Wetenschap - 1 januari 1970

Nieuw verdeelmodel onderwijsbudget eerlijk, maar complex

Nieuw verdeelmodel onderwijsbudget eerlijk, maar complex

Nieuw verdeelmodel onderwijsbudget eerlijk, maar complex


Het universitaire onderwijsbudget zal na 2004 op een nieuwe manier verdeeld
worden. Leerstoelgroepen krijgen geen basisfinanciering meer, maar worden
betaald op basis van het aantal studenten dat ze weten te trekken.
Het simpele uitgangspunt dat leerstoelgroepen eerlijk betaald moeten worden
voor de onderwijsinspanningen die zij leveren heeft een complex
verdeelmodel opgeleverd. De commissie-Brascamp die zich de afgelopen
maanden gebogen heeft over het model maakt onderscheid tussen 14
onderwijsvormen. Voor elke vorm hebben ze een basisvergoeding vastgesteld
en een bedrag dat de leerstoelgroepen ontvangen voor elke student die het
vak volgt. Een hoorcollegevak van 4 studiepunten levert bijvoorbeeld
sowieso14736 gulden basisfinanciering op. Voor elke student die in de
collegebanken verschijnt krijgt de groep daarbovenop 76 euro. Voor de 13
andere onderwijsvormen gelden weer andere bedragen.
,,Het is inderdaad behoorlijk ingewikkeld, maar dat is onvermijdelijk’’
reageert Pim Brascamp, de voorzitter van de commissie die het systeem
doorrekende. ,,Je hebt twee keuzes, als je het simpel wilt houden geef je
iedere leerstoelgroep een flinke basiscapaciteit, maar dan moet je
accepteren dat er nooit een moer van klopt. Dan heeft de een altijd te veel
en de ander te weinig. Als je het eerlijk wilt doen wordt het
onvermijdelijk zeer complex.’’ Hoe de nieuwe regels uit gaan pakken voor de
verschillende BSc- en MSc-opleidingen is nog onduidelijk.
Wat de zaak extra complex maakt, is de voorwaarde van de raad van bestuur
dat het totale onderwijsbudget niet groter mag worden dan 14,9 miljoen
euro. ,,Eigenlijk proberen we dus twee dingen te verenigen, die niet ter
verenigen zijn. Je wilt de leerstoelgroepen eerlijk belonen voor hun
inspanning, en tegelijkertijd zeg je dat het nooit meer mag kosten dan
zoveel.’’
Brascamp heeft het probleem opgelost door uit te rekenen dat met de huidige
studentenaantallen en de prognoses voor de komende jaren geen probleem
ontstaat. Als de studentenaantallen stijgen, ontstaan die wellicht wel.
,,Dan moet het college van bestuur maar een knoop doorhakken, gaat er geld
bij, of moet er geschrapt worden in dure onderwijsvormen.’’
Het onderwijsinstituut Technologie en voeding heeft de raad van bestuur al
laten weten dat zij in dat geval vinden dat er geld bij moet. Het
onderwijsinstituut waar onder andere de studierichtingen Moleculaire
wetenschappen en Biotechnologie onder vallen heeft veel dure intensieve
practica. Om binnen het normbudget te blijven zou bij een sterke groei van
het aantal studenten het aandeel van die practica onder de 15 procent
moeten zakken. ,,Dat is voor ons een kritische grens’’, zegt
onderwijsdirecteur prof. Ivonne Rietjens. ,,Minder is niet verantwoord voor
ons type opleidingen. Rietjens is overigens zeer te spreken over het model.
,,Het is zeer goed onderbouwd, echt fantastisch werk. Zorgvuldig en
eerlijk.’’ | K.V.

Re:ageer