Wetenschap - 1 januari 1970

Nederland is het liefst voor varkens

Het belang dat de overheid hecht aan dierenwelzijn neemt binnen Europa af van noord naar zuid. Nederland is het aardigst voor haar varkens. Hier wijken de regels het vaakst af van de Europese richtlijnen ten gunste van welzijnsvriendelijke huisvesting.

Dit blijkt uit een vergelijkend onderzoek van de Animal Sciences Group naar de uitwerking van de Europese richtlijnen voor welzijn, nitraat en ammoniak in de varkenshouderij van acht verschillende lidstaten. De richtlijnen voor de varkenssector worden weliswaar in Brussel vastgesteld, maar lidstaten worden geacht deze regels in de eigen wetten vast te leggen. Vrijwel alle onderzochte landen – Nederland, Denemarken, België, Duitsland, Frankrijk, Groot-Brittannië, Spanje en Italië – deden dit netjes.
Op onderdelen zijn er toch verschillen in interpretaties. Zo heeft een vleesvarken van 85 tot 110 kilo volgens de Europese richtlijn een vrije vloerruimte van 0,65 vierkante meter. Nederland eist als enige dat varkenshouders die hun stallen na 1998 gebouwd hebben, hun vleesvarkens op zijn minst 0,8 vierkante meter vloerruimte bieden. Vanaf 2013 zouden de Nederlandse vleesvarkens minstens een vierkante meter vloeroppervlak moeten krijgen.
Nederland wijkt volgens het onderzoeksrapport in haar regels het vaakst af ten gunste van welzijnsvriendelijke huisvesting. Denemarken is een goede tweede. Alleen op het gebied van afleidingsmateriaal, zoals strooisel of speelgoed voor varkens, doen beide landen het in hun regelgeving juist minder goed dan de andere lidstaten.
Ook het toezicht op de naleving van welzijnsrichtlijnen blijkt in de onderzochte landen te verschillen. De inspecties in Denemarken, Nederland en Groot-Brittannië zijn goed geregeld, maar in Frankrijk, Italië en Spanje is deze nog ‘onvoldoende verzekerd’.
Het vergelijkende onderzoek is uitgevoerd in opdracht van het Productschap Vee en Vlees en past bij de roep in de Nederlandse veehouderij naar meer gelijke regels in Europa. / GvM

Re:ageer