Student - 22 februari 2011

Meebouwen aan een meisjesschool in Kenia

Hardloopster Lornah Kiplagat wil een meisjesschool oprichten in haar vaderland. Studenten en docenten van Van Hall Larenstein uit Velp geven advies over de inrichting van het terrein en bezochten het. 'Zelfs als het licht uitviel, werkten we door.'

Kenia_Adrian_Noortman-9.jpg
'Lornah heeft een groot hart en is enorm gedreven. Ze is beroemd, maar als je haar spreekt is ze heel gewoon.' Aan het woord is Sytske van der Kooi, studente Tuin- en landschapsinrichting. Samen met acht andere studenten en zeven docenten ging ze naar Kenia. De Keniaans-Nederlandse hardloopster Lornah Kiplagat wil in haar vaderland een school stichten voor driehonderd kansarme meisjes tussen de 14 en 18 jaar die anders geen voortgezet onderwijs zouden krijgen. Vlakbij de stad Eldoret ligt het terrein waar, behalve de school en verblijfsvertrekken ook een atletiekbaan, een kerk en een boerderij komen.
Geen blokje om
Eind januari en begin februari namen de bodemkundigen, land- en watermanagers en ontwerpers uit Velp het gebied in ogenschouw. Ze hebben het gebied en de bodem in kaart gebracht en de mogelijkheden voor de watervoorziening onderzocht. Hun bevindingen worden meegenomen in de plannen. 'Nu staat de atletiekbaan gepland in een vallei met een ondergrondse kleilaag. In de regenperiodes blijft er water in staan. Maar het is wel vruchtbare grond voor landbouw', geeft student Land- en watermanagement Nick Bakker als voorbeeld.
De zes studenten Tuin-en landschapsinrichting maken een ontwerp voor het terrein, als afstudeeropdracht. Van der Kooi: 'Er zijn hoogteverschillen en andere landschapstypen dan in Nederland.' En in Kenia hechten mensen niet zoveel waarde aan landschapsbeleving, vult studiegenoot Tim Kort aan. 'De mensen leggen te voet enorme afstanden af om van a naar b te komen. Ze lopen geen blokje om voor een uitzichtspunt.'
 
Kuilen in de weg
Het team logeerde op een boerderij, waar Lornah Kiplagat ook enkele dagen verbleef.  Het verblijf was erg intensief. 'We hebben veel gedaan, zelfs als het licht uitviel werkten we nog door', aldus Van der Kooi. De studente moesten wel wennen. 'De mensen zijn armer, de voorzieningen slechter. Op de snelweg moet je oppassen dat je niet met je hoofd tegen het dak stoot omdat er kuilen in de weg zitten', vertelt Bakker.
Omdat er geen kaartmateriaal en kennis over het terrein was, was de aanwezigheid van zeven docenten geen overbodige luxe. 'We hadden nooit zoveel boven water gekregen met een kleiner team', zegt docent Tuin- en landschapsinrichting Johan Vlug. De studenten zijn ook blij dat ze meedoen aan het project. Van der Kooi: 'Wij mogen de omgeving ontwerpen waarin de meisjes vier jaar lang wonen, leren en sporten, waarin ze de kans krijgen om zich te ontwikkelen.'
Bekijk ook het hele fotoalbum en de weblog die de studenten bijhielden.

De betrokkenheid van Van Hall Larenstein bij de Lornah Kiplagat Foundation wordt betaald met impulsgeld van het Ministerie van EL&I. In de toekomst draagt de hogeschool mogelijk nog bij aan de realisatie van de meisjesschool.

Re:ageer