Organisatie - 18 november 2009

Nieuwe leerwegen

Om tot volwaardig hoger onderwijs te komen, moet de overheid beroepsgerichte masteropleidingen goedkeuren en financieren. De hbo'er krijgt dan eindelijk een volwaardige status. Een voorschot op het werk van de Commissie Veerman.

10-96-IG_Bachelor_master_V4.jpg
Een voorbeeld. Het onderwijsinstituut van Wageningen Universiteit wil drie masteropleidingen samenvoegen. Hydrology and Water Quality, Metereology and Air Quality en Soil Science moeten per september 2011 opgaan in een nieuwe opleiding met de werktitel Earth and Biosphere. De werkgroep Earth Sciences van de universiteit rondde onlangs een rapport af waarin de contouren van de nieuwe opleiding zijn beschreven. 'Doel is om te komen tot een academische Master. Beroepsgerichte vakken komen niet terug in de nieuwe opleiding', zegt opleidingsdirecteur Theo Lexmond. 'Bijgevolg past onderwijs dat hoog wordt gewaardeerd door studenten en werkgevers, zoals het vak Technical Concepts in Water Engineering, niet meer in deze academische Master.'
  Lexmond nam daarom contact op met Jos Wintermans, opleidingsdirecteur Land en Water Management bij Van Hall Larenstein (VHL) in Velp. Zijn vraag: kunnen we dit onderwijs behouden door een beroepsgerichte Master op het gebied van technisch waterbeheer te starten? 'Er is op de arbeidsmarkt behoefte aan technische waterbeheerders en het past in ons onderwijshuis', zegt Lexmond. 'VHL moet wat mij betreft de kar trekken bij zo'n opleiding. De universiteit kan bouwstenen aanreiken. Maar ik heb nog geen antwoord op mijn voorstel.'
Speelveld
Wintermans wil wel, maar kan nog niet. 'Ik zie het als een kans, maar we hebben een goed speelveld nodig.' Hij wijst op het bekostigingsmodel hoger onderwijs. De overheid financiert geen hbo-masters, enkele uitzonderingen daargelaten. En het onderwijs volledig door de studenten laten betalen, is niet haalbaar. Wil dit plan slagen, dan moet de overheid worden overtuigd dat deze nieuwe professional master inspeelt op een grote marktvraag en dat marktpartijen uiteindelijk bereid zijn de opleiding voor de studenten te bekostigen.
 Inhoudelijk ziet de Velpse onderwijsdirecteur brood in de opleiding. Tot enkele jaren geleden bood hij een master aan op het gebied van watermanagement, gevalideerd door de Open University in Engeland. Maar toen VHL toetrad tot Wageningen UR, sneuvelde deze constructie met de Engelse universiteit, en daarmee de opleiding. 'Mijn plan was: een Master of Science met een sterk professioneel karakter, aangeboden door Wageningen UR, ingevuld door VHL, met bouwstenen van de universiteit. Maar de Raad van Bestuur zei: dat past niet in ons aanbod. Ook zou de opleiding niet voldoen aan de criteria van het Nederlandse accreditatieorgaan dat de opleiding moest goedkeuren.' Wil het gaan lukken, concludeert Wintermans, dan moet de overheid de professional master bekostigen.
  Daarmee geeft hij advies aan Cees Veerman, die door minister Plasterk is gevraagd om het onderwijsstelsel door te lichten. Plasterk wil een diverser onderwijsaanbod van de universiteiten en hogescholen, om in te spelen op de uiteenlopende onderwijsbehoeften van studenten. Veerman moet onder meer nagaan of het huidige onderwijsstelsel een gevarieerder aanbod in de weg staat.
 Het stelsel met bachelor- en masteropleidingen biedt in principe veel mogelijkheden en flexibiliteit voor studenten, vinden veel onderwijsdirecteuren bij de hogeschool en universiteit. Zo werkt Wintermans samen met de Wageningse hoogleraar Arnold Bregt op het gebied van geo-informatie. 'We bieden al een gecombineerd minor-vak aan en verkennen de mogelijkheden van een gezamenlijke majorspecialisatie', zegt Wintermans. Ook directeur Hans Hardus in Leeuwarden roemt de samenwerking met de Wageningse GIS-groep. Verder is de samenwerking met de Wageningse opleiding Management of Marine Ecosystems uitstekend, zegt hij.
Meerwaarde
Opleidingsdirecteur René Kwakkel van de universiteit heeft samen met VHL in Wageningen een doorstroomminor ontwikkeld voor hbo'ers Dier- en Veehouderij.
 'Dat is een groot succes. De studenten kunnen proeven aan de universiteit in een minor, 95 procent komt later een MSc volgen.' Kwakkel ziet een eenjarige professional master op de hogeschool wel zitten, waar ook universitaire studenten na hun Bachelor kunnen instromen. 'We hebben er wel eens over gepraat met VHL. Maar ja, toon de meerwaarde van zo'n opleiding maar eens aan bij het accreditatieorgaan.'
  Wat knelt bij de samenwerking, zijn de goedkeuring en bekostiging van nieuwe opleidingspaden. Idealiter levert de universiteit onderzoekers af; de hogeschool leidt op voor de beroepspraktijk. Maar in praktijk komt zo'n kwart van de universitair afgestudeerden in het onderzoek terecht, de rest zoekt een baan bij een bedrijf of ingenieursbureau. Die grote groep zou een professional master in plaats van een academische opleiding kunnen volgen, maar wie gaat dat betalen en wie strijkt de collegegelden en diploma-uitkering straks op?
  Bij nieuwe leerwegen concurreren de universiteiten en hogescholen om erkenning en geld. De kern van het probleem, vindt opleidingsdirecteur Hans Hardus in Leeuwarden, is dat de onderwijsinstellingen per diploma betaald krijgen. 'De universiteiten en hogescholen waren geen concurrenten, totdat de marktwerking zijn intrede deed in het onderwijs. Alle bestuurders willen groeien;  de gevolgen zien de docenten maar op te lossen. De overheid zou moeten betalen voor kwaliteit, in plaats van voor productie. Mogen we de lat weer hoog leggen? Dan kunnen we stoppen met fancy studies als Europa- en Communicatiekunde, kunnen de universiteiten terug naar hun core business en kunnen wij ons weer richten op de arbeidsmarkt.'
Visie
'Uiteindelijk is de bekostiging van opleidingen een knelpunt', zegt opleidingsdirecteur Hans van Rooijen in Velp. 'Maar achter die bekostiging zit een visie, ontwikkeld door ministers als Ritzen en Plasterk - mensen uit de wetenschappelijke wereld. In die visie is de hbo-bachelor niet gelijkwaardig aan de universitaire bachelor. Bovendien kunnen wij geen master op onze opleidingen zetten en de universiteiten wel.' Daarom zegt zijn collega Wintermans: 'We hebben een bekostigingsmodel nodig dat de professional master legitimeert.'
  Ab Groen, directeur Onderwijs en Onderzoek van Wageningen UR, is het met hem eens. Hij is ook gecharmeerd van de actie van opleidingsdirecteur Theo Lexmond om samen met de hogeschool tot een professional master te komen. 'De raad van bestuur wil toe naar integrale onderwijsinstituten, met daarbinnen leerwegen die zich onderscheiden op basis van hun eindtermen. Daarbij hoort een volwaardige en wettelijk erkende beroepsgerichte leerweg, met professional masters en beroepsgerichte promovendi, naast de academische leerweg. Beide zijn nodig.'
  Je moet die twee hoofdleerwegen wel scherp definiëren, vindt Groen. In de academische leerweg doe je kennis en vaardigheden op om nieuwe kennis te ontwikkelen, in de professionele leerweg om kennis toe te passen. Als dat staat, kun je flexibele verbindingen leggen tussen beide leerwegen.
Mengvormen
Nieuwsgierige en slimme studenten in een beroepsgerichte bachelor kunnen een voorbereidend vakkenpakket volgen om de studie te vervolgen bij een academische master. En academische studenten die niet in het onderzoek verder willen, kunnen omschakelen naar een professional master. Mengvormen voor individuele studenten zijn zelfs denkbaar, zegt Groen, maar de grote vraag wordt dan: wat komt er op het diploma te staan?
  Groen meent dat het onderscheid tussen hbo- en wo-diploma's dan kan verdwijnen. 'Er kan één diploma voor hoger onderwijs komen, met een supplement erbij wat de student heeft gedaan.' Ook moet het onderscheid in bekostiging tussen instellingen verdwijnen, vindt hij. 'Je financiert dan academische en professionele opleidingen, waarbij het bedrag afhangt van de kosten van de leeromgeving.'
  Erkenning en bekostiging van de verschillende opleidingen door de overheid zijn belangrijke randvoorwaarden, die de Commissie
  Veerman moet oplossen, vindt Groen. Maar het onderwijsveld moet ook veranderen, benadrukt hij. 'Heel belangrijk is wat er in de hoofden van mensen zit. Als je denkt dat de hogeschool mindere studenten heeft en de universiteit betere, dan is het lastig de barrière te slechten. Je moet vaststellen dat de studenten verschillende leerdoelen hebben en dat verschil moet je definiëren in de eindtermen.'  

Re:ageer