Wetenschap - 19 november 2009

Nieuwe mier stond al 23 jaar op de plank

Mierenkenner Bram Mabelis van Alterra kan er de grap wel van inzien.

Bram Marbelis en de genegeerde mieren
Zeker in combinatie met de wetenschappelijke naam van het beestje: Lasius neglectus. Mabelis had de 'genegeerde mier' 23 jaar lang in zijn verzameling staan. Een nieuwe Nederlandse soort onder handbereik, maar hij had het te laat in de gaten.
Mabelis kreeg de mier in 1986 in handen toen hij door bewoners van een wijk in Leiden werd ingeschakeld. De bewoners hadden last van een forse kolonie kleine mieren. Volgens een rapporteur van de Hoofdinspectie Milieuhygiene ging het om Lasius alienus. Maar Mabelis zag meteen dat dat niet klopte. 'Die vertoont heel ander gedrag. Dit was een grote kolonie met veel koninginnen en de L. alienus heeft maar één koningin. Bovendien vlogen de jonge gevleugelde koninginnen niet uit om zich elders te vestigen.'
Het was dus een andere soort, concludeerde Mabelis. 'Maar welke? Ik kwam er niet uit. En ik heb er ook geen moment aan gedacht dat het een nieuwe soort zou kunnen zijn.' Dat kwartje viel een paar jaar later toen André van Loon van het European Invertebrate Survey Nederland een artikel schreef over een nieuwe mierensoort die hij had ontdekt in Boedapest. 'Toen was het me duidelijk: dat is 'm. Ik heb meteen de naam op het etiketje van het buisje veranderd. L. neglectus? In plaats van L. alienus??? Dat ene vraagteken bleef, omdat de determinatie nog geverifieerd moest worden.'
Mabelis meldde zijn vondst aan bij zijn collega's van de mierenwerkgroep van de Entomologische Vereniging. 'Maar verificatie bleef uit. Niemand pikte het op.' Zo bleef onbekend dat de plaagmier ons land al in 1986 koloniseerde. De mier kwam bij Mabelis pas weer in beeld toen eind vorig jaar diverse kranten meldden dat de mier oprukte naar onze grenzen. 'Journalisten belden me of-ie al in ons land voor kwam.' Mabelis antwoordde dat dat niet bekend was. Een leugentje om bestwil. Verificatie had immers nog steeds niet plaatsgevonden.
Daar kwam het uiteindelijk van toen Mabelis naar de universiteit van Gent moest. 'Ik dacht: ik neem dat buisje mee.' De Gentse deskundige Wouter Dekoninck bevestigde dat het om de plaagmier ging. Mabelis bracht daarna Van Loon op de hoogte van de aanwezigheid van de plaagmier in Nederland. Beiden verschenen begin deze maand in Vroege Vogels om over de mier te vertellen.
In opdracht van het minsterie van LNV verschijnt binnenkort zelfs een risicoanalyse van de plaagmier. Geschreven door Van Loon. Volgens Mabelis valt het wel mee met die plaag. Het beestje is naast Leiden alleen in Son, Maastricht, Wassenaar en Katwijk aan Zee gesignaleerd. De beestjes zijn hooguit lastig als ze massaal het huis binnendringen. Dat doen ze in de winter vanwege de kou en in de zomer ter verkoeling.' 

Re:ageer