Wetenschap - 23 februari 1995

Nutsbedrijven hebben weinig belang bij minder waterverbruik

Nutsbedrijven hebben weinig belang bij minder waterverbruik

De Nederlanders weten maar moeizaam hun watergebruik terug te dringen. Zonder nieuwe systemen, waarbij de consument zich meer bewust wordt van zijn of haar waterverbruik, zal de totale waterconsumptie in Nederland niet dalen, meent ir B. van Vliet, die onderzoek deed naar nieuwe besparende technologie. Dat gaat in tegen het belang van de waterleidingmaatschappijen. De melkboer gaat toch ook niet verkondigen dat je vooral minder melk moet drinken."


Nederland mag dan onlangs zijn ontkomen aan een watersnoodramp, maar over het algemeen hebben we eerder te weinig dan te veel water en speelt verdroging ons land parten. De landbouw, industrie en huishoudens leggen een te groot beslag op het gebruik van grondwater, wat ten koste gaat van de flora en fauna. Daarom wil de overheid dat het areaal verdroogd gebied in het jaar 2000 met 25 procent is afgenomen ten opzichte van 1985. Een beleidsdoelstelling die ze niet dreigt te halen. Volgens de laatste cijfers is het areaal verdroogd gebied het laatste jaar zelfs toegenomen tot 648 duizend hectare.

De landbouw is verreweg de grootste gebruiker van grondwater, maar ook de huishoudens en industrie consumeren een aanzienlijk deel. En die consumptie stijgt, zonder extra maatregelen, met zestig procent tot twee miljard kubieke meter in het jaar 2020. Het verbruik in het huishouden is nu 135 liter en in 2020 153 liter per persoon per dag.

Sinds 1992 ligt er het Actieplan Waterbesparing van het ministerie van Vrom. Volgens dit beleidsplan moeten de besparingsmogelijkheden vooral gezocht worden in eenvoudig in te passen technologie, zoals waterbesparende douchekoppen en waterzuinige stortbakken of wasmachines. De aanpassingen zijn niet duur, breed inzetbaar en besparen relatief veel: tien tot twintig procent van het huidige watergebruik. Maar volgens ir B. van Vliet is het Actieplan Waterbesparing niet voldoende.

Van Vliet, ongeveer een jaar geleden afgestudeerd in de milieuhygiene aan de LUW, deed in opdracht van de Wetenschapswinkel een achtmaands onderzoek naar het gebruik van waterbesparende technologie in Nederland. Hij had de beschikking over een kamer op de vakgroep Milieutechnologie bij dr ir A. Klapwijk en werd begeleid door een team van techno- en socio-logen.

Waarschijnlijk kan deze technologie ten hoogste de toename van het watergebruik door de bevolkingstoename compenseren", zegt de jonge onderzoeker. Bovendien kan dergelijke technologie tot compensatiegedrag leiden. Mensen gaan bijvoorbeeld langer douchen, omdat de boiler minder snel leeg raakt."

Knelpunten

Van Vliet bekeek welke knelpunten er bestaan bij consument en instituten als waterleidingmaatschappijen, om technologie te gebruiken die fors op water bezuinigt. Naast eenvoudig inpasbare end of pipe technologie kan namelijk een stap verder worden gegaan: systemen die een werkelijke verandering van het huidige systeem vergen.

De invoering van regenwatertoiletten is daar een voorbeeld van. Hierbij wordt een apart systeem in het huis aangebracht om regenwater te verzamelen en te transporteren. Op een milieuvriendelijk bouwproject in Utrecht, Het Groene Dak, is dit reeds ingevoerd. Met het regenwater kunnen de gebruikers het toilet schoon spoelen en fors bezuinigen op het watergebruik: een persoon spoelt dagelijks al gauw veertig liter zuiver drinkwater door de pot.

Ook de Water Saving Systems van Gustavsberg, vooral geschikt voor flats, behoren tot deze categorie. Hierbij is het toiletsysteem zo ontworpen dat 3,5 tot 4 liter water in plaats van 7,5 liter water genoeg is om door te spoelen. Een mechanische vacuumpomp zorgt ervoor dat het afval snel wordt weggevoerd.

De categorie van maatregelen die nog verder afstaat van het huidige systeem, betreft het gebruik van drinkwater uit flessen. Hierbij wordt afgestapt van het principe dat water uit de kraan geschikt is voor consumptie. Het kan alleen gebruikt worden voor de was, de douche en het toilet. Doordat het leidingwater niet meer zo superschoon hoeft te zijn, is gebruik van grondwater niet meer nodig. Matig gezuiverd oppervlaktewater is voldoende. Als je daarnaast nog eens composttoiletten gebruikt, wordt het gebruik van water voor het toilet ook nog eens voorkomen.

Weerstanden

Maar met het gebruik en de ontwikkeling van dergelijke technologie loopt het niet zo'n vaart, uitgezonderd de Gustavsberg toiletsystemen die momenteel worden gesubsidieerd door het ministerie van Vrom. Bij instituten als waterleidingmaatschappijen bestaan forse weerstanden. Met eenvoudige technologie zoals waterzuinige kranen willen ze nog wel meegaan, maar met de regenwatertoiletten niet meer. Ze wijzen met het ministerie van Vrom op het gevaar voor de volksgezondheid bij verkeerde aansluitingen, maar twijfelen ook aan de economische haalbaarheid en het milieurendement. Een stap verder, het gebruik van composttoiletten of drinkwater uit de fles, lijkt helemaal onbespreekbaar", zegt Van Vliet.

Aan regenwatertoiletten of drinkwater uit de fles kleven inderdaad nadelen, vindt Van Vliet: de systemen zijn duur en moeilijk inpasbaar in het huidige systeem. Maar de onderzoeker wijt de aversie van de waterleidingbedrijven ook aan hun eigenbelang. Zij willen water verkopen. Een melkboer gaat toch ook niet verkondigen dat je vooral minder melk moet drinken. In wezen zijn zij helemaal geen voorstander van waterbesparing, want daarmee wordt hun waterleidingnet onrendabel. Zij verdienen per geleverde kuub water. Dus hoe meer verkochte kuubs, hoe minder de vaste kosten drukken op de begroting, dus hoe meer winst."

Daarom geloof ik ook niet dat alle waterleidingmaatschappijen, die meedoen aan de besparingscampagnes, dat oprecht doen. Alleen bij de grondwaterbedrijven ligt dat anders; die zitten aan hun tax, opgelegd door de provincie. Dus die moeten echt gaan besparen." In Den Haag zijn de burgers onlangs geconfronteerd met het feit dat waterleidingbedrijven per kubieke meter water verdienen. Door de waterbesparing is de prijs van het water daar gestegen. Dat klopt toch niet, dat is absurd."

Lonend

De barrieres voor het gebruik van waterbesparende technologie bij de consument zijn ook groot, meent Van Vliet. Het is weinig lonend om dure systemen als regenwatertoiletten in te voeren. Het water is spotgoedkoop en zo'n toilet kost minstens 1500 gulden. Dat is heel wat jaren doorspoelen, wil je die investering eruit hebben. De enige prikkel is de ecologische." Daarnaast ontbreekt het veel consumenten aan het zicht op het eigen watergebruik, waardoor ze zich minder verantwoordelijk voelen. In twintig procent van de huishoudens is geen watermeter geinstalleerd en in de rest van de woningen is deze verstopt onder de deurmat. De verantwoordelijkheid van de consument voor het watergebruik is de afgelopen honderd jaar alleen maar afgenomen. De watervoorziening is een vanzelfsprekendheid geworden."

Oplossingen voor verdergaande waterbesparing ziet Van Vliet daarom in het verschuiven van de verantwoordelijkheid naar de burgers toe. Je moet systemen invoeren die dicht bij de burgers staan. Daarnaast moeten ze ook beloond worden voor hun besparing. Omdat de waterkosten zo laag zijn, zou de invoering van een waterspoor, zoals in Duitsland, een goede oplossing zijn. Daar zijn de kosten voor het gebruik van drinkwater en de zuivering van het afvalwater samengevoegd. De prijs per liter water is dan hoger, waardoor waterbesparing loont."

Daarnaast vindt hij dat de organisatie van de nutsbedrijven anders zou moeten. Het klopt gewoon niet dat zij een besparingsboodschap uitdragen, terwijl ze aan de produktie moeten verdienen. De produktie en distributie moeten gescheiden worden."

Re:ageer