Wetenschap - 1 januari 1970

Nominatie Grootste Wageninger: Slicher van Bath

Op 27 september, ongeveer ten tijde van zijn uitverkiezing in de Top Tien van Grootste Wageningers, overleed prof. Bernard Slicher van Bath (1910-2004) op 94-jarige leeftijd. De historicus wordt alom geroemd om zijn vermogen aan de hand van oude rekeningen en volkstellingen het dagelijks leven uit een ver verleden in beeld te brengen.

Prof. Bernard Slicher van Bath rond 1965. / foto uit familiearchief

‘Slicher van Bath was een van de beroemdste historici van Nederland. Johan Huizinga is wel de grootste, maar Slicher doet niet veel voor hem onder’, stelt zijn erflater prof. Pim Kooij, hoogleraar Agrarisch geschiedenis in Wageningen en Sociaal-economische geschiedenis in Groningen. ‘Slicher had de gave om afzonderlijke onderdelen van de toch erg ingewikkelde maatschappij tot een geheel te maken. Hij wist verbindingen te leggen tussen politieke, sociale, demografische, economische en financiële vraagstukken. Dat is zoiets als één kous breien met zeven pennen. Toen hij werd benoemd in Groningen en Wageningen moest hij bovendien op beide universiteiten de vakgroep van de grond af opbouwen en dus een heel nieuw vakgebied oprichten. Dat deed hij echt geweldig’, aldus Kooij.
Slicher werd in 1910 in Leeuwarden geboren en ontwikkelde al vroeg een grote belangstelling voor de geschiedenis van het platteland. Na zijn studie in Groningen en Utrecht verdiepte hij zich voor zijn promotieonderzoek in de nederzettingsgeschiedenis van Oost-Nederland. Zijn proefschrift, dat clandestien werd gedrukt en waarop hij in 1945 in Utrecht promoveerde, rekende af met de opvatting dat Oost-Nederland Saksisch zou zijn.

Rekenmachine
Na de oorlog werd Slicher rijksarchivaris van de provincie Overijssel en legde hij de grondslagen voor zijn standaardwerk over de geschiedenis van deze provincie. In 1948 werd hij hoogleraar Sociale en economische geschiedenis in Groningen en in 1949 tevens buitengewoon hoogleraar in de Agrarisch-economische en –sociale geschiedenis in Wageningen. Pas in 1956 ruilde hij zijn betrekking in Groningen in voor een volledige leerstoel Agrarische geschiedenis in Wageningen.
Slicher was een van de eerste historici die oude rekeningen, geboorte- en sterftecijfers of fiscaal cijfermateriaal gebruikte om de geschiedenis te reconstrueren. Voor de noodzakelijke bewerkingen maakte hij gebruik van een rekenmachine, hetgeen in die tijd onder historici opzien baarde. Ook verwerkte hij de gegevens in grafieken en kaartjes. Op basis van het Rekenboeck dat de Friese boer Rienck Hemmema uit het dorpje Hitsum van 1569 tot 1573 bijhield, reconstrueerde Slicher bijvoorbeeld de dagelijkse gang van zaken op de boerderij. Het maakte Hemmema onder historici tot de meest bekende boer uit de zestiende eeuw.
De regionale aanpak van Slicher vond navolging in talrijke historische studies waarmee de Wageningse geschiedkundigen internationaal school maakten. Zelf legde Slicher zich meer en meer toe op het bredere perspectief. Het in 1960 verschenen boek ‘De agrarische geschiedenis van West-Europa, 500-1850’ – oorspronkelijk bedoeld als inleiding voor studenten – wordt algemeen als zijn ‘magnus opus’ beschouwd. Een bestseller waarvan talrijke herdrukken en vertalingen (tot in het Japans) zijn verschenen.

Gewone mensen
Slicher zag het als zijn opdracht om in het boek juist het dagelijkse leven zichtbaar te maken, want niet iedereen trok er ‘op uit om veldtochten of ontdekkingsreizen te ondernemen’, zo schrijft hij in de inleiding. ‘Het verhaal van oorlogen en revoluties, van menselijke machtsbegeerte en hartstocht, van hevige innerlijke belevingen vult vele bladzijden van geschiedwerken. Over het leven van dag tot dag verneemt men weinig.’ Bij de ‘belangrijke gebeurtenissen’ die in de geschiedenisboeken staan, waren de meeste mensen hooguit passief betrokken, doordat men de ellende lijdzaam verdroeg, meende Slicher. ‘De gewone mensen werkten, aten en sliepen.’ Om de menselijke samenleving uit het verleden beter te leren kennen en begrijpen, moest men zich verdiepen in de landbouw, vond hij. Voor 1850 was immers vrijwel iedereen werkzaam in de agrarisch sector of er indirect van afhankelijk voor zijn voeding.
Na terugkomst van een verblijf van een jaar in Chicago, waar Slicher allerlei vernieuwende ideeën opdeed, waren hij en zijn Wageningse staf elkaar ontgroeid. Er ontstonden conflicten en in 1972 nam Slicher ontslag als hoogleraar. Hij vertrok naar Amsterdam en richtte – als directeur van het Centrum voor Studie en Documentatie van Latijns-Amerika (CEDLA) - zijn blik over de oceaan.

Eigen geluid
In 1974 kreeg hij van de Groningse universiteit de Ubbo Emmiuspenning voor zijn wetenschappelijke verdiensten en de Prijs voor Meesterschap van de Maatschappij der Nederlandse Letterkunde. Op een leeftijd dat anderen met pensioen gaan werd hij nog bijzonder hoogleraar in Leiden en Nijmegen en gaf hij met veel enthousiasme colleges. Slicher wilde zijn colleges altijd spannend houden en gaf nooit twee keer dezelfde colleges.
Ook over de Latijns-Amerikaanse geschiedenis schreef hij een standaardwerk. Volgens Kooij heeft Slicher drie keer een ‘volstrekt eigen geluid’ ontwikkeld. De eerste keer in de jaren vijftig als oorspronkelijk agrarisch historicus, de tweede keer in de jaren zestig toen hij op geheel eigen wijze zijn kwantitatieve aanpak combineerde met theorievorming en de derde keer als geschiedschrijver van Latijns-Amerika.
Slicher is blijven schrijven. Voor zijn levensgezellin Koos, waarmee hij een hecht team vormde, schreef hij deze zomer nog het boekje ‘Vallende herfstbladeren’ ter gelegenheid van haar verjaardag begin september. Het was tevens bedoeld als afscheid. En dat werd het ook.

Lydia Wubbenhorst en Gert van Maanen

Links:
Entomoloog De Wilde is grootste (Wb 37, 16 december 2004)
De Wilde internationaal bewonderd (Wb 37, 16 december 2004)
Redactioneel: Grootste Wageninger (Wb 37, 16 december 2004)
Jury nomineert tien Grote Wageningers (Wb 29, 7 oktober 2004)

Louise Fresco
Jo Hautvast
Evert Willem Hofstee †
Maarten Koornneef
Rommert Politiek
Bernard Slicher van Bath †
Mien Visser †,
Egbert de Vries †
Jan de Wilde †
Cees de Wit †

Re:ageer