Wetenschap - 30 augustus 2001

Natuurgerichte landbouw moeilijker in West-Nederland

Natuurgerichte landbouw moeilijker in West-Nederland

Alterra onderzocht de wensen van de Stichting Natuur en Milieu (SNM) voor het agrarisch gebied. SNM wil 200.000 hectare extra natuurterreinen en zet sterk in op groene gebieden rondom de natuur, met daarin een sterk op natuurbeheer gerichte boerenstand. Het blijkt dat de gewenste multifunctionaliteit van het landschap vooral in het westen moeilijk te verwezenlijken is.

Volgens dr. Frank Veeneklaas zitten juist in de westelijk gelegen gebieden boeren en tuinders die door de hoge grondprijzen hoogrendabele gewassen als bollen kweken, en die zitten niet te wachten op laagrendabel natuurbeheer. Op de zandgronden in het oosten en zuiden van Nederland zijn meer mogelijkheden voor multifunctionele landbouw.

Verrassend voor Veeneklaas was dat SNM net als de overheid sterk inzet op een gemengd gebruik van het Groene Hart, maar dat juist daar eenduidige keuzes nodig zijn. "Er zijn drie doelstellingen", aldus Veeneklaas. "Behoud van het cultuurlandschap, tegenhouden van bodemdaling en het vasthouden van water." Die drie zijn allemaal strijdig met elkaar. Boeren hebben een lage grondwaterstand nodig, tegen de bodemdaling is vooral in de zomer een hoge waterstand nodig, maar dan moet er juist ruimte gemaakt worden voor water dat in de herfst van de zwellende rivieren komt. | M.W.

Re:ageer