Student - 23 juni 2011

Nederlands boeren in Tanzania

Wie? Wim Mooijman (Agrarische bedrijfskunde); Wat? Stage op een koeienfokkerij in Tanga, Noordoost-Tanzania; Waarom? Helpen bij het opzetten van een tweede bedrijf met 300 koeien en jongvee

28-Wim-Mooijman-2896.jpg
'Een Nederlander begon ooit met een fokbedrijf voor koeien in Tanzania. Omdat de afnemers van de koeien de melk vervolgens moesten kunnen afzetten, werd een melkfabriek gebouwd, inmiddels de grootste van het land. Om het verhaal rond te krijgen, volgde een klein financieringsbedrijf. Lokale boeren kopen een koe op krediet. Wanneer zij hun melk leveren aan de melkfabriek gaat een deel van de opbrengt direct naar het financieringsbedrijf zodat de koe langzaam wordt afbetaald.
Het concept blijkt een groot succes. Tijdens mijn stage hielp ik met het opzetten van een tweede fokkerij, het is de bedoeling om daar 300 koeien en jongvee te huisvesten. Wij hielpen bij het ontwerp van de melkstal, leerden de mensen hoe zij met de machines moesten omgaan. Tussendoor losten we veel problemen op en zorgden dat de hele boel draaiende bleef.
Op het bestaande fokbedrijf lopen 70 koeien en 150 stuks jongvee. Wanneer een koe hoogdrachtig is, wordt zij verkocht aan de lokale bevolking. Zij hebben er dan gelijk een kalfje bij en kunnen de koe melken.
Van de opbrengst van de melk van twee koeien kan een klein gezin in Tanzania al rondkomen. Dit terwijl de koeien veel minder melk geven dan de Nederlandse melkkoe. Om de productie te vergroten worden Tanzaniaanse koeien gekruist met Nederlandse stieren. Genetisch gezien wordt de productie op deze manier vergroot. Maar het doel is zeker niet om een koe als de Nederlandse melkkoe te fokken, want die zou het met dat klimaat en rantsoen niet volhouden.
Wat mij vooral verbaast is de manier van leven van de Tanzanianen. Hun instelling is heel anders; zij leven echt bij de dag. Als zij met hun brommertje ergens heen moeten, gooien zij er iedere keer één euro aan benzine in. Wij begrepen dit niet omdat je dan iedere keer weer moet tanken. Maar zij denken: 'stel je voor dat we na twee kilometer een ongeluk krijgen, dan hebben we het geld aan de benzine voor niets uitgegeven'.'  Karin Flapper

Re:ageer