld
studieclubs. ,,Maar als we waterschappen en milieuorganisaties bij de
advisering gaan betrekken, dan zullen we dat wel eerst moeten terugkoppelen
met onze opdrachtgever, LTO Nederland. De adviezen worden nu volledig door
de sector betaald''. Dat uit het onderzoek blijkt dat maar weinig
veehouders zich exact aan de adviezen houden verbaast hem niet. ,,Boeren
die blind varen op adviezen bestaan niet''. |
G.v.M.

Re:ageer