Wetenschap - 1 januari 1970

'Mensen moesten eens weten hoeveel er in hun zwembroek zitten'

Adriaan van Aelst en dr Gerrit Karssen vormen de drijvende kracht achter de expositie van foto's van miniscule nematodes. De nematodes zien er onder de elektronenmicroscoop uit als kleine monsters. Zo wordt de onzichtbare wereld zichtbaar die leeft in de zwembroeken van strandgangers. Gelukkig zijn de nematodes onschadelijk.

,,Dit is een reusachtig beest'', zegt Adriaan van Aelst. De microscopist van het Laboratorium voor Plantencelbiologie heeft het over een nematode met een doorsnede van niet meer dan tien micrometer, oftewel een honderdste millimeter. Zijn gevoel voor afmetingen is danig verwrongen na meer dan dertig jaar intensieve arbeid met elektronenmicroscopen. Maar hij doet ontdekkingen aan de lopende band, samen met dr Gerrit Karssen van de Plantenziektenkundige Dienst van LNV, die de vreemdste minuscule schepseltjes meeneemt uit badplaatsen, duingebieden en graslanden. Nematoden met een soort spijker in de kop, meerdere penissensoren, en in staat om hele golfvelden te vernielen.
Met het blote oog zijn nematoden nauwelijks of niet waarneembaar, en dat is maar goed ook. Als je de elektronenmicroscoop erbij pakt, blijken het monsters. Vreemd kronkelende beesten met schubben, honderden sprieten, twee of meer donkere holtes in de kop die moeten doorgaan voor ogen, en precies in het midden van de kop een vervaarlijk naar voren stekende lans of spijker, naar gelang de fantasie van de waarnemer.

Waterpoeltjes
We staan in het Laboratorium voor Plantencelbiologie, en Van Aelst laat trots een van de twee elektronenmicroscopen zien waar hij mee werkt, en een aantal beelden die zijn gemaakt van nematoden. ,,Deze scanning elektronenmicroscoop kan details laten zien tot zelfs twee nanometer. De microscoop zendt een elektronenbundel door het preparaat, en daarbij komen nieuwe elektronen vrij. Deze vrijgekomen elektronen worden opgezogen door een detector die in verbinding staat met een monitor waarop je een afgeleide beeld van het preparaat ziet.'' Zijn collega Karssen van de Plantenziektenkundige dienst staat naast hem. De nematodentaxonoom komt net terug uit Gent, waar hij gasthoogleraar is aan de universiteit en colleges heeft gegeven over ondermeer de nematoden die hij opvist in waterpoeltjes in landen als Spanje en Frankrijk.
Karssen: ,,Ik ben net bezig met een verzameling nematoden uit Spanje. In slechts 10 milliliter drab, op het drukste strand in Malaga, vond ik zo'n drieduizend nematoden.'' Van Aelst: ,, Mensen moesten eens weten hoeveel er in hun zwembroek zitten.'' Op de vraag of de nematoden gevaarlijk zijn, antwoordt Karssen ontkennend. Tot nu toe zijn er geen gezondheidsbedreigende soorten gevonden. Het is dus alleen zaak dat badgasten zich niet te veel druk maken over het monsterlijke uiterlijk van de kleine beestjes in hun zwembroek. Dat geldt in het uitzonderlijke geval dat ze wel eens afbeeldingen hebben gezien van nematoden.
Als het aan Karssen en Van Aelst ligt, komen veel meer mensen te weten hoe nematoden eruit zien. Ze hebben het initiatief genomen voor een tentoonstelling. 26 sterk uitvergrote elektronenmicroscoopbeelden staan sinds 14 januari opgesteld in de centrale hal van het Ministerie van LNV in Den Haag. Daarvoor waren ze te zien op de Plantenziektenkundige Dienst te Wageningen. De rondreizende tentoonstelling komt dit voorjaar naar het Wagenings Museum De Casteelse Poort en een vervolg elders sluiten de onderzoekers zeker niet uit.

Doorntjes
Want de beelden zijn bijzonder. De getoonde beestjes lijken weggelopen van een andere planeet of ze zouden op de bodem van de oceaan kunnen leven. Wellicht denken sommige mensen eerder aan een computeranimatie. Echter, de uitzonderlijke gedetailleerdheid van de beelden wijst erop dat we hier te maken hebben met schepsels die echt bestaan. Karssen en Van Aelst proberen op de tentoonstelling de beestjes enigszins tot leven te brengen voor de bezoeker middels een verklarende tekst over de vreemde huidstructuren. Karssen: ,,Zo hebben we op het spiculum, het mannelijk geslachtsorgaan van een nematode, zeg maar een penis, twee kleine poriën gevonden die fungeren als sensoren. Verder vonden we een nematode die talloze doorntjes op de buik heeft, waarmee hij soortgenoten vastgrijpt bij het paren.''
Deze ontdekkingen hebben de onderzoekers te danken aan de elektronenmicroscoop, en omdat ze een goed duo vormen in het onderzoek. Van Aelst weet alles over de techniek van de elektronenmicroscoop en Karssen weet de beelden te interpreteren. ,,Ik ga in het veld op jacht naar nieuwe nematoden en in het lab is het ook weer een hele ontdekkingsreis'', zegt Karssen. Hij is te spreken over de esthetische waarde van de elektronenmicroscoopbeelden, maar dat kan natuurlijk nooit reden genoeg zijn voor al die ijver. Wat is de maatschappelijke betekenis van het onderzoek? Karssen, die immers werkt bij de Plantenziektenkundige Dienst, denkt vooral aan de schade die nematoden aanrichten in landbouwgebieden, maar ook op golfterreinen. ,,Zo onderzoeken we een zogeheten wortelknobbelnematode die de Yellow Patch Disease veroorzaakt: gele plekken in graslanden. In Engeland gaan hele golfvelden eraan.'' Van belang is het uiterlijk van de nematode te beschrijven, zodat men deze boosdoener kan identificeren als het nodig is.

Terschelling
Op de plank ligt verder een reuzennematode die gevonden is op Terschelling. Een keverspecialist vond de vier à vijf centimeter grote nematode, opgerold in het weefsel van een waterkever. Een gewone lichtmicroscoop voldoet al voor nader onderzoek, maar Karssen gaat met de elektronenmicroscoop op zoek naar alle kleine details. Hij wil verder vertellen over de reuzennematode, maar Van Aelst onderbreekt hem. ,,Nu schiet me iets te binnen: wat vind je van het idee om deze reuzennematode in het veld meteen in te vriezen, met waterkever en al. Je neemt gewoon een fles vloeibare stikstof mee. Het is natuurlijk het mooiste om een beest te onderzoeken in de staat waarin je ze aantreft. '' Karssen had daar nog niet aan gedacht en vindt het een goed idee. ,,We kunnen er inderdaad een paar invriezen. In het lab snijden we ze in dunne plakjes en leggen we ze onder de elektronenmicroscoop. Zo kunnen we proberen na te gaan hoe de nematode zo'n kever parasiteert.''
Karssen en ook andere nematologen zijn een andere preparatiemethode gewend. Ze leggen het beestje eerst in honderd procent alcohol zodat deze chemisch wordt gedood. Dan wordt het compleet gedroogd. Van Aelst: ,,Alles wat leeft, explodeert in het vacuüm van een elektronenmicroscoop.'' Karssen: ,,Maar de invries- of cryo-methode is zeker interessant. Het is ook een snellere methode. Ook de wortelknobbelnematoden zou ik op deze manier sneller kunnen onderzoeken.'' De twee collega's hebben een nieuwe uitdaging gevonden. Van Aelst: ,,Je kan er ook veranderingen in de tijd mee onderzoeken. Ik noem maar wat: een smeltend ijsje: de verandering in het aantal luchtbellen. Daar komt vermoedelijk het romige gevoel vandaan.''
Afgezien van ijsjes, is Van Aelst in ieder geval zeker van een continue aanvoer van interessante diertjes en plantjes om onder de elektronenmicroscoop te leggen. ,,Genetische gemodificeerde planten van het PRI, sponzen, rupsen, virussen, sluipwespen....''

Hugo Bouter

Re:ageer