Organisatie - 22 november 2013

Onderwijsbudget stijgt met 20 miljoen

tekst:
Albert Sikkema
1

Het aantal studenten in Wageningen blijft razendsnel groeien en toch slaagt de universiteit er in om de uitstekende onderwijskwaliteit op peil te houden, getuige de nieuwe topklassering in de Keuzegids Hoger Onderwijs. Hoe doet ze dat toch? Door meer geld in het onderwijs te steken. Wageningen UR besteedt 20 miljoen euro meer aan onderwijs dan zes jaar geleden, zegt rector Martin Kropff.

Acht jaar geleden, toen Martin Kropff aantrad als rector, liepen er zo’n 4.500 studenten rond in Wageningen. Dit studiejaar is dat aantal gegroeid naar 8.400 studenten. En het einde van de groei is nog niet in zicht. De laatste Open Dag van de universiteit trok een recordaantal van 2.750 scholieren naar Wageningen, een indicatie dat er volgend jaar weer meer eerstejaars studenten voor Wageningen kiezen.

‘We groeien met handhaving van onze kwaliteit’, zegt een trotse Kropff. Dat komt door de wijze van onderwijsfinanciering in Wageningen. ‘Opleidingen en leerstoelgroepen die meer studenten trekken, krijgen meer geld.’ Zo is het onderwijsbudget (zonder de kosten voor de onderwijs –en studentenfaciliteiten) de afgelopen zes jaar gegroeid van grofweg 51 naar 71 miljoen euro. Dat is een stijging van bijna veertig procent. ‘Daardoor kunnen we de kwaliteit hoog houden’, stelt de rector.

Dat extra geld voor onderwijs komt uiteindelijk van de studenten (het collegegeld) en vooral van het ministerie van Economische Zaken. Punt is wel dat het ministerie de studentengroei niet direct volledig honoreert. Om dat financieringstekort te dichten, heeft de raad van bestuur de afgelopen jaren grofweg zes miljoen euro in het onderwijs voorgefinancierd, zodat de opleidingen nagenoeg onmiddellijk profiteerden van de studentengroei.

Ook de andere universiteiten krijgen meer geld van de overheid als hun studentenaantal groeit. Maar die hebben vaak een andere verdeelsystematiek, waardoor de extra inkomsten niet altijd aan het onderwijs ten goede komen, zegt Kropff.

Re:acties 1

  • Jaap (VeSte)

    Zeker in deze financieel toch tamelijk lastige tijden, waarin onderwijs onderhevig is aan veel bezuinigingsmaatregelen, is het zeer te prijzen dat de Universiteit blijft investeren. Terwijl de universiteit hard groeit, groeit de rijksbijdrage niet even hard mee. En hoewel onderwijs de corebusiness van een universiteit is, zou dat niet bij alle universiteiten betekenen dat de het onderwijsbudget meegroeit met het studentenaantal. In Wageningen is dat anders, de universiteit heeft een bewuste keuze gemaakt om het onderwijsbudget wel mee te laten groeien ondanks dat de rijksbijdrage dat niet doet. De WU blijft vasthouden aan haar Brascamp-model: een model dat al vele jaren bijzonder succesvol is gebleken en 1 van de succesfactoren van Wageningen University is.
    Desalniettemin blijft de vraag of het verstandig is om de studentenaantallen in dit tempo door te laten groeien. Er komt dan druk te staan op de mogelijkheid om dat onderwijsbudget door te laten groeien. En bovendien zijn financiële middelen, hoewel bijzonder praktisch, niet zaligmakend. Zo staan bijvoorbeeld de huisvesting, niet-studie gerelateerde activiteiten (zoals het verenigingsleven), de sportfaciliteiten en thesiswerkplekken onder druk. Bovendien is het de vraag of leerstoelgroepen en docenten zich wel zo snel kunnen aanpassen aan de aantallen. Grotere groepen studenten vergen een ander type onderwijs. Zowel docenten als de organisatie hebben tijd nodig om zich daaraan aan te passen.
    Een van de grote kwaliteiten van Wageningen University is de kleinschaligheid en die moet in de ogen van de studentenraad dan ook behouden worden. Dit hoeft niet te betekenen dat de universiteit helemaal niet meer kan groeien, maar het moet wel op een verantwoord tempo met aandacht voor passende, kleinschalige, onderwijsvormen.

    Reageer

Re:ageer