Student - 2 juni 2016

Mortierstraat 14B - Praten

tekst:
Rob Ramaker

Wat voorafging: Bianca wil ondanks haar koudwatervrees naar het buitenland. De zoen met huisgenoot Filippo compliceert deze beslissing verder.

Toen ze begon te praten, voelde Bianca onmiddellijk dat ze het niet droog ging houden. ‘Waarom ben ik zo’n angsthaas?’, vroeg ze snikkend. Ze zat bij Ellen op de Ikea-bank naast twee koppen koud geworden thee. Afgelopen jaren was de helft van haar bekenden uitgezworven over de wereld: vrijwilligerswerk doen, wroeten in termietenheuvels, kutvogeltjes tellen op fucking Borneo. Allemaal zonder angst en twijfels. Waarom zat zij al te grienen na het versturen van een sollicitatiebrief?

‘Denk je dat ik al mijn huilbuien op mijn blog zette?’, kaatste Ellen terug. ‘We houden ons allemaal groot in het buitenland. Je hoort alleen de Facebook-versie.’ ‘Maar ik ben nog niet eens weg en ben al in paniek.’ ‘Lieve schat, als het niet spannend was, waarom zou je dan überhaupt gaan?’

Bianca bedaarde. Over Filippo had ze helemaal niet verteld. De zoen. Het maakte het allemaal nog ingewikkelder. Wat zou het betekenen om nu een paar maanden weg te gaan? Of om juist te blijven? Ze had Filippo nog niet alleen getroffen en op de app hield ze de boot af. ‘We moeten snel écht praten’, was het mantra. Tijdwinst; ze had geen idee wat ze wilde zeggen.

‘Je moet deze gedachtegang loslaten’, zei Ellen. ‘Het is nog niet eens zeker dat je gaat. En zodra je mag, moet je nog een kamer regelen, een vlucht. Als dat klaar is, heb je mijn toestemming als een kip zonder kop in paniek te raken.’ Bianca lachte onwillekeurig.

‘Oké, en nu wil ik de laatste KSV-roddels horen’, zei Ellen resoluut. Ze maakten verse thee en Bianca voelde zich lichter worden.

Toen ze even later op haar fiets stapte, trilde haar telefoon. Een mailtje. Van het project waar ze had gesolliciteerd. Zonder deze te openen, stapte ze op de fiets. Maar twee straten verder stapte ze alweer af om toch, klungelend met haar telefoon, het mailtje te openen. Scannend kwam ze het woord accepted tegen. Enigszins beduusd fietste ze weer verder.

Ik hoef in ieder geval niet te huilen, dacht ze smalend. Het fietstochtje van tien minuten kalmeerde haar en tot Bianca’s eigen verbazing was de beslissing helder. Natuurlijk zou ze gaan. Nu alleen nog even praten. Écht praten.


Re:ageer