Wetenschap - 7 mei 2009

NIEUWE VERGISTER SLUIT KRINGLOOP

In Lelystad gaat eind deze maand de eerste paal de grond in voor een nieuw type biovergister. Die koppelt de vergisting van maïs aan een nieuwe en energiezuinigere manier om bio-ethanol te maken. De installatie is het parade-paardje van Acrres, dat hiervoor in zee gaat met energieconcern Eneco.

Acrres (Application Centre for Renewable RESources) is een samenwerkingsverband van de Animal Sciences Group en Praktijkonderzoek Plant en Omgeving voor de ontwikkeling van duurzame energie en het gebruik van biomassa. Acrres wil regionale biobased clusters ontwikkelen, legt woordvoerder ir. Chris de Visser uit. ‘Een soort regionaal agroparkidee. Clustering van kleinschalige bio-energie- en grondstofprocessen, waarbij het efficiënt sluiten van kringlopen centraal staat. Zo’n cluster staat nu op stapel.’
De basis van de nieuw te bouwen installatie is een ‘gewone’ biovergister. Die verwerkt maïsstro en rundermest tot elektriciteit, CO2, warmte en digestaat, een restproduct van mineralen, organische stof en water. Het nieuwe zit ‘m in het gebruik van de warmte. Bij de meeste vergisters gaat die ongebruikt de lucht in, legt De Visser uit. Maar hier wordt de warmte gebruikt voor de productie van bio-ethanol uit maïskorrels. Daarbij wordt een procedé gebruikt dat gebaseerd is op een Wagenings patent van de groep van prof. Johan Sanders. ‘Het concept zorgt ervoor dat er aanzienlijk minder water nodig is voor de productie van ethanol. En dat is duurzamer, omdat je minder water hoeft te verdampen om de ethanol over te houden.’
Dat is tenminste de theorie. ‘Wij moeten het met deze machine gaan bewijzen’, voegt projectleider Andrea Terbijhe er aan toe. De installatie heeft een vermogen van 123 kilowatt en levert 150 duizend liter bio-ethanol per jaar. ‘Dat is natuurlijk weinig’, vindt De Visser. ‘Maar dit is een testlocatie en het is voldoende om uitspraken over de werking in de praktijk te kunnen doen.’
Maar de verwerking van maïs is nog maar het begin. De warmte, het CO2 en de vrijkomende mineralen uit de vergister zijn bruikbaar voor tal van andere processen. Een daarvan is algengroei. Volgend jaar al hoopt Acrres die koppeling operationeel te hebben. Bij de huidige installatie komt dan een algenkwekerij. ‘En zo’n cluster is verder uit te breiden om producten op te waarderen’, legt De Visser uit.
De koppeling met algenkweek is een mooi voorbeeld van hoe de kringloop regionaal gesloten wordt. De verwerking van maïs levert de grondstoffen voor de kweek. De algen leveren weer biobrandstof of dienen als voer voor koeien, die vervolgens de mest produceren die weer de vergister in kan, legt Terbijhe uit. ‘Mineralen blijven zo in het gebied, er vindt minder gesleep met biomassa plaats en het levert werkgelegenheid op’, zegt De Visser.
Acrres is al twee jaar onderweg. Tot nu toe kreeg het project vooral bekendheid met de ontwikkeling van testwindmolens in Lelystad. De molens vormen de financiële kurk waar de onderneming op draait. Maar de samenwerking met Eneco is in de ogen van De Visser pas de echte start van Acrres. Het contract bestrijkt vijf jaar. Eneco wil volgens De Visser een positie opbouwen in de productie van duurzame energie. ‘Bij ons kunnen ze de prototypes ontwikkelen die zij vervolgens kunnen exploiteren.’

Re:ageer