Wetenschap - 1 januari 1970

Minder Campylobacter bij ‘droog geslachte’ kalkoenen

Minder Campylobacter bij ‘droog geslachte’ kalkoenen

Minder Campylobacter bij ‘droog geslachte’ kalkoenen


Salmonella bacteriën komen niet minder vaak voor in vleeskalkoenen die
droog in plaats van traditioneel zijn geslacht. De kans op een besmetting
met Campylobacter kan bij kalkoenen juist worden verminderd door de dieren
droog te slachten. Dat blijkt uit een studie van het Praktijkonderzoek
Veehouderij (PV).
Het aantal besmettingen in de pluimveesector met Salmonella en
Campylobacter is van veel factoren afhankelijk. Droog slachten werd
vergeleken met het traditionele slachtproces om het effect op de
voedselveiligheid vast te stellen. Deze manier van slachten houdt in dat de
dieren worden verdoofd door elektrocutie. De halsslagader wordt daarna van
binnenuit, via de snavel, aangesneden. De dieren verbloeden via de snavel.
Vervolgens worden de kalkoen droog geplukt in plaats van ondergedompeld in
warm water (het ‘broeien’). De karkassen worden tien dagen gekoeld bewaard
bij een temperatuur van nul graden Celsius. Deze behandeling verandert de
samenstelling van de bacterieflora. De effecten daarvan op het voorkomen
van Salmonella- en Campylobacterbacteriën zijn verschillend. Droog slachten
reduceert het aantal kruisbesmettingen met de Campylobacterbacterie. De
studie van het PV heeft geen invloed op het voorkomen van Salmonella kunnen
aantonen. | L.d.B.

Re:ageer