Organisatie - 1 januari 1970

Meer geld voor universiteit

Volgend jaar kunnen de eerste vruchten geplukt worden van de reorganisaties van de stafafdelingen en de instituten. Dat blijkt uit de kaderbrief, een soort voorlopige begroting, die deze week bekend is gemaakt. DLO blijft naar verwachting uit de rode cijfers, de universiteit heeft ruim vier miljoen euro meer te besteden aan onderwijs en onderzoek.

Vice-voorzitter ir Kees van Ast is op basis van de cijfers voorzichtig optimistisch over de financiële toekomst van Wageningen UR. 'We maken nu moeilijke tijden mee, maar we kunnen nu aan de mensen laten zien dat er nog muziek in zit.' Voor de universiteit bevat de kaderbrief vooral goed nieuws. Doordat de studentenaantallen de afgelopen jaren licht zijn gegroeid, is er ongeveer twee miljoen euro meer te besteden. De raad van bestuur gaat er ook van uit dat de geplande bezuinigen op de overhead ruim vier miljoen bespaard.
De leerstoelgroepen zullen volgens van Ast op verschillende manieren profiteren van de meevallers. Het budget voor onderwijs en onderzoek gaat omhoog, en ook de vergoeding die een leerstoelgroep krijgt voor een afgeronde promotie wordt groter. Voorwaarde voor de extraatjes is wel dat de bezuinigingen op de overhead volgens plan verlopen. 'Alles wijst erop dat we dat gaan halen', stelt Van Ast, 'maar we hebben wel afgesproken dat we eerst de bezuiniging moeten halen, voordat we het geld uitgeven.'
Voor DLO valt er minder te juichen in 2006, maar als alles volgens plan verloopt, is het ergste financiële leed voor de instituten geleden. Van Ast rekent op een 'klein plusje'. De omzet van DLO zal naar verwachting dalen van 275 naar 270 miljoen euro.
Opvallend onderdeel van de kaderbrief is een vergelijking van de markttarieven van DLO met die van TNO en RIVM. De afdeling Financiën concludeert dat DLO in vergelijking met die twee concurrenten niet duur is. Het tarief is vergelijkbaar met dat van het RIVM en ligt 26 procent lager dan bij TNO. 'Veel medewerkers klagen dat wij te duur zijn en daarom opdrachten mislopen' aldus Van Ast. 'Op grond van deze cijfers wordt die perceptie niet ondersteund. Wij zullen ook nog eens een vergelijking moeten doen met internationale concurrentie.' Volgens Van Ast zijn de tarieven niet meer dan kostendekkend. 'Je kunt vinden dat we te hoog zitten, maar dit is echt wat we kosten. Als je minder rekent, snijd je in je eigen vlees.' / KV

Re:ageer