Student - 7 september 2009

Met tortillabuikje op onderzoek in Guatemala

Ze wil de agrarische wereld helpen. Marlinde Koopmans, zelf van boerenafkomst, ging ervoor naar Guatemala. De Wageningse VHL-student Regional Development and innovation trok van dorp naar dorp en onderzocht de kredietbehoeften van koffieboeren.

EchteWerk_Marlinde_Ikgroot.jpg

'Guatemala is prachtig en heel groen, alsof het altijd lente is. Maar er zijn ook vulkanen; het land is onrustig. De burgeroorlog die er tot 1996 woedde heeft de cultuur compleet weggevaagd. De meeste rituelen waar ik over had gelezen zie je nergens meer.'
23 talen
'Ik werkte voor Trias, een Belgische ontwikkelingsorganisatie. Voor twee lokale partners onderzocht ik de kredietbehoeften van koffieboeren. Daarmee kunnen een microkredietverstrekker en een biologische koffiecoöperatie hun diensten op elkaar afstemmen. Ik startte mijn stage met een cursus Spaans. Dat is de hoofdtaal, maar er worden wel 23 talen gesproken. Ik dacht, 'mooi, dan spreken we allebei slecht Spaans'. Maar nee, in de dorpen spraken de mensen echt uitsluitend Qeqchi. Ik had mijn vertaler hard nodig en heb veel geobserveerd. Voor mijn doen was ik heel stil.'
Iedereen rende weg
'Doordeweeks zat ik op het platteland. Ik sliep in hutjes met een vloer van kaal zand, ik vond het een beetje op kamperen lijken. Elke dag at ik tortilla met bonen en ei. Ik dronk koffie, want drinkwater was er niet. Ik kreeg daar zo'n tortillabuikje van. De meeste mensen zijn Indianen, al is dat eigenlijk een scheldwoord. Westerlingen zien ze nauwelijks. Toen ik in het eerste dorpje aankwam rende iedereen weg. Ik ben één meter tachtig lang en heb blond krullend haar, dat was te veel. Gelukkig kende mijn vertaler de mensen en durfden ze na een uur dichterbij te komen.'
Westers denken
'In de dorpjes worden vrijwel alleen gewassen voor de markt geproduceerd zoals koffie en kardemom. Dat maakt mensen afhankelijk. Als je vraagt waarom ze niets anders produceren krijg je opmerkingen als: 'Er groeit bij ons niets anders'. Er zijn talloze kraampjes waar iedereen hetzelfde verkoopt. Pas als je een hele tijd in zo'n land bent merk je hoe wij met het economisch denken doordrongen zijn. Toch zijn er ook wel overeenkomsten: de positie van agrariërs is zwak. Je bent gek als je boer wordt. Voedsel is te goedkoop. Volgens mij zit er een fout in het systeem. Ik wil me daar meer in verdiepen. Op het hbo krijgen we vooral veel praktische kennis. Mijn minor ga ik aan Wageningen Universiteit doen. Ik wil opkomen voor de boeren, waar ook ter wereld.' /Stijn van Gils

Re:ageer