Organisatie - 30 augustus 2007

Moet Bornsesteeg gemengd blijven?

Als het aan de Wageningse studentenhuisvester Idealis ligt, wonen er in de toekomst alleen nog maar niet-Nederlandse studenten in de Bornsesteeg. Op die manier komen er honderdvijftig extra kamers voor hen vrij. Bovendien hoeven gemengde afdelingen met een kwart of meer buitenlanders daardoor niet verder belast te worden, zegt Idealis. Goed plan?

304_opinie_0.jpg
304_opinie_0.jpg

Foto: .

Marca Gresnigt, oud-voorzitter van Bornsesteeg voor het SFO
‘De bewoners van de Bornesteeg zijn gewoon per brief geïnformeerd. Binnen het SFO hadden we er wel lucht van gekregen, maar het was niet duidelijk dat de plannen al zo ver gevorderd waren. Ik vind het een slechte ontwikkeling voor de bewoners van de Bornsesteeg. Er komen meer buitenlanders hier studeren, maar als je ze allemaal bij elkaar stopt, gaat dat ten koste van het afdelingsleven. En op de Bornsesteeg is het afdelingsleven sowieso al best beperkt, de meeste mensen die hier wonen zijn wat meer op zichzelf. Nu is er maar net voldoende overleg om de afdeling draaiende te houden. Het was al moeilijk om afdelingsvertegenwoordigers te vinden, maar met het nieuwe beleid wordt het bijna onmogelijk.
De Nederlanders die hier nog wonen, gaan nu veel sneller verhuizen, en daar stuurt Idealis misschien ook wel op aan. Maar nog elke dag zijn er buitenlandse studenten die hulp nodig hebben omdat ze niet begrepen worden bij de C1000 of het postkantoor. Wie moet er straks een brief voor ze vertalen of uitleggen hoe de wasmachine werkt? Vooral nieuwe studenten hebben hulp nodig om wegwijs te worden.
Trouwens, Borney’s zal er ook wel onder te lijden hebben. Er zijn veel mensen bij betrokken, de meeste taken kunnen wel vervuld worden. Maar voor het bestuur heb je echt een paar Nederlanders nodig, vooral voor de post en communicatie.’

Lucero Oyarzún, woont op een gemengde afdeling op de Haarweg[img]
‘Ik vind het je reinste pure onzin om alle buitenlandse studenten bij elkaar te stoppen in een flat. Ik vind het erg dat als mensen hier komen studeren en de taal niet spreken, ze dan zo worden geïsoleerd. Zo kun je toch nooit integreren? Ik vind het gewoon asociaal, zeker omdat de universiteit internationaal is en dan toch alle buitenlanders op een hoop veegt. Ik las in Resource dat er te weinig omgang is tussen buitenlanders en Nederlanders, dus hoe kun je dat beter regelen dan door bij elkaar te wonen?
We wonen hier met twaalf mensen, onder wie vier buitenlanders en twee half-Nederlanders. De voertaal op de afdeling is Engels, een kleine moeite. Wat ik leuk vind is dat je veel gevarieerde muziek hoort. We doen ook gewoon spelletjes als poker en Colonisten. Ik merk wel dat we minder vaak samen eten dan als er alleen Nederlanders wonen. Dat komt omdat iedereen toch een eigen ritme heeft. Soms zijn er wel mensen die minder betrokken zijn, maar dat ligt meer aan de persoon dan aan de nationaliteit.
Er heeft hier een Portugees meisje gewoond en tijdens de WK voetbal had ze een Nederlandse vlag met een Portugese omgeruild. Toen hebben we met zijn allen voetbal gekeken.’

Claudia Schoester, woont op een gemengde afdeling op de Bornsesteeg[img]
‘Op zich vind ik het niet zo erg. Op het ogenblik zitten er in twee van de elf kamers Nederlanders. Dat is niet zo bijzonder want de laatste tijd wonen er meestal maar drie, soms vier. Ik ben nu afdelingsvertegenwoordiger en zie ook dat de buitenlanders hun rekeningen meestal sneller betalen dan de Nederlanders. Het is alleen lastig om iemand te vinden die deze klus kan overnemen, want mensen blijven hier meestal maar kort wonen. Sinds een jaar rouleert het eigenlijk heel snel. Er is nu een vaste kliek van drie á vier mensen. De vertrouwensband met de rest wordt wel iets minder. Dat is niet ideaal, maar daar wen je wel aan. Hoewel, ik denk niet dat ik dit lang volhoud. Over twee jaar woon ik vermoedelijk ergens anders. Het is hier ook net een hotel.
Als ik me goed kan herinneren, kregen we een jaartje geleden nog een brief van Idealis waarin ze hun excuses aanboden omdat hier eigenlijk zestig procent van de bewoners Nederlands zou moeten zijn. Daar is na die brief niks in veranderd.’

Wietse Dekker, woont op Asserpark. Bij de voordeur hangt een kaartje met de tekst ‘dit is geen hotel’[img]
‘Een kwart van onze afdeling komt uit het buitenland, en toch bevalt het mij hier prima. Het is heel gezellig zelfs. Als er een feestje is doet iedereen gewoon mee, en we eten hier vaak ook samen. Nou moet ik zeggen dat ik zelf ook wel makkelijk contact maak. Maar het is ook erg te danken aan de buitenlanders zelf. Er woont hier een meisje uit China en een jongen uit Kenia. Er zijn helemaal geen problemen met hen, zoals bijvoorbeeld over het gebruik van de keuken. En het Chinese meisje maakt misschien wel het beste schoon van allemaal. Maar ze zitten hier dan ook al een tijdje. Dat scheelt. Ik denk dat ze hier al twee jaar zijn, of langer. Dan krijg je ook wel een band met elkaar. Zo is onze afdeling best een hechte club, ook met de buitenlanders erbij.’

Ebenezer Lamptey, uit Ghana, woont op een internationale afdeling in de A-vleugel van de Bornsesteeg[img]
‘Weet je, voor ons is het belangrijk dat we een goede kamer hebben met goede voorzieningen, en liefst niet al te duur. Duur is het wel, maar over de kamers heb ik niets te klagen. Meer hebben we niet nodig. We zijn hier gekomen om te studeren, en zodra we klaar zijn, gaan we weer naar huis. Zo simpel is het. Voor mij duurt dat nog een maand. Dan ben ik klaar met mijn opleiding bij Larenstein.
Ik woon hier nu ongeveer een jaar. Ik weet het niet zeker, maar er zijn hier denk ik wel een paar Nederlanders. Spreken doe ik ze niet. Iedereen is erg druk op deze afdeling. Wanneer ik ze tegenkom op de gang, groeten we elkaar wel. Maar ik ben nog nooit bij iemand langs geweest, en andersom is ook niemand bij mij op m’n kamer geweest.
Problemen zijn er verder niet. Sommige vrienden van mij, die op Asserpark wonen, hebben wel geklaagd over wat botsingen met Nederlanders over het schoonmaken, en het gebruik van de keuken, maar hier is niks aan de hand. Dat komt ook gewoon omdat iedereen op zichzelf woont.’

Re:ageer