Wetenschap - 26 juni 2018

Niet voedselzekerheid, maar voedselwaarde staat onder druk

tekst:
Albert Sikkema

Hoe voeden we de groeiende megasteden in de wereld? Met meer voedsel, maar vooral met gezonder voedsel, bleek tijdens de World Dialogue van WUR op 23 juni. Prioriteit 1 is: verminder de voedselwoestijnen.

©Guy Ackermans

Tijdens de WURld Dialogues ging rector magnificus Arthur Mol in debat met alumni en deskundigen uit China, Ethiopië, Latijns-Amerika en de Verenigde Staten die via live stream verbonden waren met de campus. Ze bespraken met elkaar de uitdaging van wereldwijde voedselvoorziening.

Aangezien de meeste megasteden op dit moment in ontwikkelingslanden ontstaan, is de beschikbaarheid van voedsel voor de tientallen miljoenen stedelingen de eerste zorg. ‘De bevolking in mijn stad groeit elk jaar met 7 procent’, stelde alumnus Laurant Sedogo. ‘Ondertussen komt er minder land beschikbaar voor landbouwproductie. Er ligt een enorme opgave om de productiviteit en infrastructuur in de voedselketens te verbeteren’, aldus de oud-landbouwminister uit Burkina Faso, die in de Ethiopische hoofdstad Addis Abeba een zaal toesprak.

Voedingswaarde
In China geldt voedselzekerheid niet meer als de grootste uitdaging, vertelde hoogleraar Chun-Ming Liu vanuit Nanjing. Het is China gelukt om 21 procent van de wereldbevolking te voeden op 7 procent van de landbouwgrond in de wereld, met name door productieverhogingen en plantenveredeling, stelde Liu, maar nu gaat het om het verbeteren van de voedingswaarde.

Food deserts
Die voedingswaarde staat onder druk, nu meer mensen in de wereld obesitas hebben dan honger. Belangrijke boosdoener is processed food, dat de laatste twintig jaar is verdrievoudigd. Dit bewerkte voedsel, met veel suiker, vet en zout, zorgt inmiddels voor food deserts in de Verenigde Staten, vertelde Martien van Nieuwkoop, directeur Landbouw bij de Wereldbank. ‘Het rijke deel van de Amerikaanse bevolking koopt duur biologisch voedsel, maar een groot deel van de lagere en middeninkomens heeft geen beschikking over verse groenten. Die woont in food deserts.’

Obesitas
Ruben Echeverria legde vanuit Colombia verbanden tussen landbouw, obesitas en ongelijkheid. ‘Waarom is het voedsel in Nederland goedkoper dan in Latijns-Amerika? En waarom is er minder obesitas in Nederland? Omdat Latijns-Amerika teveel heeft geïnvesteerd in export en te weinig in voedsellandbouw en ongelijkheid.’

Suikertaks
Echeverria brak een lans voor een belasting op suiker om de obesitas terug te dringen. ‘Dat werkt heel goed in Mexico, die de taks 5 jaar geleden invoerde. De suikerconsumptie neemt nu af.’ Een vettaks op voeding kan ook helpen, denkt de directeur van het landbouwonderzoekinstituut CIAT. Het is een controversieel onderwerp in de VS, reageerde Van Nieuwkoop. Een taks zou de arme bevolking – die al weinig vers voedsel eet – treffen. Wellicht kun je beter de subsidies op zoetstoffen in de VS – 20 miljard dollar per jaar voor maize sweeteners – afschaffen, suggereerde hij.

Variant
Rector Arthur Mol kwam vanuit Wageningen met een variant op de suikertaks. ‘Je hoeft niet de consument te belasten, je kunt ook de voedingsproducenten een suikertaks opleggen. Engeland heeft dit in april ingevoerd. Je krijgt dan meer innovatie, want het loont dan om gezondere vervangers van bijvoorbeeld suiker en vet in de voeding te gebruiken.’ Uit de zaal in het Wisdom and Wonder paviljoen op de campus kwam nog een interessante optie: waarom geven we geen belastingvrijstelling op groenten en fruit om gezond voedsel te stimuleren?

Voedselverspilling
De sprekers uit de vijf werelddelen stonden ook stil bij het terugdringen van voedselverspilling. In de ontwikkelingslanden wordt er vooral veel voedsel verspild op en rond de boerderij, in rijkere landen verspillen de consument en de retailers vooral. In China loopt nu een overheidscampagne om de consumenten ervan te overtuigen om porties te verkleinen en genoeg te eten, om verspilling tegen te gaan. Dat werkt.’

Amerikaanse consumenten geven jaarlijks gemiddeld 1500 euro uit aan voedsel dat ze daarna weggooien, stelde Van Nieuwkoop. Daar valt dus veel winst te halen. Hij denkt dat de grote voedingsbedrijven een belangrijke bijdrage kunnen leveren om de verspilling tegen te gaan, door de sustainable development goals van de VN te omarmen. Ook Echeverria ziet een grote rol voor het bedrijfsleven – ‘agriculture is business’ – maar regeringen moeten de bedrijven dan wel uitdagen om de verspilling terug te dringen.

City Councils
We moeten circulaire voedselsystemen ontwikkelen om de food waste terug te dringen, vond Mol. Daarbij moeten bedrijven de voedselresten niet te snel een laagwaardige toepassing geven, zoals bio-energie, maar eerst kijken naar hoogwaardiger toepassingen als bioplactics en veevoer. Goede verdienmodellen zijn noodzakelijk, maar ook ontwerpateliers. Echeverria pleitte voor food city councils om de voedselvoorziening in de (mega)steden opnieuw in te vullen.


Re:ageer