Wetenschap - 1 januari 1970

Nieuwe hoogleraar gaat vetcel dresseren

De nieuwste hoogleraar van Wageningen gaat zoeken naar manieren om de overtollige vetreserves van dikke mensen minder gevaarlijk te maken. ‘Een risicofactor van overgewicht schuilt volgens een nieuwe theorie in het vetweefsel’, zegt prof. Renger Witkamp. ‘Het gaat dan vooral om het buikvet, dat een soort chronisch ontstekingsproces aanjaagt.’

Sinds 15 mei is Witkamp hoogleraar bij de afdeling Humane Voeding. Witkamp, die voor de helft blijft gestationeerd bij TNO, weet dat zijn onderzoeksrichting met angels en voetklemmen is bezaaid. ‘De halve voedingswereld is met overgewicht bezig’, zegt Witkamp. ‘Daarom ga ik me niet bezighouden met manieren om overgewicht te voorkomen of te bestrijden. Dat laat ik over aan anderen. Ik heb gekozen voor een niche waarin niet zoveel onderzoekers actief zijn, maar waarvan we verwachten dat er wel interessante dingen zijn te ontdekken.’
In die niche, vertelt Witkamp, draait het om de combinatie van farmacologie, systeembiologie en ontstekingsonderzoek, waardoor het ‘slechte’ vetweefsel zijn geheimen prijsgeeft. Met die kennis wordt het hopelijk mogelijk om via voeding het de ontstekingsprikkel van vetweefsel af te zwakken.
Dat zou kunnen betekenen dat overgewicht tot minder ziekte leidt. Overgewicht kan leiden tot diabetes-2 en aandoeningen als aderverkalking. In het voorstadium daarvan, het metabool syndroom, spelen ontstekingsprocessen waarschijnlijk een sleutelrol. ‘Wij vermoeden dat al die ontstekingsprocessen bij wijze van spreken worden aangezwengeld vanuit het vetweefsel’, aldus Witkamp. ‘Als dat zo is, dan is daar misschien iets aan te doen.’
Witkamps interesse gaat twee richtingen uit: aan de ene kant wil hij proberen of hij die ontstekingsprocessen kan opsporen voordat de gezondheid in het gedrang komt. Hoe dat precies moet gaan gebeuren, dat is de andere richting.
Zijn onderzoekservaring op TNO heeft Witkamp geleerd dat het vinden van voedingsstoffen of farmacologische componenten die ontstekingsprocessen in vet afremmen niet eenvoudig is. ‘We hebben wel eens geëxperimenteerd met ontstekingsremmers als ibuprofen’, zegt de hoogleraar. ‘Daar is weinig uitgekomen. Het experiment was te grof, denken we nu. Daarom willen we nu verfijnder te werk gaan.’
Witkamp beweegt zich al jaren op het grensvlak tussen food en pharma. Zijn interesse gaat uit naar de overlap tussen de manier waarop voedingsstoffen en farmacologische processen in het lichaam actief zijn. In zijn hoogleraarschap wil hij bijvoorbeeld ook gaan kijken naar de cannabinoïde-receptoren: sensoren waarmee cellen lichaamseigen stoffen, de endocannabinoïden, waarnemen, maar ook de actieve verbindingen in softdrugs. Farmacologen bestuderen die receptor en stoffen die eraan hechten, in hun zoektocht naar een middel tegen overgewicht. Een bijwerking van het gebruik van softdrugs is eetlust. Andersom remmen verbindingen, die de receptor niet prikkelen maar blokkeren, de trek in eten juist. Daarom heeft medicijnfabrikant Sanofi-Aventis rimonabant als afslankmedicijn in de markt gezet, een verbinding die de cannabinoïde-receptor blokkeert.
De interesse van Witkamp gaat echter niet uit naar rimonabant en de endocannabinoïden in de hersenen. ‘We weten sinds kort dat ook immuuncellen receptoren voor de actieve stoffen in cannabis hebben’, zegt Witkamp. ‘Worden die receptoren geprikkeld, dan nemen ontstekingsprocessen in hevigheid af. We sluiten niet uit dat er in onze voeding stoffen zitten, die specifiek inwerken op die cannabinoïde-receptor, en niet op de receptor in de hersenen.’
De komst van Renger Witkamp naar Wageningen Universiteit komt op een moment dat Wageningen UR zich ook in de richting van de farmacologie wil ontwikkelen. Witkamp voorziet dat toenadering tot de voedingswetenschap en de farmacologie onvermijdelijk is. Dat komt niet alleen doordat de voedingswetenschappers gemeenschappelijke grond met de farmacologen ontdekken, maar ook omdat de farmaconcerns de voedingswetenschappen steeds interessanter gaan vinden.
‘Steeds vaker komt behandeling van ziekten neer op het toepassen van meerdere medicijnen tegelijkertijd’, aldus Witkamp. ‘Kijk maar naar het medicijngebruik door ouderen. De farmacologie begint zich steeds meer te interesseren voor de studie van de combinatie van middelen. Meer kennis over hoe middelen elkaars werking beïnvloeden leidt hopelijk tot intelligenter cocktails, met meer effect en minder bijwerkingen. Daar komt de farmacologische interesse voor de voedingswetenschappen vandaan. Voeding is immers een cocktail van stoffen. Voedingswetenschappers bestuderen al tientallen jaren niets anders dan cocktails van actieve stoffen.’ / WK

Re:ageer