Wetenschap - 31 januari 2002

NB: Boer + oude adel + doktersdochter = natuurbeheer

NB: Boer + oude adel + doktersdochter = natuurbeheer

BOEK | De Nederlandse natuur kan heel goed door particulieren en boeren beheerd worden, dat is de boodschap die de Stichting Beheer Natuur en Landelijk gebied (SBNL) geeft in het boek Natuur in goede handen. Maar voor wie doen ze het?

"Weidevogels beschermen, afzien van chemische vliegenbestrijding en de boerenzwaluw nestgelegenheid bieden." Dat is wat Jos van Leeuwen doet voor de natuur op en rond zijn boerderij Assendelft, waar hij met 27,5 hectare grond en dertig koeien zo'n driehonderdduizend liter melk per jaar produceert.

Of boeren de Nederlandse cultuurnatuur zullen blijven onderhouden, is de vraag. Van Leeuwen is er niet gerust op. "Dit houden wij niet lang vol", klaagt hij, want zijn activiteiten vallen buiten de subsidieregelingen van de overheid, en de driehonderdduizend liter melk die hij produceert is in de huidige tijden van grootschaligheid niet veel.

Naast de boeren zijn er ook veel particulieren die zich bezighouden met natuurbeheer. Dat varieert van oude adel, zoals mr L.H.N.F.M. Bosch ridder van Rosenthal van landgoed Kolland bij Amerongen, tot doktersdochter Liesbeth Schram die nu de Bovenste Beversluisplaat in de Biesbosch beheert maar daar door de kinderen niet zoveel tijd meer voor heeft.

Het mooie aan het boek Natuur in goede handen is de verbondenheid die zowel de boeren als de landeigenaren tonen met hun grond en de levende natuur. Schram bijvoorbeeld kent de Beversluisplaat haar hele leven. "Nu vind ik het vooral belangrijk om het op een goede manier aan mijn kinderen door te geven", zegt ze.

Maar er is veel veranderd. Boeren zijn minder boer geworden en de adellijken zijn minder adellijk geworden. Net zoals boeren steeds vaker proberen om met natuurbeheer een aanvullend inkomen te organiseren, zijn de particuliere landeigenaren ook gedwongen om het landgoed op de een of andere manier te gelde te maken.

Winst is echter zowel voor de boer als voor de particulier niet de belangrijkste drijfveer voor natuurbeheer. "Het landgoed zelfbedruipend maken", omschrijft eigenaar J. van Heek van landgoed Singraven in Denekamp het streven. Dat gebeurt dan met het trekken van bezoekers - veel bezoekers. Singraven ontvangt jaarlijks evenveel bezoekers als boer Van Leeuwen liters melk maakt.

Alhoewel de vraag wie in de toekomst het Nederlandse landschap zal beheren door het hele boek heen zindert, wordt hij nergens expliciet aan de orde gesteld. Directeur-rentmeester Ren? Munster van de Stichting Beheer Natuur en Landelijk gebied pleit wel voor een toekomst met een goed rentmeesterschap, en stelt daarbij dat die alleen gewaarborgd is als er voldoende financi?le middelen zijn, maar de vraag wie die middelen moet leveren blijft onbeantwoord.

Voor wie beheren de beheerders dan? Niet voor de kinderen van Schram, zo lijkt het. Van Heek is afhankelijk van zijn bezoekers, de consument zullen we maar zeggen, Van Leeuwen van de overheid, de kiezer zullen we maar zeggen.

Zo blijft Natuur in goede handen steken in een aardig leesbaar pleidooi voor het particulier en agrarisch natuurbeheer, zonder dat er expliciet de vraag wordt gesteld voor wie. Terwijl het antwoord simpel is. De drinkers van de liters melk van Van Leeuwen en de bezoekers van Van Heest zijn de stedelingen die hunkeren naar groen, die het ronken van de tractor associ?ren met natuur. Of de natuur bij hen in goede handen is, blijft de vraag. Niets is zo opportunistisch als een consument of een kiezer. | M.W.

Natuur in goede handen - Particulier en agrarisch natuurbeheer in Nederland, Elsevier bedrijfsinformatie, ISBN 9054391103, 22,50 euro.

Re:ageer