Wetenschap - 26 november 2012

Nieuwe darmflora verlicht gevolgen obesitas

De schadelijke gevolgen van obesitas zijn af te remmen door dikkerds een nieuwe darmflora te geven. Zulke ‘poeptransplantaties' worden al vijftig jaar gebruikt bij darminfecties, maar recent onderzoek suggereert een breder nut.

darmbacterie.jpg
Wageningse microbiologen onderzochten samen met artsen uit het AMC het nut bij mensen met obesitas. Hun bevindingen publiceerden ze in het tijdschrift Gastroenterology.
De wetenschappers rekruteerden achttien mannen met obesitas. Deze hebben veelal een verminderde insulinegevoeligheid: een voorstadium van type 2 diabetes. Opmerkelijk genoeg kostte het weinig moeite om deelnemers te vinden. ‘Het viel ontzettend mee,' zegt eerste auteur Anne Vrieze vanaf haar dienst op de Eerste Hulp van het AMC. ‘Die mensen hebben alles al geprobeerd. Ze dachten: Misschien is dit wel de reden waarom ik dik ben.'
De helft van de proefpersonen kreeg een ‘slank' poepmonster in de dunne darm ingespoten, dat gebeurde via een neusslang. Terwijl de negen anderen hun eigen bacteriën terugkregen. Hun eigen darmflora was eerst weggespoeld. Zowel patiënten als artsen wisten niet wie welke behandeling kreeg. Zes weken na de transplantatie bleken ‘slanke' mannen inderdaad te profiteren, in tegenstelling tot de controlegroep die zijn eigen bacteriën terugkreeg. Toen Vrieze en collega's maten hoe snel glucose verdween uit het bloed, bleek dat bijna twee maal zo snel te gaan als voorheen. De controlegroep ging niet significant vooruit. De tests van Zoetendal lieten ondertussen zien dat behandelde patiënten een flink veranderde darmflora hadden.
Een hoopgevend resultaat maar deze studie is pas een eerste aanzet. Zo is het aantal proefpersonen klein. Erwin Zoetendal, universitair docent bij Microbiologie, vindt het daarom ook jammer dat er nog enkele gedurende de studie afvielen. Bovendien moet nog duidelijk worden of het positieve effect blijft bestaan na zes weken, en of het ook op ‘harde' gezondheidsuitkomsten zoals gewicht invloed heeft. Toch is Zoetendal tevreden met deze eerste studie: ‘We hebben hier alleen de microbiota veranderd en dat had invloed op insulineresistentie. Het geeft weer aan hoe belangrijk darmbacteriën zijn, ook voor onderdelen van het hele lichaam.'
Je darmflora is ecosysteem van bacteriën met meer cellen dan je eigen lichaam bezit. Deze micro-organismen belanden daar niet toevallig, maar verrichten allerlei nuttig werk. Wetenschappers zien de darmflora daarom tegenwoordig als een volwaardig orgaan. En wanneer dit is verstoort, bijvoorbeeld omdat er relatief teveel van één bacteriesoort leeft, draagt dit bij aan ziektes, als obesitas, darmontsteking en de ziekte van Crohn.
Zo ontstond ook de gedachte dat een nieuwe darmflora, een poeptransplantatie, helpt tegen deze ziektes. ‘Vergelijk het met een harde schijf die niet in orde is,' zegt Zoetendal. ‘Je kunt hem zo vaak opstarten als je wilt, maar pas als je de schijf reset doet hij het weer.' Het bewijs dat poeptransplantaties werken tegen chronische diarree veroorzaakt door de bacterie Clostridium difficile stapelt zich al een tijdje op. Ook voor obesitas gebeurden al experimenten, in muizen welteverstaan Jeffrey Gordon van Washington University liet zien dat muizen die de darmflora krijgen van een dikke muis meer vetmassa opdoen. En dat bleef zo, ook over langere tijd. Nu is het afwachten of dit ook geldt bij mensen.

Re:ageer