Wetenschap - 21 juni 2007

Niet alle dikke buiken zijn ongezond

Terwijl artsen en voorlichters ons op het hart drukken dat bijna niets zo ongezond is als een dikke buik, zijn duizenden dikkerds zo gezond als een vis. Een Wageningse promovendus heeft vermoedelijk ontdekt waarom. Grote vetlagen zijn waarschijnlijk minder gevaarlijk voor de gezondheid naarmate daarin meer gezonde vetten zijn opgeslagen.

Grote vetreserves verhogen de kans op hart- en vaatziekten en diabetes-2, en misschien ook de kans op reuma en sommige vormen van kanker. Dat komt, zegt dr. Rinke Stienstra van de afdeling Humane Voeding, omdat grote vetreserves in het lichaam een constante ontsteking veroorzaken.
Als vetlagen groeien, lokken ze meer immuuncellen aan. Die immuuncellen geven op hun beurt weer ontstekingseiwitten af. Die kunnen medeoorzaak zijn van dichtgeslibde bloedvaten en diabetes.
Omdat Stienstra wilde onderzoeken of grote vetlagen zich onder alle omstandigheden ontpoppen als ontstekingshaarden, mestte hij muizen vet en gaf ze daarna een week het diabetesmedicijn rosiglitazone. Rosiglitazone maakt zich in vetcellen vast aan het eiwitje PPAR, dat normaliter reageert op gezonde onverzadigde vetzuren en hun metabolieten. De toediening van rosiglitazone geeft dan ook een idee van wat er gebeurt in een dikke buik die niet is opgebouwd uit de ongezonde vetten uit bijvoorbeeld roomboter, maar uit de gezonde vetten in zonnebloemolie.
Stienstra ontdekte dat het prikkelen van PPAR niet kon verhinderen dat er immuuncellen naar de vetreserves verhuisden. ‘Integendeel, het aantal immuncellen nam spectaculair toe na prikkeling van het eiwitje’, zegt begeleider dr. Sander Kersten. ‘Het opmerkelijke was dat dit volledig op het conto kwam van immuuncellen van een type dat waarschijnlijk geen schadelijke gezondheidseffecten heeft. Het zijn immuuncellen die je ook vindt in spieren en niet-ontwikkelde vetweefsels in slanke mensen.’
Die immuuncellen maken minder ontstekingseiwitten aan en meer eiwitten als Interleukine-10 en arginase-1, die de groei en ontwikkeling van weefsels bevorderen. ‘Waarschijnlijk stimuleren deze goede immuuncellen ook de groei van de vetweefsels, waardoor die beter vetzuren kunnen opslaan’, besluit Kersten. ‘Zo voorkomen ze dat vrije vetzuren door het lichaam zwerven en schade veroorzaken.’ / Willem Koert

Rinke Stienstra promoveerde op 18 juni bij prof. Michael Müller, hoogleraar Voeding, metabolisme en genomics.

Re:ageer