Wetenschap - 1 januari 1970

Muggenplagen te bestrijden met slim waterbeheer

Muggenplagen te bestrijden met slim waterbeheer

Muggenplagen te bestrijden met slim waterbeheer

Inwoners van Ruigahuizen in Zuidwest-Friesland hebben veel last van steekmuggen. Onderzoekers van het Instituut voor Bos- en Natuuronderzoek (IBN-DLO) concluderen in een onderzoek voor Staatsbosbeheer dat verfijnd waterbeheer een oplossing kan bieden


Staatsbosbeheer regio Friesland-Zuid stapte met het muggenprobleem naar IBN-DLO nadat omwonenden van de Starnuman bossen bij Ruigahuizen geklaagd hadden over muggensteken. De onderzoekers toonden aan dat de steekmuggen zich ontwikkelen in greppels in die bossen. De greppels staan soms onder water, en soms staan ze droog. Om de overlast te verminderen, zo concluderen de onderzoekers, kunnen de Friezen hun waterbeheer verfijnen: ze kunnen de greppels dempen, of greppels koppelen aan permanente wateren, zodat kevers en vissen de muggenpopulatie in toom kunnen houden

Het bos zal altijd een systeem met muggen blijven, vertelt IBN-onderzoeker Tjeerd-Harmen van den Hoek. We kunnen ze niet volledig elimineren. Maar wanneer we de greppels verbinden met het permanent watervoerende kanaal aan de noordkant van het bos zal het aantal steekmuggen verminderen. Kevers en vissen die in dit kanaal voorkomen zijn namelijk natuurlijke predatoren van de mug.

Een andere oplossing is volgens Van den Hoek een gang te creƫren tussen het bos en de huizen van de omwonenden. Na het kappen van een strook bos zullen de muggen minder snel mensen bereiken. Ze geven namelijk de voorkeur aan vochtige, schaduwrijke gebieden en mijden open stukken grond

Momenteel is Staatsbosbeheer in overleg met de gemeente Gaasterlan Sleat in Friesland om een strook van de Starnuman bossen te kappen en een tiental greppels te verbinden met een permanent watervoerende sloot in het noordelijk deel van de bossen. Probleem is alleen dat de bossen een hoge natuurwaarde hebben. Daarom zal er in een ander gebied een nieuw stuk bos voor in de plaats moeten komen

Van Den Hoek deed zijn onderzoek samen met dr ir Piet Verdonschot. Ze ontdekten vier verschillende soorten veensteekmuggen: de Aedes cinereus, Aedes cantans, Aedes punctor en Aedes communis. De larven van deze muggen leven in stilstaande wateren die van tijd tot tijd droogvallen. De eieren worden in de Starnuman bossen afgezet op de randen van greppels en komen uit als het water dit peil bereikt. In het natte jaar 1995 kwam in korte tijd een massa eitjes uit, gelegd in de twee voorgaande, relatief droge jaren. Juist plassen die ontstaan door regenval zijn een perfecte omgeving voor de larven en poppen van steekmuggen, omdat ze hier zijn gevrijwaard van predatoren

De laatste tijd klinken in Nederland waarschuwingen dat malaria weer de kop kan opsteken door het aanleggen van natte natuurgebieden en door trends als het wonen aan water. Harde aanwijzingen voor een toename van steekmuggenplagen door de uitbreiding van plassen en moerassen in Nederland zijn er echter volgens Van den Hoek niet. Het ligt aan de specifieke inrichting van een gebied of steekmuggen in aantal toenemen. Wanneer bijvoorbeeld een nieuw aangelegd moeras in verbinding staat met een permanent water zoals een rivier, voorkomen vissen en andere predatoren een explosieve toename van steekmuggen.

En of ooit de malaria weer zal toeslaan? Steekmuggen brengen het malariavirus niet over. Alleen de Anopheles-mug brengt dit virus over op mensen. Deze muggen zijn wel aangetroffen in het noorden van Nederland. Maar we weten weinig over de verspreiding van het organisme dat dit virus overdraagt naar de Anopheles-mug. H.B

Re:ageer