Wetenschap - 20 september 2007

Onderwaterdrains vertragen daling veen

Drainagebuizen die onder het waterniveau van de sloot liggen, kunnen de daling van de bodem in veenweidegebieden vertragen. Dat blijkt uit onderzoek van Alterra.
Met het doel hun percelen droog te houden, voeren boeren in de veenweidegebieden veel water af. Het maaiveld daalt echter rond een centimeter per jaar door de afbraak van droog veen. Om de bodemdaling tegen te gaan, is een verandering van het huidige watersysteem noodzakelijk. Daarbij staat vernatting van het veen voorop. Maar verhoging van het slootwaterpeil maakt teveel gronden ongeschikt voor de landbouw omdat ze te nat worden. Uit een veldexperiment in Zegveld blijkt nu dat onderwaterdrains een goed alternatief zijn.
De buizen van dit drainagesysteem zijn altijd gevuld met water, omdat ze onder het slootpeil liggen. Zo zorgen ze zomers voor een snelle watertoevoer naar het midden van de percelen onder de grond, waardoor grondwaterstanden op peil blijven in droge tijden. Onder optimale omstandigheden kunnen ze de daling van het veen met de helft doen afnemen tot vijf millimeter per jaar.
De onderwaterdrainage werkt echter alleen als de gevulde buizen tussen de dertig en zestig centimeter onder het maaiveld liggen. Hoger of lager gelegen buizen veroorzaken veel uitspoeling van stikstof en fosfaat. Onderwaterdrains zijn daarom niet toepasbaar op te hoog of te laag gelegen veenweidegebieden waar het slootwaterpeil ver buiten deze marge valt.
Toch zullen de percelen waar ze wel goed werken uiteindelijk ook te nat worden, omdat de onderwaterdrains de daling vertragen maar niet stopzetten. De nattere percelen zijn voor boeren een ‘nieuwe uitdaging’, zegt dr. Cees Kwakernaak van Alterra. ‘Vroeger moesten de boeren daar ook mee omgaan. Ze gebruikten de natte gronden om hun jonge koeien op te laten lopen of als hooivelden. Hier kunnen de huidige melkveebedrijven ook op terugvallen.’
Sommige gronden zullen echter zo nat worden dat de landbouw daar niet kan blijven voortbestaan, concluderen de onderzoekers. ‘Deze consequentie moeten we aanvaarden als we de veengronden willen behouden’, zegt medeonderzoeker ing. Peter Jansen.

Re:ageer