Wetenschap - 5 september 2002

NB: Dappere wetenschap naast verhaaltjes uit de Tina

Dappere wetenschap naast verhaaltjes uit de Tina

Mag je het boek 'Hoe het heelal zijn vlekken kreeg' van Janna Levin vrouwelijke wetenschap noemen? Levin is astrofysicus en vrouw, en dat is ze beide zelfbewust. De girlzzpower uitstralende pose waarmee ze op de omslag van het boek staat zegt mij wat dat betreft genoeg. Maar ik ben een man.

Het boek dat Levin schreef lijkt niet direct wetenschappelijk. Het is een verzameling brieven aan haar moeder en haar vriend over haar leven als Amerikaanse in die rare Britse academische wereld van Cambridge - de universiteit waar ze aan verbonden is. Het zijn autobiografische dagboekaantekeningen over cultuurschokken, over voedsel ('zelfs in de sushi heb ik mayonaise gezien'), over wonen in een appartement als een ketelhok, enzovoorts. Maar naast de verhalen over televisiegekke collega's die verontrust vertellen dat Mel bij Big Brother is weggestemd, schreef Levin in haar televisieloze ketelhok toch vooral wetenschap.

Over de oneindigheid van het heelal, bijvoorbeeld. Geloven dat het heelal oneindig is, is voor Levin net zoiets als geloven dat de aarde plat is, maar zelf kan ze ook niet wetenschappelijk bewijzen dat het niet zo is. Ze begint met de wiskundige getallenreeksen, die zijn oneindig. 1, 2, 3, 4, enzovoorts. Dat betekent grappig genoeg dat ook de reeksen van even en oneven getallen oneindig zijn. "Tot onze verbazing moeten we concluderen", schrijft Levin, "dat de verzameling even getallen even groot is als de verzameling natuurlijke getallen, ook al is slechts de helft van de natuurlijke getallen even."

Het idee dat we allemaal 'ontleed kunnen worden in fundamentele ondeelbare kwanta, pakketjes energie en materie' betekent voor Levin nog niet dat het heelal en al zijn onderdelen net als de wiskundige getallenreeksen oneindig is. "Dan moet er toch zeker een andere planeet zijn die zozeer op de aarde lijkt dat die daarvan niet te onderscheiden is, in feite een oneindig aantal van die planeten, elk met allerlei bewoners, waarvan er een oneindig aantal oneindig veel op deze verzameling bewoners moet lijken. Nog een jij, nog een ik." Dat is de enige reden dat Levin weigert te geloven dat het heelal oneindig is.

Het is slechts een voorbeeld, en de ingekorte beschrijving die ik geef doet zeker geen recht aan de nuchtere manier waarop Levin de wetenschappelijke zaken uitlegt, maar het is alleen maar om aan te geven wat ze in het boek doet met de wetenschap. Levin scheert langs de grenzen van de wetenschap, langs de grens tussen kennis en geloof, een grens die telkens opschuift, maar die vaak al vroeg in de geschiedenis werd vastgelegd, en waarvan er vele nog onopgelost zijn. Zo liet de Griekse filosoof Zeno al zien wat er gebeurt als je de oneindige getallenreeksen toepast op de natuurkundige praktijk. Elke afstand zou oneindig deelbaar zijn en daarmee onoverbrugbaar. Er zou geen beweging meer zijn - een paradoxale situatie die Levin sterkt in haar geloof aan de eindigheid van het heelal.

Het is dus wel degelijk een wetenschappelijk boek, 'Hoe het heelal zijn vlekken kreeg', en dat lijkt mij ook de reden dat het is gepubliceerd. Wat de dagboekaantekeningen over sushi en het ketelhok en andere persoonlijke perikelen daar aan toevoegen is mijn niet duidelijk. Is dat vrouwelijk? De manier waarop Levin de onzekerheid van haar wetenschapsbeoefening bloot legt, is misschien wel vrouwelijk te noemen, veel dapperder dan de mannelijke macho-zekerheid van mannelijke wetenschappers, maar de persoonlijke ontboezemingen zijn verhaaltjes uit de Tina, flirterig, lief en onschuldig maar overbodig, net als de girlzzpower-houding.

Martin Woestenburg

Janna Levin, Hoe het heelal zijn vlekken kreeg, Contact, ISBN 9025415830, 22,50 euro.

Re:ageer