Wetenschap - 1 januari 1970

Meer open ruimte dankzij dure huizen

Woningen met achtertuinen aan open landschap of water zijn twaalf tot vijftien procent meer waard dan vergelijkbare woningen elders, berekende Alterra. Als ontwikkelaars daar rekening mee houden bij stedelijke uitbreiding, hoeft minder open ruimte te worden opgeofferd aan bebouwing.

Ir Jan Bervaes en dr Jan Vreke onderzochten woningen uit het middensegment in Apeldoorn, Breda, Leiden, Purmerend, Spijkenisse en Zoetermeer. Groen en water leveren prijsstijgingen op tussen de vier en vijftien procent. Het best scoren woningen met water aan de achterkant (15 procent). Een goede tweede is open landschap aan de achterkant (12 procent). Een park aan de voor- of achterkant scoort de helft minder, waarschijnlijk vanwege het effect op veiligheid en privacy. Ook water of open landschap vóór de woning geeft circa 6 procent waardeverhoging.
Die hogere waarden van woningen die aan het water of het groen liggen, kunnen volgens Bervaes op twee manieren worden uitgebuit. Stedenbouwkundigen en landschapsarchitecten kunnen met de methodiek van Bervaes en Vreke beter uitkienen hoe ze financieel genoeg uit een bouwopgave kunnen halen, zonder alle beschikbare ruimte vol te bouwen.
Bervaes rekent een voorbeeld voor. ‘Stel, een huis kost 300.000 euro om te bouwen; de bouwgrond beslaat 30 procent (90.000 euro) van de totale bouwprijs; dankzij een uitgekiende ligging is het huis 30 procent (90.000 euro) meer waard. Die waardestijging gaat nu naar de eerste eigenaar van de woning. Maar als de ontwikkelaar van de woning rekening houdt met de waardestijging van de woning dankzij de ligging, dan zou hij 90.000 euro meer kunnen vragen voor de bouwgrond. Dat bedrag zou in de verbetering van de ruimtelijke kwaliteit geïnvesteerd kunnen worden.’ / MW

Re:ageer