Wetenschap - 30 mei 2002

NB: Tegendraadse visie op oernatuur is nu gepopulariseerd

NB: Tegendraadse visie op oernatuur is nu gepopulariseerd

Nederland heeft allang geen wildernis meer, en toch verschijnt er een boek dat eigenwijs de titel kreeg Wildernis in Nederland. De wildernis is in Nederland dankzij menselijk ingrijpen verdwenen, maar dat is het ergste niet, schrijven Frans Vera en Frans Buissink. "Nog erger: de Nederlanders hebben niet alleen de oorspronkelijke natuur vernietigd, maar ook elke herinnering daaraan en die vervangen door natuurbeelden die stammen uit de laatste twee eeuwen. Zo leeft bij de gemiddelde Nederlander het misverstand dat heidevelden natuurlijke landschappen zijn, terwijl die zijn ontstaan door roofbouw en overexploitatie."

Het is duidelijk: in Wildernis in Nederland doet Frans Vera, een van de aartsvaders van de nieuwe natuur, nog eens uit de doeken dat het idee van een oorspronkelijk oerlandschap van dichte bossen dat velen nu in het hoofd hebben niet klopt. Dat idee werkte hij eerder uit in zijn controversi?le dissertatie, en is nu gepopulariseerd door Frans Buissink. De idee?n van Vera waren en zijn controversieel, omdat ze ingaan tegen de gangbare overtuiging dat de kleinschalige landbouwactiviteiten van de Nederlanders tot 1950 tot meer biodiversiteit leidden dan het oorspronkelijke dichte, eenzijdige bos dat er had gestaan.

Het idee dat het oorspronkelijke landschap bos was, is het gevolg van de climaxtheorie die kortweg stelt dat als ergens plantengroei ontstaat het uiteindelijk zijn climax vindt in bomen, omdat die nu eenmaal hoger groeien. Volgens Vera wordt bij deze theorie geen rekening gehouden met de rol die grote grazers als edelherten, runderen, paarden en ree?n spelen en kleinere dieren als de bever, het wild zwijn en het konijn. Hij wijst ook op eeuwenoude eiken die in Europa nog steeds zijn te vinden, maar die alleen overleven als de opschietende beuken - 'de moordenaar van de eik' - door grazers in toom worden gehouden. Volgens Vera was het oerlandschap dan ook geen bos, maar een parklandschap met afwisselend bomen, struikgewas en open stukken gras.

Het blijft een interessante theorie die Vera hier opnieuw in de prettig leesbare schrijfstijl van Buissink ontvouwt. En het boek is alleen al dankzij de prachtige natuurfoto's van Jaap Wiedema heerlijk om door te bladeren. Het aardige is bovendien dat de auteurs ook laten zien waar in Europa nog oude natuur te vinden is, die voldoet aan de eisen die Vera stelt, zoals het New Forest bij Southampton met zijn eeuwenoude bomen, het Slovenski Kras in Slowakije, en natuurlijk de nieuwe natuur langs de Nederlandse rivieren.

Want dat was eigenlijk het meest controversi?le van Vera's idee?n, dat je met enige moeite en een goed plan heel goed de oude oernatuur zou kunnen terughalen, compleet met wisenten, lynxen en wolven. Een van de plekken waar in ieder geval de oerflora eigenlijk per ongeluk terugkwam zijn de Oostvaardersplassen bij Almere. Dat gebied is met het uitzetten van grote grazers welhaast uitgegroeid tot een experimenteertuin voor Vera's idee?n. De ontwikkeling van de konik-paarden, heck-runderen, edelherten en ree?n wordt dan ook door biologen over de hele wereld gevolgd.

"Alleen door de wildernis te kennen, kan ons cultuurlandschap worden begrepen." Dat was de laatste zin die Frans Vera schreef in zijn dissertatie. Met Wildernis in Nederland zet hij de eerste stap om zijn idee?n aan een breder publiek duidelijk te maken. Het publiek zal er aan moeten wennen, want de idee?n zijn net als Vera zelf tegendraads en eigenwijs, en jammer genoeg is in het boek geen ruimte voor de toch niet ontbrekende kritiek uit de vakwereld. Het publiek zal zelf moeten uitmaken wat er van klopt. | Martin Woestenburg

Frans Vera en Frans Buissink, Wildernis in Nederland - Het verhaal van bossen en beesten, Tirion, ISBN 9043901970, 22,50 euro.

Re:ageer