Wetenschap - 2 november 2017

Noordzee heeft riffen nodig

tekst:
Roelof Kleis

Om de Noordzee weer in balans te krijgen zijn riffen nodig. Die toekomstvisie ontvouwt Tinka Murk vandaag in haar inaugurele rede als hoogleraar Ecologie van Mariene Dieren.

© Guy Ackermans

Het milieu in de Noordzee is volgens Murk volledig uit balans. De zeebodem is hevig verstoord, waardoor tal van organismen geen kans meer hebben om zich te vestigen. Murk bepleit daarom een Noordzee met mogelijkheden voor een rijk en divers ecosysteem. ‘Zorg dat je weer riffen krijgt, met schelpdieren die het water schoon filteren, met zeegrasvelden en rijke delta’s die zoet en zout water verbinden. Een habitat met woonruimte voor vissen die holletjes en riffen nodig hebben, waar jonge kabeljauw en roggen kunnen opgroeien.’

Zwabbers
Als voorbeeld van die disbalans verwijst Murk naar de mosselteelt. ‘Mosselboeren mopperen dat krabbetjes en zeesterren hun mosselen opeten. Maar dat komt doordat er geen kabeljauw of paling meer is om tijdig krabbetjes en zeesterretjes op te eten. Die natuurlijke vijanden zijn weggevist. Mosselboeren gebruiken nu hele grote zwabbers om de zeesterren van hun mosselpercelen weg te houden. Dat is niet alleen arbeidsintensief, maar ook dweilen met de kraan open.’

Je moet de zeenatuur juist in staat stellen zich aan te passen aan de toekomstige omstandigheden
Tinka Murk

Eind 19e eeuw bestond de Noordzeebodem volgens Murk voor zeker dertig procent uit harde oesterbanken, lagen er zeestenen en kiezels en resten van boomstammen uit de tijd dat de Noordzee nog land was. Op dit harde materiaal konden oesters en andere bodemdieren groeien, en boden holletjes en gaten schuil- en broedplaatsen voor kreeften en krabbetjes, of vis zoals jonge kabeljauw en roggen. Die oesterriffen zijn inmiddels verdwenen, en daarmee hun functies van schuilplaats en zuivering van het zeewater.

Tuinieren
Murk pleit niet voor een krampachtige terugkeer naar een Noordzee zoals die ooit was. Daarvoor is volgens haar de omgeving teveel verandert. Behoudzucht leidt volgens Murk tot tuinieren. ‘Je moet de zeenatuur juist in staat stellen zich aan te passen aan de toekomstige omstandigheden.’ Back to the future instead of forward to the past, luidt de titel van haar oratie. Niet vooruit naar het verleden, maar terug naar de toekomst. Murk is voorzitter van de wetenschappelijke adviesraad van Stichting De Noordzee.

Resource besteedt in de editie die vandaag verschijnt (en online) ruim aandacht aan het werk en de drijfveren van Tinka Murk. Zij trad in 1989 in dienst als docent ecotoxicologie. In die discipline werd ze in 2008 persoonlijk hoogleraar. Als lid van de toelatingscommissie voor gewasbeschermingsmiddelen en biociden (Ctgb) was ze regelmatig in de media om toelichting te geven. Twee jaar geleden werd ze gevraagd te solliciteren naar de nieuwe leerstoelgroep mariene dierecologie.

Lees ook:


Re:ageer