Wetenschap - 31 mei 2001

NB: Ecotoerisme is hip

NB: Ecotoerisme is hip

BOEK | Hoe afhankelijk een stad is van het ommeland blijkt als de geschiedenis van die stad wordt geschreven vanuit het perspectief van het waterbeheer. Historisch geograaf drs. Chris de Bont van Alterra beschrijft in het boek Delfts water hoe het Delftse met greppels en een grachtenstelsel een doorlopend gevecht voert om drinkwater binnen de stad te krijgen en rivier- en zeewater buiten de stad te houden.

De basis voor het beroemde stadhuisplein van Delft is de kreekrug van de Gantel, een natuurlijke drempel dwars op het veenkanaal de Delf. Daar vestigden de graven het hof van Delft. Of de Delf de oorzaak is dat de toren van de Oude Kerk in de noordoostelijke richting is verzakt, is de vraag. De kerk uit 1300 is voor een deel gebouwd op de gedempte Delf en voor een deel op oude, reeds gezette grond en het fundament van de twaalfde-eeuwse tufstenen kerk.

De Bont gaat bij zulke kwesties echt de diepte in, en dat doet jammer genoeg afbreuk aan de leesbaarheid. Helderder is hij over de rol die de graven van Holland speelden bij de veenontginningen. Die blijkt kleiner dan gedacht. De technieken van veenontginning die rond Delft en Pijnacker werden gebruikt, werden rond het jaar duizend ontwikkeld, meer dan tweehonderd jaar voordat er sprake was van Hollandse graven. | M.W.

Chris de Bont, Delfts water - Tweeduizend jaar bewoning door waterbeheer in het Delftse, Walburg Pers, ISBN 9057301113, 49,50 gulden.

BOEK | The Encyclopedia of Ecotourism is geen encyclopedie in de klassieke vorm van a tot z, maar het bijna zevenhonderd pagina tellende boek biedt wel een encyclopedisch overzicht van de groei en de gevolgen van het ecotoerisme. Ecotoerisme is volgens het kleine woordenboekje in het boek duurzaam toerisme, gericht op natuurlijke attracties met een duidelijke educatieve inslag.

Niks bier, zweet en rode hitsige lijven, maar leerzame excursies voor natuurliefhebbers, zo lijkt het dus. De Engelse dominee Francis Kilvert schreef echter in 1870 al dat 'van alle schadelijke dieren, de meest schadelijke de toerist is'. Ook ecotoerisme heeft dus negatieve effecten op de natuur en het milieu, maar volgens de encyclopedie zijn die per hoofd kleiner dan die van het normale toerisme.

Het grote probleem is dat ecotoerisme door minder op de natuur lettende organisaties gebruikt wordt als 'marketinglabel'. Groen verkoopt immers. Dat maakt het geheel onoverzichtelijk. Want wat is nu toerisme met nadruk op eco en wat is nu ecotoerisme met nadruk op toerisme?

De cynicus kan dan ook makkelijk constateren dat The Encyclopedia of Ecotourism met zijn 41 artikelen en meer dan vijftig auteurs blijft steken in een academische exercitie. Feit blijft dat de hedendaagse mens bijna net zo makkelijk recre?ert in zijn achtertuin als op de top van de Mount Everest - waar onlangs de eerste blinde arriveerde - of op het ijs van Antarctica. Ecotoerisme is hip! Maar het zorgt ook voor nieuwe, sluipende aanslagen op het milieu. Daarom is het nodig dat de aanwezige kennis over zulke ontwikkelingen wordt vastgelegd in academische encyclopedie?n. | M.W.

David B. Weaver (ed.), The Encyclopedia of Ecotourism, CABI Publishing, ISBN 0851993680, 395 gulden.

Re:ageer