Wetenschap - 1 januari 1970

Noordzee te dynamisch voor Europese natuurwetgeving

Noordzee te dynamisch voor Europese natuurwetgeving


Ook in de Noordzee moeten dit jaar gebieden worden aangewezen voor
bescherming door de Europese natuurwetgeving. Maar in de Noordzee is het
ingewikkelder grenzen trekken dan op het land, blijkt uit een rapport over
de toewijzing van die gebieden van Alterra. De Nederlandse, Engelse en
Duitse overheden willen verder onderzoek.
Op land geven zowel de Europese Vogel- als de Habitatrichtlijn veel
problemen, onder meer omdat de regels erg strikt zijn, met rechtszaken over
korenwolven en zandhagedissen als gevolg. Volgens dr Norbert Dankers van
Alterra in Texel is een strikte naleving van de Europese regels in sommige
gevallen zelfs onmogelijk. Zo bevat de Vogelrichtlijn de regel dat een
gebied beschermd moet worden als meer dan vijf procent van een vogelsoort
een trekbaan over dat gebied maakt. ,,Dan zou je in de Noordzee eigenlijk
alles moeten aanwijzen.''
Het moeilijke aan de Noordzee en andere mariene milieus is dat het een
complexe verzameling van dynamische systemen is, waarbinnen het moeilijk is
deelsystemen te begrenzen en juridisch te beschermen. Daarbij komt dat in
de Noordzee allerlei landgrenzen lopen. Jonge zeekoeten zwemmen
bijvoorbeeld met hun vaders van het Engelse Ilse of May naar het Friese
Front, dat zowel in de Nederlandse als Duitse Noordzee ligt, om daar te
leren vliegen. Dat levert het probleem, volgens de onderzoekers, dat
moeilijk te bepalen is waar je een grens trekt om het gebied waar zeekoeten
leven. Het Ilse of May is een Speciale Begrenzings Zone van de Europese
richtlijnen, maar zonder het Friese Front is het gebied voor zeekoeten
minder interessant. En dan is er nog de dynamiek van de zee zelf, aldus
Dankers. ,,Hoe begrens je het Friese Front? Dat verschuift elk jaar.''
Volgens Dankers zijn er nog andere onduidelijkheden en onvolkomenheden. Zo
valt de in de Waddenzee zeer zeldzame zeegrassoort Zostera niet onder de
Europese richtlijnen, terwijl een meer algemeen voorkomende soort wel wordt
genoemd. Daarnaast is het volgens Dankers onduidelijk of de diepte wordt
gemeten vanaf het Nieuw Amsterdams Peil, zoals in Nederland gebruikelijk,
of vanaf de laagwaterlijn. ,,Die ligt een meter dieper, en dat betekent dat
de kustzone bij Den Haag tien tot twintig kilometer verder in zee ligt.''
Zowel de Nederlandse als de Engelse en Duitse overheden hebben inmiddels
besloten meer onderzoek te gaan doen naar de problemen met het aanwijzen
van gebieden voor de Vogelrichtlijn en Habitatrichtlijn. Volgens Dankers
moet daarbij ook gekeken worden naar de verschillende activiteiten die in
de Noordzee worden ontplooid. ,,Een boortoren in het Friese Front is voor
zeekoeten geen probleem; die zwemmen daar rustig langs'', stelt hij. ,,Zo
kan gekeken worden welke activiteiten wél mogelijk zijn.’’ | M.W.

Re:ageer