Wetenschap - 1 januari 1970

Nederland wil sterkere WTO

Nederland wil sterkere WTO

Nederland wil sterkere WTO

Eind november komen in Seattle de ministers van buitenlandse handel van de lidstaten van de Wereldhandelsorganisatie (WTO) bij elkaar. Daar zullen ze voor de derde keer onderhandelen over verdere liberalisatie in de landbouw- en dienstensector. Donderdag 24 juni heeft de vaste Kamercommissie van Economische Zaken het voorstel van staatssecretaris Ybema van Internationale Handel over de Nederlandse inzet bij de onderhandelingen besproken. Nederland wil versterking van de WTO en voortzetting van de handelsliberalisatie. Daarnaast gaat Nederland pleiten voor afspraken over milieu, internationale arbeidsnormen en de gezondheid van de consument. Nederland wil ook aandacht voor mogelijke conflicten binnen de WTO, zoals die over hormoonvlees en bananen. Tot slot wil Nederland dat binnen de WTO meer aandacht komt voor verdere integratie van ontwikkelingslanden in het wereldhandelssysteem

De WTO is in 1994 opgericht. In de laatste onderhandelingsronde van de GATT werd besloten deze permanente wereldhandelsorganisatie op te richten. Doel van de WTO is de handel wereldwijd te stimuleren. Momenteel zijn er 135 landen lid van de WTO; 30 bereiden zich voor

Frank Roozen Plassen in de uiterwaarden

Naam Frank Roozen, 25 jaar

Project Onderzoek Ecologie Rivier Uiterwaardplassen

Instituut Leerstoelgroep Aquatische ecologie en waterkwaliteitsbeheer, Wageningen Universiteit

Budget Vier ton voor dit jaar

Aanvang project 1998

Looptijd Medio 2002

Financiers Rijksinstituut voor Integraal Zoetwaterbeheer en Afvalwaterbehandeling

Partners Idem

In de komende eeuw moet er in de uiterwaarden meer ruimte voor de rivier komen. De bergingscapaciteit van de uiterwaarden schiet steeds meer tekort, zodat de kans op overstromingen toeneemt. Daarom moeten de uiterwaarden verlaagd of afgegraven worden, waarbij plassen ontstaan. Er zijn al allerlei plassen in de uiterwaarden, maar er is weinig bekend over het functioneren van deze plassen onder invloed van bijvoorbeeld overstromingen. Een tijdelijk contact van de plas met de rivier kan de ecologie van een plas beïnvloeden. Aan meren die niet regelmatig overspoeld raken door vers water is al veel meer onderzoek verricht, maar daar ontbreken juist de uiterwaardspecifieke processen waarin wij geïnteresseerd zijn.

Ik kijk naar de ontwikkeling van plankton, zowel plantaardig als dierlijk, en naar de helderheid van de plas. Plankton heeft invloed op de helderheid, net zoals slib. Bij plankton heeft een overstroming waarschijnlijk alleen op korte termijn een effect, aangezien het van zichzelf een behoorlijke dynamiek heeft - de hele populatie kan binnen een paar dagen veranderen. Een overstroming in het voorjaar zegt weinig over wat je in de zomer aantreft. Een overstroming heeft wel meer invloed op de aanwezigheid van slib in een plas.

Gedurende het project bekijken we diverse plassen langs de grote Rijntakken - IJssel, Nederrijn, Lek en Waal. Langs de Waal bemonsteren we elke twee weken tien plassen om de ontwikkelingen in de tijd te vergelijken. Daarnaast gaan we honderd plassen oon maal per jaar langs. We kijken naar plaseigenschappen als grootte, diepte en ligging ten opzichte van de rivier, of ze troebel zijn of juist helder en welke waterplanten er staan. We hopen zo relaties te vinden tussen de plaseigenschappen en de ecologische staat van de plas. Uit de modellen die we gaan ontwikkelen, moet dan te voorspellen zijn hoe een nieuwe plas zich in de toekomst zal ontwikkelen. Dat is van belang voor de waterbeheerder, die bij de aanleg van plassen rekening wil houden met de secundaire functies van de plassen, bijvoorbeeld recreatie. De beheerder kan dan al bij de aanleg voorkomen dat er in de zomer een bloei van toxische blauwalgen plaatsvindt, wat slecht is voor de gezondheid van mens en dier.

Grote waternavel

De Unie van Waterschappen maakt zich zorgen over de grote waternavel. Deze uit Amerika afkomstige vijverplant woekert in kanalen, sloten en riviertjes en verstikt zo het water. Is een handelsverbod, zoals de Unie wil, een goed idee?

Nee, voor de grote waternavel is een handelsverbod te laat. In Brabant heeft hij zich in drie jaar tijd 35 kilometer verspreid. Daarmee is hij natuurlijk nog niet zomaar in Harlingen. Maar aangezien er al zoveel van is verkocht, kan hij zich vanuit legio plaatsen in Nederland verspreiden. Deze waterplant vermeerdert zich vegetatief, dus er hoeft maar een stukje plant aan een vogelpoot te blijven hangen en hij vestigt zich elders, vanwaar hij zich weer verder verspreidt. We kunnen de grote waternavel maar beter accepteren en leren kennen. Als je weet wat zijn niche is en wat zijn groei-eisen zijn, kun je maatregelen bedenken waarmee je hem onder controle houdt. Je kunt regelmatig maaien. Of je kunt de waterkwaliteit zo aanpassen dat de grote waternavel wordt benadeeld en zijn concurrenten worden bevoordeeld

Om te voorkomen dat je nog meer woekeraars binnenhaalt, moet je wel de handel verbieden in allerlei nieuwe exotische soorten. De ervaring leert dat tien procent van de exoten in een gebied aanslaat. Daarvan doet nog eens tien procent het zo goed dat hij gaat woekeren. Bij elke exoot loop je dus een kans van oon op honderd dat hij een onkruid wordt. Je denkt wel dat alle ecologische niches in de wereld bezet zijn. Maar dat is niet zo. Ecosystemen zijn gatenkazen

De laatste jaren zijn er veel biologische invasies geweest. Mensen reizen meer, en dan nemen ze planten en dieren mee. Na de Tweede Wereldoorlog zijn de Canadese en de smalbladige waterpest heel dominant geworden. Dit zijn blijvers gebleken; ze komen veel voor in voedselrijke wateren. In tegenstelling tot de grote waternavel hebben ze echter het voordeel dat ze onder water groeien. En daar moeten ze concurreren met een heleboel andere waterplanten. De grote waternavel vormt een drijvende laag boven op de waterspiegel, waaronder nauwelijks nog iets kan groeien. Van dat soort waterplanten hebben we er niet zoveel. We hebben wel kroos, maar dat redt het alleen in kleine watertjes. De grote waternavel kan dus veel grotere gevolgen hebben voor de biodiversiteit dan de waterpest. Een slecht voorbeeld is de waterhyacint, die ook dichte, drijvende plantenlagen vormt. Bij ons redt deze exoot het niet, want hij is niet winterhard. Maar hij heeft wel grote delen van Afrika veroverd. In bijvoorbeeld het Victoriameer vormt hij een groot probleem voor de vissers; hun boten kunnen er niet meer doorheen

Onze leerstoelgroep gaat dit soort informatie over de grote waternavel op de website www.slm.wau.nl/wkao/ zetten. Dat doen we steeds als een onderwerp op ons vakgebied in het nieuws is. We hebben er ook informatie op gezet over de Legionellabacterie. Dat rekenen we tot onze publieke taak


DLO-instituut voor groene ruimte wil onderzoekers vrijstellen voor account management

Veel onderzoekers kijken neer op commerciëlen


De directeuren dr Andro van der Zande (SC-DLO) en drs Ebbe Rost van Tonningen (IBN-DLO), en twee klantbeheerders, ir Sjef Langeveld (IBN-DLO) en drs Bert Harms (SC-DLO), spreken over de noodzaak van klantbeheer en de haken en ogen die eraan zitten. In ons denken groeien we naar elkaar toe, zegt Van der Zande. Bij het Staring Centrum krijgt klantbeheer een steeds duidelijker positie. Twee jaar geleden begonnen we met halftijds-constructies, vaak met senior-onderzoekers. Maar zelfs zij kwamen in de verdrukking; het onderzoekswerk verdrong het klantbeheer.

Bij klantbeheer draait het om het leggen van contacten en onderhouden van relaties, zegt Langeveld. Als je de relaties goed onderhoudt, komen de opdrachten vanzelf. De account manager kijkt met de ogen van de klant: wat wil hij hebben?

Rost van Tonningen ziet een spanning tussen onderzoekers die hun product steeds mooier en beter willen maken en commerciële mensen die zeggen: Maar dat vraagt de klant helemaal niet! Harms heeft die spanning aan den lijve ondervonden: Als je als onderzoeker in de schoenen van de klant gaat staan, onderga je een metamorfose. Als onderzoeker ben je geneigd je mooie modelletje te perfectioneren, in de overtuiging dat de klant d340t nodig heeft. Nu besef ik dat de klant geen toeters en bellen wil. Hij wil bijvoorbeeld alleen uitspraken en resultaten hebben op basis waarvan hij beslissingen kan nemen.

Onderzoekers zijn er moeilijk van te overtuigen dat je vrijgestelde mensen nodig hebt voor account management, heeft Rost van Tonningen bij het IBN ervaren. Veel onderzoekers kijken wat neer op commerciëlen, vult Van der Zande aan. Karikaturen als schoenborstelverkopers en holle vaten leven in beide instituten. De klantbeheerders beginnen echter als onderzoeker en hebben een behoorlijke inhoudelijke bagage. Ze moeten een helikopter view ontwikkelen, overzicht krijgen over een breed werkveld

Kokertjes

Opdrachtgevers willen steeds vaker oon aanspreekpunt bij DLO. Dat geldt bijvoorbeeld voor het project Mainport Rotterdam, maar ook voor overheidsdiensten als de Landinrichtingsdienst en de Rijksplanologische Dienst

Een belangrijk struikelblok bij het verwerven van grote opdrachten waar meerdere onderzoeksafdelingen of instituten aan moeten meewerken, is wat Van der Zande noemt de macht van de kokertjes. Als je zegt: Via ons kun je heel Wageningen aanboren, dan moet je dat kunnen waarmaken. Op dat punt zijn we nog maar in het begin. Rost van Tonningen heeft de indruk dat iedereen zijn eigen kleine ingenieursbureautje wil hebben en alles zelf wil doen. Daar moet je jezelf boven uittillen. Cross selling, het elkaar toespelen van onderzoeksopdrachten, moet worden beloond. Rost van Tonningen: Dat is in het eigen instituut nog onvoldoende gerealiseerd, laat staan binnen Wageningen UR. Langeveld kent echter voorbeelden waarbij IBN en Staring Centrum snel de handen ineen konden slaan om iets tot stand te brengen, zoals het in kaart brengen van kansen voor natuur en landschap. De markt is er wel, denkt Langeveld. Ze zitten op je te wachten.

Volgens het ondernemingsplan van het instituut voor groene ruimte komen er vier account managers, niet bij de onderzoeksafdelingen maar in de stafunit strategie, marktbewerking en communicatie. De ondernemingsraden hebben hierover nog geen vast standpunt ingenomen, zegt Paul de Bie van IBN-DLO. Ze wachten eerst de evaluatie af van het account management van de laatste zes maanden. Het kost al gauw achthonderdduizend gulden met z'n vieren. Die investering moet er wel uitkomen. Maar een half jaar is te kort om direct klinkende resultaten te kunnen laten zien, geeft Rost van Tonningen al aan


:De Eindhovense ontwerper Jean-Arnaud Smadja wast zijn sokken en borden in dezelfde machine. Hij heeft de vaatwasser en de wasmachine gecombineerd in oon apparaat en bespaart en passant met waterverbruik met 75 procent. Zijn apparaat werkt met sterke tuinsproeiers, die de vaat schoonspuiten. Omdat het systeem nog niet geautomatiseerd is, moet hij de sproeiers zelf bedienen. Als Smadja kleren gaat wassen, laat ie de waterbak eerst vollopen met water. Daarna zorgen de tuinsproeiers ervoor dat het water en de was door de cabine buitelen. Door het ontbreken van een trommel wordt de was niet gecentrifugeerd. Daardoor is de was pas na drie dagen droog. Dit apparaat vergt een andere manier van denken en meer betrokkenheid, vindt Smadja, afkomstig uit Frankrijk. Cursor

Gefrustreerde FC Groningen-supporters hebben de Groningse studentenvereniging Vindicat belegerd. Enkele tientallen hooligans, teleurgesteld nadat de plaatselijke FC de promotie naar de eredivisie misliep, gooiden 21 ruiten in. Het intrappen van de deur werd verijdeld door een alerte uitsmijter die de toegangsdeur vergrendelde met een balk. De mobiele eenheid, snel ter plekke, hield 32 supporters aan. UK

De Maastrichtse rechtenstudenten jatten steeds meer boeken. Verdwenen vier jaar geleden nog 122 boeken op onverklaarbare wijze, vorig jaar waren er 203 weg. De oude bieb is niet goed beveiligd. De poortjes bij de ingang zijn makkelijk te omzeilen door de boeken in een diepvrieszak te stoppen. Bovendien verstoppen studenten de boeken in de toiletten, om ervoor te zorgen dat andere studenten geen toegang hebben tot bepaalde boeken, zodat ze zelf een beter cijfer halen. De decaan: Het is buitengewoon betreurenswaardig dat door aankomende advocaten, rechters en officieren van justitie zoveel wordt gestolen. In 2001 verhuizen de boeken naar een veilige ruimte. Observant

Naast IBN-medewerker Kees Dijkema deed de Twentse civieltechnicus prof. dr Huib de Vriend onderzoek naar de bodemdaling van de Waddenzee door aardoliewinning. De studie van de Nederlandse Aardolie Maatschappij (NAM) is goed uitgevoerd, concludeert De Vriend. De bodemdaling wordt gecompenseerd door opslibbing en zandafzetting, zodat de zeeplaten weer in hun oorspronkelijke toestand terugkeren. Althans, kijkend naar het gehele Waddengebied en uitgaande van een geleidelijke daling van de bodem. De lokale gevolgen en de gevolgen van een snelle daling zijn onbekend, omdat een theoretische, numerieke onderbouwing van de bodemdaling ontbreekt. Daarom is - hoe kan het ook anders - meer wetenschappelijk onderzoek nodig, aldus De Vriend. UT Nieuws

Niet alleen de Verenigde Staten zullen zich krachtig te weer stellen tegen Agenda 2000, het Europese landbouwbeleid, maar ook de ontwikkelingslanden. De landbouw dumpt namelijk tomaten en zuivel met steun van de Europese Unie. De ene tomatenpureefabriek in Senegal heeft inmiddels het loodje gelegd, de andere voert noodgedwongen tomatenpuree uit Italië in, omdat de lokale tuinders niet meer kunnen concurreren met de Europese tomatentelers, die jaarlijks achthonderd miljoen gulden aan subsidies opstrijken. De Europese zuivelsector, goed voor vier miljard gulden per jaar aan subsidies, concurreert de zuivelboertjes op Jamaica weg. Geen wonder, want deze landen hebben hun markt inmiddels meer opengegooid dan de EU. OnzeWereld

De aanmaningen stapelen zich op bij de universiteit in Delft. De oorzaak: ze hebben daar een nieuw financieel systeem. Dat leidt tot de bekende problemen: systeem start niet op, je moet langs twaalf schermen voor een reisdeclaratie. Hele dringende zaken doen de Delftenaren nog stiekem met het oude systeem, maar overal loopt de administratie al stevig achter. De interim-directeur: We wilden snel overgaan, zodat we de rest van de tijd hebben om de kinderziektes te verhelpen. Een gebruiker: Ik denk dat het nog twee 340 drie jaar duurt voor het systeem tot wasdom is gebracht. Eon troost: de crediteuren en debiteuren van de universiteit zijn de afgelopen twee jaar wel wat gewend geraakt. Delta

Oud-premier Mark Eyskens van België heeft de netwerkmaatschappij ontdekt. Gezagsstructuren worden op alle niveaus aangetast: de staat, de universiteit, de vakbond, de regering en het gezin. Die structuren zijn kunstmatig, door de mens geschapen en bij wet afgekondigd. Maar het netwerk is een spontane creatie, het leeft als een organisme, het privilegieert de horizontale dimensie. Dat heeft ook zijn nadelen, meent Eyskens. Ik denk dat de moderne mens te veel een oppervlaktewezen is geworden. Hij vindt alles vanzelfsprekend. Dat draagt bij aan angst en een zeker nihilisme. De essentiële vraag is: hoe kunnen we die veranderingen omzetten in menselijke vooruitgang? Hij vraagt om een ethiek van de verandering. Rabovisie

Re:ageer