Wetenschap - 20 april 2016

Meer voedsel in het Nijlgebied met regenwater 

tekst:
Albert Sikkema

Als de landen langs de Nijl gaan concurreren om irrigatiewater, loopt hun toekomstige voedselvoorziening gevaar. Maar als landen als Egypte, Soedan en Ethiopië gaan samenwerken in het waterbeheer en de regenafhankelijke landbouw in de vallei wordt gestimuleerd, dan komt er wel voldoende voedsel in deze regio. Dat blijkt uit Wagenings onderzoek.

Op dit moment wordt het meeste Nijlwater gebruikt voor irrigatie in Egypte. De Nijl loopt door 11 landen en van deze landen is alleen Egypte zelfvoorzienend in voedsel. De bevolking in deze landen groeit de komende tien jaar met 30 a 35 procent. Landen als Soedan en Ethiopië willen een groter deel van het Nijlwater gebruiken voor de productie van voedsel en waterkracht. Herverdeling van de waterrechten is een hot issue in de regio.

Onderzoekers van Alterra en de leerstoelgroep Milieueconomie gingen na hoe de landen rond de Nijl in het extra voedsel kunnen voorzien. Daartoe stopten ze data over het waterverbruik van de verschillende landbouwsystemen in het simulatiemodel WaterWise. Ook schatten ze de voedselvraag in de regio in 2025 en bepaalden ze welke investeringen in voedselproductie de meeste economische groei opleveren. Om niet afhankelijk te worden van de grillige wereldmarkt, mikten de onderzoekers op een zelfvoorzienende landbouw in de regio.

Als de landen ieder voor zich zelfvoorzienend proberen te worden en er geen handel tussen de landen plaatsvindt, dan slagen Egypte, Oeganda en Eritrea er niet in voldoende voedsel te produceren voor hun bevolking in 2025, vanwege gebrek aan water en geschikte landbouwgrond. En in Egypte zal dat voedseltekort verder toenemen als Soedan en Ethiopië besluiten om zwaar te investeren in irrigatie-landbouw in hun land. Daardoor kan de beschikbaarheid van water in Egypte met 40 procent afnemen en kan dit land in 2025 nog maar de helft van het benodigde voedsel produceren. Hoewel er in Soedan en Ethiopië nog veel ruimte is om de irrigatie uit te breiden, is dat niet de beste optie, constateren de onderzoekers in het tijdschrift Environmental Science and Policy.

Uit regionaal oogpunt loont het meer om te investeren in regen-afhankelijke landbouw in landen rond het Victoria-meer (Oeganda, Rwanda en Burundi) en Zuid-Soedan. Door de regenafhankelijke landbouw in deze landen te intensiveren en uit te breiden, leveren deze landen het leeuwendeel van het extra voedsel in 2025, zonder dat de  efficiënte irrigatielandbouw in Egypte wordt aangetast. In dit scenario ‘samenwerking’ moet Soedan investeren in de huidige, matig presterende irrigatielandbouw en krijgt Ethiopië iets meer waterrechten om haar landbouw langs de Nijl te ontwikkelen.

De regenafhankelijke landbouw zou in dat geval 75 procent van het benodigde extra voedsel leveren. Grootste uitdaging is dat de burgeroorlog in Zuid-Soedan stopt en dat deze jonge economie fors gaat investeren in landbouw.  In dat geval kan de voedselexport uit Zuid-Soedan naar de omringende landen (vooral Egypte) oplopen tot 1,8 miljard dollar per jaar, becijferen de Wageningse milieueconomen.


Re:ageer