Wetenschap - 13 september 2001

Meer samenhang in beleid helpt natuur vooruit

Meer samenhang in beleid helpt natuur vooruit

Natuurbalans: Rijk moet meer luisteren naar provincies en EU

De Nederlandse rijksoverheid moet meer zoeken naar samenwerking en samenhang tussen nationaal, internationaal en regionaal beleid voor natuur en landschap. Dat is de belangrijkste conclusie uit de Natuurbalans, de jaarlijkse beoordeling van de actuele toestand van natuur en landschap door onder meer Alterra en het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu. De inzet van de rijksoverheid om natuur te ontwikkelen, staat soms haaks op Europese natuurrichtlijnen en regionale idee?n over natuur en landschap.

De Natuurbalans biedt enkele positieve cijfers. Het areaal natuur in Nederland beslaat momenteel vijftien procent van het grondoppervlak, en is stabiel. De verwerving van grond voor de Ecologische Hoofdstructuur (EHS) loopt minder achter op schema dan vorig jaar. En op veel plekken in Nederland keert de natuur terug, zoals de das in Noord-Brabant.

Dat het aantal planten- en diersoorten in Nederland toch blijft dalen, komt doordat vooral de kwaliteit van de natuur te wensen over laat. Grote aaneengesloten natuurgebieden zijn zeldzaam, en juist daarin komen overgangsgebieden tussen nat en droog, hoog en laag, enzovoorts voor, waar relatief veel internationaal belangrijke planten- en diersoorten voorkomen.

Om de natuurkwaliteit te verbeteren, is meer samenhang en samenwerking in het natuurbeleid nodig, aldus mede-redacteur van de Natuurbalans drs. Saskia Ligthart. Volgens deze bestuurskundige van Alterra bevestigen lokale successen dat er op nationaal niveau meer op duurzaamheid gewerkt moet worden. De in natte duingebieden teruggekeerde aan bodemwater gebonden plantensoorten zullen alleen duurzaam overleven als voor langere tijd de waterwinning aan banden is gelegd. En of de opleving van de kwartelkoning in de nieuwe natuur in de uiterwaarden en de terugkeer van trekvissen als sneep, winde en kopvoorn in de Regge niet tijdelijk is, moet nog blijken.

Nu ligt volgens Ligthart de nadruk bij de rijksoverheid te veel op natuurontwikkeling, in tegenstelling tot de strikte juridische bescherming die de Europese Unie nastreeft. "De EU richt zich vooral op het behoud van bestaande natuur, Nederland juist op nieuwe natuur. Daardoor wordt natuur in Nederland onderhandelbaar." Zo zijn de kwetsbare brak- en zoetwaterslikken en schorren in de Westerschelde slechts ??n onderdeel in de onderhandelingen over de door Antwerpen gewenste uitdieping van de waterarm, naast de Antwerpse haveneconomie en de beveiliging tegen overstromingen.

Bij de befaamde korenwolf wreekte zich een ander aspect van het Nederlands natuurbeleid. "De EU is meer gericht op soorten buiten natuurgebieden, terwijl Nederland de meeste menskracht richt op de EHS."

Ook de samenhang met regionaal en provinciaal natuurbeleid is soms ver te zoeken. De nationaal gestimuleerde natte natuur die in de Noord-Hollandse duinen wordt aangelegd, blijkt bijvoorbeeld een bedreiging voor de daar regionaal aanwezige zandhagedis.

De Nederlandse overheid moet dus minder achter eigen idee?n als nieuwe natuur en de EHS aanlopen, lijkt de Natuurbalans te zeggen, en meer haar oor te luisteren leggen bij regionale, provinciale en internationale beleidmakers om zo te komen tot een beleid dat duurzaam en samenhangend de natuur vooruit helpt. | M.W.

Plaatselijk gaat het goed met de natuur: pas op voor laag overvliegende ooievaars. Of dat standhoudt, hangt af van het beleid van de rijksoverheid. | Foto Guy Ackermans

Re:ageer