Organisatie - 1 januari 1970

Mooie liedjes over honger en ellende

Boomonderzoeker Sven de Vries zingt graag Ierse liederen. Ruim vijftien jaar geleden trad hij voor het eerst op met zijn collega en gitarist Jitze Kopinga als ‘The Murphy’s’. De naam verwijst naar het Ierse bier dat wordt geschonken in café De Zaaier, waar ze debuteerden. Vrijdag 17 maart speelden ze er weer, ter ere van St. Patrick.

‘The Murphy’s begon als band van twee collega’s. We ontdekten dat we allebei veel Ierse liederen kenden. Toen het Wageningse café de Zaaier livemuziek zocht voor de zondag, zijn we samen gaan spelen’, vertelt De Vries. Sinead Daly, een Ierse die in Wageningen woonde en ook in Gaelic zingt, kwam later bij de band. De drie treden een keer of tien per jaar op. ‘Vroeger voor gratis bier, maar inmiddels krijgen we ook geld.’
De Vries en Kopinga zijn beiden autodidact. De Vries: ‘Ik ben gewoon liederen gaan nazingen en heb veel geoefend in de derde helft van het rugby, waar het gebruikelijk is om in de kantine met de tegenstander te zingen.’ Voor teksten was hij in de beginjaren aangewezen op platenhoezen en schaarse boekjes uit Ierland. ‘Nu kun je ze zo vinden met Google Lyrics.’ Hij komt weinig in Ierland maar houdt gewoon van de volksliedjes. ‘Ze zijn melancholisch, triest, gaan over honger, ellende en drank.’
Zijn collega Jitze Kopinga begon vijfenveertig jaar geleden met gitaar spelen. ‘Ik heb een blauwe maandag les gehad. Maar als ik een liedje gehoord heb, kan ik het vrij snel naspelen.’ Begin jaren tachtig speelde Kopinga Nederlandse volksmuziek met Dommelvolk, en tegenwoordig met Folkcorn. Ierse liederen vindt hij mooi door hun tonaliteit. ‘Heel lichtvoetig.’ Op zijn werkkamer op Alterra staat ook een gitaar. ‘Handig voor sketches bij collega’s.’ Zijn gitaar vergezelt hem ook naar buitenlandse congressen. ‘Muziek maken ontspant en maakt vrolijk. Op een congres is het goed voor je netwerk.’ / YdH

Re:ageer