Wetenschap - 9 december 2014

Nog geen duurzaam alternatief voor soja-import

tekst:
Albert Sikkema

De Nederlandse veehouderij heeft nog geen grootschalig duurzaam alternatief voor de import van veevoer uit Latijns-Amerika. Dat blijkt uit onderzoek van Wageningen UR Livestock Research en Blonk Consultants.

Het sojaschroot uit Brazilië is momenteel een belangrijke eiwitbron in Nederlands veevoer. Om de Europese mineralenkringloop te sluiten en minder afhankelijk te zijn van Latijns-Amerika, zoekt de veevoerindustrie naar eiwitbronnen uit Europa. Voorwaarde is wel dat dit veevoer betaalbaar en even duurzaam is. En dat lijkt geen gemakkelijke opgave.

Grootschalige verbouw van soja in Nederland en Oekraïne heeft een even grote CO2-voetafdruk als de geïmporteerde soja uit Brazilië, concludeert Livestock Research. Door soja in Europa te verbouwen, verlaag je de transportkosten en –emissies. Daar staat tegenover dat de soja de maisteelt verdringt en Europa meer mais moet importeren uit Noord-Amerika. Bovendien is de sojateelt in Europa minder efficiënt dan de maisteelt. Per saldo is de verbouw van soja in Europa even duurzaam als de import ervan uit Latijns-Amerika.

Daarnaast hebben de onderzoekers gekeken naar de verwerking van insecten (meelwormen) en algen tot veevoer. Algen bevatten veel eiwitten, maar de verwerking tot veevoerbrokken kost zoveel energie dat ze minder duurzaam zijn dan soja. En meelwormen zetten laagwaardige eiwitten heel efficiënt om in hoogwaardige eiwitten, maar ze groeien alleen goed in een warme stal van 30 graden Celsius, waardoor ook de milieuscore van de meelwormenteelt in Nederland slecht uitpakt.

De beste optie, zegt onderzoeker Marinus van Krimpen van Livestock Research, is het gebruik van diermeel ofwel processed animal protein (PAP) als kippenvoer. PAP is een restproduct uit slachterijen, dat sinds de uitbraak van BSE (gekkekoeienziekte) in 2000 is verboden als diervoeder. Onderzoek heeft uitgewezen dat je dit PAP veilig kunt gebruiken als veevoer voor kippen, als je het in gespecialiseerde voerfabrieken verwerkt. Met de recycling van PAP sluit je de fosforkringloop, zegt Van Krimpen, en de kosten zijn laag. Maar Brussel toont weinig animo om deze eiwitten weer toe te staan in varkens- en pluimveevoeders, na de ervaringen met BSE.

Tweede optie is om de sojateelt in Europa te stimuleren. Daarvoor zijn wel innovaties nodig, aldus Van Krimpen, waaronder verhoging van de opbrengst per hectare, zodat de teelt concurrerend wordt ten opzichte van andere gewassen. Een andere goede soja-vervanger is de erwt. Van Krimpen heeft geen milieuscore van de erwtenteelt – die maakten geen deel uit van het onderzoek – maar in een eerder rapport (2013) is aangegeven dat erwten een goede eiwitkwaliteit hebben, een hogere opbrengst per hectare geven dan soja en dat Europese akkerbouwers er goede ervaring mee hebben.

Het rapport ‘Replacement of soybean meal in compound feed by European protein sources’, dat  afgelopen week uitkwam, werkte met life cycle analysis


Re:ageer