Wetenschap - 1 januari 1970

Nog steeds te veel bestrijdingsmiddelen in de bloembollen

Nog steeds te veel bestrijdingsmiddelen in de bloembollen

Nog steeds te veel bestrijdingsmiddelen in de bloembollen

De bloembollenteelt heeft in 1997 gemiddeld 78 kilogram werkzame stof bestrijdingsmiddel gebruikt per hectare. Daarmee voldoet de teelt nog niet aan de doelstelling voor 1995: een vermindering met veertig procent ten opzichte van 1987. Voor een deel is dat toe te schrijven aan een groter areaal lelie, wat een grotere inzet vraagt van fungiciden en minerale olie. Dit is op te maken uit de voortgangsrapportage doelgroepoverleg bloembollensector 1997-1998

Het aandeel lelie in het bouwplan bepaalt de verschillen in verbruik tussen regio's. Hoe meer lelie, hoe hoger het verbruik. Dat is de reden dat de zuidelijke bollenstreek een lager gemiddeld verbruik heeft dan de bollenteelt in Noord-Holland. Het grootste deel van het verbruik in 1997 komt voor rekening van de grondontmettingsmiddelen, met zo'n 37 kilogram actieve stof per hectare. Ook het fungicidengebruik ligt hoog, met gemiddeld 28 kilogram per hectare. Er moet dus nog heel wat minder bestrijdingsmiddel worden gebruikt, want in 2000 mag het totale verbruik niet hoger zijn dan 48 kilo werkzame stof per hectare

Ook moeten de bollentelers nog veel doen om de kwaliteit van het oppervlaktewater te verbeteren. De grenswaarden voor bestrijdingsmiddelen worden nog te vaak overschreden. Uit de metingen blijkt dat vijf stoffen, drie fungiciden en twee insecticiden, verantwoordelijk zijn voor negentig procent van het aantal overschrijdingen van de toegestane grenswaarden in het water

Het meststoffengebruik is gemiddeld genomen binnen de norm. Het stikstofgebruik is sinds 1994 afgenomen van 325 kilo per hectare in 1994 tot 210 kilo in 1997. Het fosfaatgebruik is in dezelfde periode verminderd van 130 kilo per hectare tot 80 kilo per hectare. Toch overschrijdt circa twaalf procent van de bedrijven nog de toegestane norm van 110 kilo fosfaat per hectare. L.N

Re:ageer