Wetenschap - 22 november 2001

Natuurvriendelijke oevers stuiten op wantrouwen en regels

Natuurvriendelijke oevers stuiten op wantrouwen en regels

PPO onderzoekt slootkanten met kokosrollen, takkenbossen en schrale vegetatie

De moderne burger willen geen strakke, eentonige, steile slootkanten langs akkers, bollenvelden en boomgaarden. Daarom zoekt het Praktijkonderzoek Plant en Omgeving (PPO) naar mogelijkheden voor natuurvriendelijke oevers. Daarbij stuiten onderzoekers op een 'gepast wantrouwen' van telers, maar soms ook op tegenwerking uit onverwachte hoek.

De slootkanten langs de Boskoopse boomteeltbedrijven zijn het toonbeeld van saaiheid. Overal kaarsrechte beschoeiingen van betonvezelplaten. De vijftien typen natuurvriendelijke oevers die PPO sector Bomen hier uittest, springen er vriendelijk uit. Zo hangen er ingeplante kokosrollen aan de betonplaten, zijn platen verwijderd, is het talud minder steil gemaakt en daarna ingeplant of ingezaaid. Of er komt spontaan een vegetatie op. Nog een andere mogelijkheid is het gebruik van palen met takkenbossen ertussen in plaats van betonplaten.

Boomkwekers reageerden wantrouwend. Ze waren bang dat ze door de wilde planten langs het water meer onkruid zouden krijgen op hun percelen en dat de planten ziekten en plagen met zich mee zouden brengen. "Gepast wantrouwen", vindt ing. Wouter Schuring. "Uit onderzoek is gebleken dat het reuze meevalt, maar voor de zekerheid zullen we de veronkruiding nog eens extra onderzoeken." Wat echt een probleem is, zijn de muskusratten die de oevers ondermijnen als de beschoeiing wordt verwijderd.

Natuurvriendelijke oevers kosten meer. Een standaard beschoeiing kost tien gulden per strekkende meter per jaar, bij natuurvriendelijke varianten loopt dat op tot bijna dertig gulden - nog afgezien van de kosten voor muskusrattenbestrijding en het verlies aan teeltoppervlakte als het talud langzaam afloopt. Daarom is er subsidie nodig om de natuurvriendelijke oevers in de praktijk een kunnen testen. Het PPO heeft bij de provincie Zuid-Holland een subsidieaanvraag lopen voor een proef op vijf bedrijven. Er hebben zich al vijf telers gemeld die het willen proberen met natuurvriendelijke oevers.

De boomkwekerijen hebben specifieke problemen met de slootkanten door de steile walkanten langs de kwekerijen. Bij akkerbouwbedrijven, fruittelers en bollenkwekers is meer mogelijk door het talud minder sterk af te laten lopen en de oeverbegroeiing te verschralen. Dat onderzoeken sectoren PPO Akkerbouw, groene ruimte en vollegrondsgroenten, Bollen en Fruit.

Het verschralen van oevers gebeurt door het regelmatig maaien en het afvoeren van het maaisel. De op den duur minder uitbundige en waarschijnlijk ook meer gevarieerde vegetatie betekent meer kansen voor de natuur en op termijn minder werk voor het onderhoud. PPO sector Bollen heeft inmiddels vijf telers bereid gevonden voor praktijkproeven, waarbij natuurhooi uit de Amsterdamse Waterleidingduinen op de afgevlakte walkant wordt gelegd. Het zaad uit dit hooi moet de vegetatie verrijken.

Dr. Andries Visser van PPO sector Akkerbouw, groene ruimte en vollegrondsgroenten ziet de verschraalde oever vooral als een invulling van de verplichte 'teeltvrije zones'. In die zones vlak langs de sloot mogen geen gewassen meer staan, om te voorkomen dat mest en bestrijdingsmiddelen rechtstreeks in het water komen.

Ook PPO sector Fruit richtte zich op die teeltvrije zones. Trots presenteerden onderzoekers in augustus een demonstratieproject, waarbij in een twee meter verbrede poldersloot riet werd geplant. Dat vangt een groot deel van de wegwaaiende bestrijdingsmiddelen op en werkt bovendien als een soort zuiveringsfilter. "Zo probeer je van een vervelende ingreep op het bedrijf, wat de verplichte teeltvrije zone toch is, iets goeds te maken", zegt projectleider dr. Frans van Alebeek.

Onverwachte gebeurtenissen zetten echter een streep door het project. Sinds augustus zijn enkele belangrijke bestrijdingsmiddelen voor de fruitteelt opnieuw gekeurd. Volgens het nieuwe gebruiksvoorschrift van de fabrikanten mag het nu alleen nog gebruikt worden met een speciale spuittechniek of als er een boomsingel als windvanger langs de sloot staat. Een teeltvrije zone is geen mogelijkheid, ook al biedt een nieuwe wet, het lozingenbesluit, daar wel ruimte voor. Van Alebeek probeert samen met het College voor de Toelating van Bestrijdingsmiddelen en andere betrokkenen te zoeken naar oplossingen. | M.Hg

Re:ageer