Wetenschap - 3 december 2009

Naar de jaarmarkt

De een noemt de klimaattop in Kopenhagen een circus, de ander een kennisbeurs. Hoogleraar Pier Vellinga heeft het bijna liefkozend over een jaarmarkt. En daar moet je dus bij zijn als ‘marskramer in ideeën en praktijk’. De Wageningse afvaardiging telt enkele tientallen deelnemers. Naast wetenschappers reizen ook studenten mee. Op deze pagina’s een klein palet van deze kleurrijke delegatie marktgangers.

Middelpunt van de officiële Nederlandse inbreng in Kopenhagen is het Holland Climate House. Bedacht door de Wageningse hoogleraren Pier Vellinga en zijn collega Pavel Kabat, trekkers van de onderzoeksprogramma's Kennis voor Klimaat en Ruimte voor Klimaat. In het Holland Climate House laat Nederland zien wat het aan klimaatonderzoek in huis heeft. Tien dagen lang is het klimaathuis het middelpunt van lezingen, debat en demonstraties van de Nederlandse klimaatwaren. 'Kopenhagen is een mooie marktplaats van ideeën en praktijk,' zegt Vellinga. 'Zoals een boer naar de markt gaat om koeien te verhandelen, zo gaan het bij ons om tonnen CO2. Je gaat naar de jaarmarkt om de laatste nieuwtjes uit te wisselen, relaties te onderhouden en collega's uit het buitenland te ontmoeten.'
Pier Vellinga, (mede)gastheer van het Holland Climate House:
Het klimaathuis is het podium waar Vellinga als oppermarskramer de Wageningse waren uitvent. Tal van politici, bestuurders en wetenschappers uit binnen- en buitenland zijn uitgenodigd om het huis te bezoeken. Wanneer is dat geslaagd? Vellinga: 'Als we nieuwe ideeën oppikken en een netwerk van internationale klimaatonderzoekers smeden. Wij leren van anderen en anderen leren van ons. En als we plezier maken met zijn allen. Dat mag best als Kopenhagen lukt.' Vellinga's wensenlijstje over de onderhandelingen is duidelijk. 'Voor mij is het geslaagd als er politieke afspraken gemaakt worden over een aanzienlijke reductie van de CO2-uitstoot: twintig tot dertig procent in 2020 en in de orde van grootte van tachtig procent in 2050. Met financiële middelen voor de derdewereldlanden en een stevige bijdrage van China en India.'
Aan de onderhandelingen zelf draagt Vellinga niet bij. 'Wat dat betreft zitten we in het bijprogramma. Maar je vraagt je wel eens af wat het hoofd- en wat het bijprogramma is. De politici maken de afspraken, maar de vertaling van die afspraken in de praktijk via onderzoek moet toch door ons gebeuren.'
Natuurlijk worden de onderhandelingen op de voet gevolgd. Welhaast letterlijk. 'Het Nederlandse onderhandelingsteam zit dicht bij ons in de buurt. Dus we zitten er middenin. Minister Cramer komt, als dat mogelijk is, elke dag even langs.'
Judith Jobse, docent bij VHL in Velp,  en zeventien studenten tropische bosbouw:
'Eigenlijk is het toeval', legt Jobse uit. Anderhalve maand geleden nam Jobse contact op met de Global Forest Coalition (GFC). Ze kende de club niet, maar dacht dat het een interessante organisatie kon zijn voor het onderwijs dat ze geeft voor de major Tropische Bosbouw. 'Ik deed deze periode een cursus Forest Policy. Toen bleek dat zij juist op zoek waren naar contact met studenten uit Nederland.' Het contact mondde uit in de aanbieding van de trip naar Kopenhagen. Jobse en haar collega Arjen Hettema nemen zeventien studenten mee. Het GFC is een internationale coalitie die de tropische bossen wil behouden voor de inheemse volken die er afhankelijk van zijn. De top in Kopenhagen is daarvoor van doorslaggevend belang. Het terugdringen van de ontbossing speelt een belangrijke rol in de vermindering van de CO2-uitstoot. 'Het GFC wil de problematiek onder de aandacht brengen. Zij willen dat onze studenten dat in Nederland gaan doen door politici te interviewen en filmpjes te maken voor het web.' Volgens Jobse is de zesdaagse trip voor de Velpse studenten een buitenkansje om 'een kijkje in de keuken' te nemen. 'Ze mogen in het congrescentrum op de publieke tribune zitten tijdens de onderhandelingen. Daarnaast zijn er tal van events waar ze kunnen luisteren, debatteren en vragen stellen.
Koen Kramer, onderzoeker Alterra:
Op de markt van het Holland Climate House draagt Koen Kramer zijn boodschap uit. Kramer bepleit geleidelijke aanpassing van ecosystemen aan het veranderende klimaat. 'Het punt dat ik wil maken is dat de huidige natuur in Nederland de klimaatverandering niet aankan. De voorspelde droogtes en natte periodes duwen de natuur over de drempel. De vraag is hoe je met beleid en beheer kunt sturen naar een systeem dat zich kan aanpassen. Denk na over je dominante vegetatie, blijft die functie overeind en zit daar voldoende variatie in? Een tweede spoor is de diversiteit van je bedreigde soorten. Voorkom een 'ecologische Schipholbrand' waarbij een soort in zijn hokje zit opgesloten en geen kant meer op kan. We moeten niet terug naar een bepaald referentiepunt in het verleden. Laat adaptatie plaatsvinden en zorg ervoor dat bijzondere soorten een plekje krijgen in het landschap. Dat hoeven niet altijd meer vierkante kilometers ecologische hoofdstructuur te zijn. We hebben nu bijvoorbeeld meer dan 300 duizend hectare grove den in Nederland. Je kunt je afvragen of dat ecologisch niet beter benut kan worden. Dat is een Nederlands verhaal, maar Europees geldt hetzelfde. We moeten stapsgewijs anticiperen op de veranderingen die eraan komen. We hebben nu de tijd nog. Als je gaat wachten tot de klap komt, dan ben je te laat.
Suzanne Maas, masterstudente Environmental Sciences:
Ergens in het enorme bijprogramma van de klimaattop is een kleine documentaire te zien: La gente y el medio ambiente. De mens en het milieu, een project van studente Suzanne Maas en haar vriend, de journalist André Weststrate. De film gaat over de gevolgen van de ontbossing in Nicaragua. Daar werkte ze dit jaar vier maanden als de rechterhand van de directeur van Fundacion del Rio, een lokale ontwikkelings- en milieuorganisatie. Dat vrijwillige werk zet ze voort in Kopenhagen. Maar misschien nog wel belangrijker is het Project Survival. 'Via dat project gaan negen Afrikaanse jongeren naar Kopenhagen om de delegaties van hun landen te helpen tijdens de onderhandelingen.' Arme landen hebben kleine delegaties. Dat zag ze met eigen ogen toen ze vorig jaar als FairClimate-ambassadeur bij de klimaatonderhandelingen in Poznan was. 'Dáár begint de ongelijkheid dus al. Die delegaties kunnen niet bij alle vergaderingen zijn. En dus hebben ze niet overal een stem in.' In Kopenhagen gaan Maas en haar collega's (waaronder nog vijf Wageningse studenten) de Afrikanen bijstaan. 'Daarnaast vragen we bij de media aandacht voor dit probleem van de kleine delegaties en het recht van jongeren om mee te beslissen over hun eigen toekomst.'
Kees Slingerland, directeur Alterra en voorzitter van Delta Alliance (in oprichting):
Zieltjes winnen. Dat is wat Kees Slingerland gaat doen in Kopenhagen. Medestanders vinden voor de volgend jaar op te richten Delta Alliance. 'De bedoeling is een internationaal netwerk te vormen rondom kennis van de delta's in de wereld.' Want zo'n netwerk is volgens Slingerland hard nodig. 'Delta's zijn heel gevoelig voor klimaatverandering. Als de zeespiegel stijgt, krijgen delta's daar het eerst mee te maken. Tegelijkertijd woont daar meer dan de helft van de wereldbevolking, staat er heel veel vastgoed, wordt er veel voedsel geproduceerd en is de biodiversiteit er enorm rijk.' De Delta Alliance is een Nederlands initiatief. 'Maar het is geen Nederlands exportproduct. Het is absoluut niet zo dat wij wel eens even gaan vertellen hoe het moet', benadrukt Slingerland. Delta Alliance wil vooral de beschikbare kennis delen en zo snel mogelijk toepassen. De samenwerking moet bovendien leiden tot een betere afstemming van het onderzoek. 'Echt coördineren kan niet. We zijn niet de baas, maar we hopen wel dat de onderzoeksprogramma's effectiever worden en beter op elkaar zijn afgestemd.' Op dit moment doen Indonesië, Vietnam en Californië al mee. 'En er wordt nauw samengewerkt met het Estuaria Alliance van het Wereld Natuurfonds.'
Twister
Pier Vellinga en een deel van de crew van het Holland Climate House overnachten in Kopenhagen op een boot. In de Amaliahaven ligt twee weken lang de Twister voor anker. Een ideetje van Vellinga om de drukte in de hotels te omzeilen. De vissersboot (tweemastschoener) werd elf jaar  geleden verbouwd tot luxueus zeilschip. Op de 29 meter lange boot zijn twintig slaapplekken. Een bar met biertap is aanwezig. 

Re:ageer