Wetenschap - 28 maart 2002

Mensenwerk: Moniek Kars, studente Milieuhygiëne, werkte met Oegandese straatkinderen

Mensenwerk: Moniek Kars, studente Milieuhygiëne, werkte met Oegandese straatkinderen

'Terug in Nederland merk je dat je enorm bent veranderd'

Op het vwo was Afrika een droom voor Moniek Kars. Vanuit Wageningen kon die droom werkelijkheid worden. Toch moest ze enorm vechten om een stage in Afrika te kunnen regelen. In Oeganda bracht ze uiteindelijk de problematiek rondom de waterhyacint in kaart. Daarnaast werkte ze ??n dag in de week met straatkinderen. Door dat werk ontdekte ze het leven zoals ze het wilde: "In het najaar ga ik voor drie of vier weken terug. Als het dan weer zo is als afgelopen keer, dan blijf ik."

Moniek Kars heeft een verhaal te vertellen. Ze wil dat mensen weten wat er zich elders op de wereld, in haar geval met straatkinderen in Oeganda, afspeelt. In Wageningen, maar ook in Oudewater, het stadje waar haar ouders wonen. "Dan word ik maar de zoveelste die rond gaat om geld in te zamelen!"

Toen Kars uit Wageningen richting Oeganda vertrok, wist ze al dat ze naast haar veldwerk ook vrijwilligerswerk wilde doen. Ze had een adres van de organisatie Missie en Jongeren meegenomen om in Jinja, het stadje waar ze woonde, te kijken of het mogelijk was ??n dag in de week in hun weeshuis mee te helpen. Het werd een enorme teleurstelling. "Ik ben daar gillend weggegaan. De beheerder liep met een ijzeren staf rond om wanneer nodig een tik uit te delen. Afrikaanse kinderen, zo was de filosofie, moet je slaan tijdens de opvoeding. Nou, dan ben je bij mij echt aan het verkeerde adres."

Via verder rondvragen kwam Kars tenslotte terecht bij een andere christelijke organisatie, Child Restoration Outreach, die werkt aan opvang van de vele straatkinderen van Jinja. Aanvankelijk waren ze bij de organisatie niet zo enthousiast over haar komst. Ze wilden geen wisselend beleid voeren, waarbij om het half jaar de begeleiding opstapt en de kinderen alleen achter laat. Kars besloot een plan te schrijven waarin ze aangaf wat zij de kinderen kon bieden: les over de vissen in het meer, volleyballen en sporten, computerlessen en creatief bezig zijn.

Ze mocht komen en dat veranderde haar kijk op het leven voorgoed. "In Nederland ken ik niemand die HIV heeft, daar waren er opeens velen van wie ik de naam kende. Een jongetje van zeven liep 85 kilometer naar de hoofdstad. Hij werd daar in elkaar geslagen en kwam half dood terug. De straatkinderen waren allemaal aan de drugs. Als we de straat opgingen om kinderen uit te nodigen voor het project, waren sommigen te stoned om je een hand te geven. Ze werden mishandeld door de politie, in elkaar geslagen en gedwongen hun eigen pis op te drinken. Toen ik dat hoorde, heb ik naar huis gebeld en alleen maar gejankt. Ik voelde me zo rot en schuldig."

Kars besefte dat haar schuldgevoel de kinderen niet zou helpen. Toch begon ze zich af te vragen waarom ze ontwikkelingswerk wilde doen. Was het uit schuldgevoel of omdat ze het zo zielig vond? Een belangrijke conclusie voor haar was dat armoede de waardigheid van het leven naar boven laat komen. "Ik kan het niet omschrijven. Het leven daar is heel intens. De dood is van iedere dag en het is heel normaal dat je zorgt voor de kinderen van een ander. In Nederland zijn mensen zo verwend, maar ze zien het niet meer. Afrika is zo groot, zo droog, maar juist dat ene slokje water is lekkerder dan waar dan ook! Toen ik de kinderen een rondleiding gaf op het onderzoeksinstituut waar ik werkte, kwamen we langs een aquarium met bijzondere vissen. Zegt ??n van de jongetjes: dat is toch zonde, dat is eten!"

Pas toen ze terug kwam naar Nederland kreeg Kars last van een culture shock. Ze was bang om naar de supermarkt te gaan omdat er zoveel keuze was en ze was bang om mensen te ontmoeten en haar verhaal te moeten vertellen. "Toen ik daar heen ging, had ik me ingesteld op het ergste. Als je terugkomt denk je dat alles hetzelfde is. Dat is ook zo, alleen ben je zelf enorm veranderd. Ik had pijn in mijn buik van de heimwee en was voortdurend zenuwachtig dat ik te laat op afspraken zou komen. 'African time is no time'. Dat wil ik vasthouden, het leven wat gemakkelijker te zien. Waar maak je je druk om. Hakuna matata, maak je geen zorgen."

Arin van Zee

Moniek Kars beleefde Afrika: "Het leven daar is heel intens." | Foto Guy Ackermans

Re:ageer